31 december 2022

Terugblik op 2022

Zoals aan het eind van elk jaar is er de terugblik met de vraag of het glas halfvol of halfleeg is, of dat je een te groot glas gepakt hebt. Wat waren de hoogte- en dieptepunten van 2022?

Zoals de laatste jaren gebruikelijk is, was 2022 voor mij op sociaal vlak een vrij karig jaar. Op Facebook lijk ik niet meer te bestaan en deze site trekt met de dag minder bekijks. Vanwege het vele thuiswerken heb ik ook minder contact met mijn collega’s, hoewel we de laatste maanden weer wat vaker naar kantoor gaan. In ieder geval heb ik onlangs mijn eerste kerstdiner in Den Haag mee mogen maken. Hopelijk zullen er nog veel volgen.

Tegenover al deze treurverhalen staat natuurlijk ook iets heel moois, namelijk mijn relatie met Xiaomei. 2022 was ons eerste volledige jaar samen, hoewel we nog steeds niet samenwonen. Die verrekte huizenmarkt in dit land ook… Afgelopen jaar ben ik in de weekenden vaak op en neer naar Leiden gegaan, tot verdriet van Bounder, die ik dan steeds alleen achter moest laten. Aanvankelijk was het vanwege de lockdowns lastig om echt iets samen te kunnen doen, maar inmiddels zijn we alweer twee keer samen op vakantie geweest. Daardoor heb ik wel de nodige Formule 1-races gemist, uitgerekend in het Jaar van Verstappen.

De Formule 1 ben ik wel blijven volgen. Ik hoop zelfs een boek uit te kunnen brengen, hoewel in niet weet wanneer en of er ook een uitgever op te wachten zit. Diezelfde vraag heb ik over het manuscript van een wetenschappelijk artikel over inhalen in de Formule 1 waar ik al bijna een jaar niks meer van gehoord heb. Niet dat ik de illusie meer heb dat het artikel de wereld zou opschudden. Een vergelijkbaar artikel dat vorig jaar gepubliceerd werd, is nog altijd niet geciteerd.

Erg veel interesse in mijn schrijfsels is er de laatste tijd dus niet en dus had een blinde waarschijnlijk al aan zien komen dat ik gepasseerd zou worden als verslaggever op het Nederlands Jeugdkampioenschap Schaken. Dat schaakleed viel natuurlijk in het niets bij dat van onze Coen, die we helaas in 2022 achter moesten laten. Sowieso was het een vrij desastreus jaar voor BSG, met een tamelijk ongelukkige degradatie uit de eerste klasse. Zelf bakte ik er ook niet veel van, met veel nederlagen uit goede stellingen en remises uit slechte.

Toch staat er tegenover al dit leed wel iets moois. We hebben namelijk weer een clubblad! Als nieuwe redacteur kan ik me daar lekker op uitleven. Het betekent ook dat ik weer een publiek heb om voor te schrijven. Een clubblad is ook goed voor de sociale cohesie binnen de club. In het verlengde daarvan heb ik het idee dat BSG 1 ook weer meer als een team opereert, nadat alle corona-ellende toch wel gaten in het collectief had geslagen. Sowieso heb ik stiekem de hoop dat de wereld over het dieptepunt heen is en dat het de komende jaren alleen maar beter gaat.

In ieder geval ben ik hoopvol gestemd over de toekomst. We gaan het jaar beter uit dan we erin kwamen, die domme oorlog in Oekraïne en de torenhoge inflatie ten spijt. Ik hoop komend jaar stappen te kunnen zetten op de woningmarkt, dat ik regelmatig kwalitatief hoogstaand werk voor het clubblad aan kan leveren, dat mijn Formule 1-artikel eindelijk gepubliceerd wordt, dat ik de grootste lol ga hebben met het tekenen van een strip en dat ik ook weer wat beter ga schaken. En natuurlijk hoop ik dat Max zijn titel succesvol verdedigt.

Met die verwachtingen wilde ik afsluiten. Iedereen een fijn 2023!

30 december 2022

Erwin l’Ami Nederlands Kampioen

Vaak meegedaan, maar nooit echt succesvol: Erwin l’Ami en Nederlands Kampioenschappen waren nooit een gelukkige combinatie. Daar kwam vandaag verandering in. Na in de finale met Robby Kevlishvili te hebben afgerekend, mag de 37-jarige grootmeester zich eindelijk de beste schaker van het land noemen.

Na in de voorrondes zonder enige moeite drie gerenommeerde tegenstanders aan de kant te hebben gezet, mocht Erwin l’Ami het in de finale opnemen tegen Robby Kevlishvili, de spreekwoordelijke kat met negen levens. Het beste was inderdaad voor het laatst bewaard, omdat L’Ami voor het eerst in het toernooi echt tegenstand kreeg. Met wit probeerde hij het nog lang, maar moest hij in remise berusten, terwijl Kevlishvili in zijn witpartij al heel gauw voor een bekende zettenherhaling koos om het op een verlenging te laten aankomen.

In de verlenging kwam Kevlishvili heel ver. L’Ami trok dezelfde Spanjaard uit de kast als in de reguliere partij. Kevlishvili ging er nu wel vol voor en kwam ook overwegend te staan nadat L’Ami had verzuimd op f3 te slaan.

Kevlishvili – L’Ami, stelling na 16.Tec1.

Hier was 16…Lxf3 absoluut noodzakelijk. In plaats daarvan deed L’Ami 16…Pd8? en moest na 17.Pe1! c6 18.Pd3 Lg6 19.f4 Lxd3 de loper onder ongunstigere omstandigheden tegen het paard ruilen. In het vervolg stond L’Ami voor het eerst dit NK met de rug tegen de muur.

Kevlishvili – L’Ami, stelling na 47.Txa8. Klik op deze link voor de analyse.

Hier besloot L’Ami een pion te offeren om onder de druk uit te komen met 47…Ta7?! Na 48.Txa7 Dxa7 49.Dxc6 Da2 kwam de dame binnen. Kevlishvili besloot de dreigingen het hoofd te bieden met 50.Lf2? en kwam na 50…hxg4 51.hxg4 fxg4 52.Lxg4 Dxb3+ al gauw in moeilijkheden. Beter was 50.gxh5 gxh5 51.Lxd5, om pas na 51…De2 52.Lf2 te doen. 52…Lh4+ 53.Kxh4 Dxf2+ 54.Kg5 Dg3+ 55.Kf6 loopt dan nog net goed voor hem af. Zoals het nu ging, raakte Kevlishvili de regie over de partij binnen een paar zetten kwijt en kreeg hij een lelijke nul te slikken.

In de herkansingspartij kreeg Kevlishvili geen poot aan de grond, waardoor L’Ami overtuigend kampioen werd. Met zes zeges en twee remises was hij over het hele toernooi duidelijk de sterkste schaker. Positioneel was hij sterk en tactisch liet hij weinig steken vallen. Kennelijk komt zijn degelijke speelstijl beter tot zijn recht in deze minimatches dan in een regulier toernooi, waarin je soms ook risico’s moet nemen om partijen te winnen. Misschien had hij ook wat geluk dat zijn op papier gevaarlijkste concurrent Max Warmerdam al eerder werd uitgeschakeld en dat zijn angstgegners Jorden van Foreest en Friso Nijboer niet meededen, maar gezien de bloedvorm waarin hij verkeerde, hadden ook zij het heel lastig gehad.

Kevlishvili moest zodoende genoegen nemen met het zilver, een prestatie die hij aan zijn zwartpartijen, maar vooral ook zijn snelschaakskillz had te danken. Zowel tegen Lucas van Foreest als Max Warmerdam was hij in de verlenging succesvol. Wellicht zal hij nog wel spijt hebben dat hij vanochtend zo gauw remise maakte, gezien de kansen die hij in de barrage met een ambitieuzere aanpak in dezelfde opening kreeg, maar achteraf kijk je een koe altijd in haar hol. In ieder geval kan hij terugkijken op een uitermate succesvol NK.

Scores Erwin l’Ami op NK’s:
2003: 5-8e met 4 uit 9
2004: 4e met 5 uit 9
2005: 8-9e met 4 uit 9
2006: 8e met 5 uit 11
2007: 3-5e met 7 uit 11
2008: 4-5e met 6½ uit 11
2009: niet meegedaan
2010: 4-6e met 5 uit 9
2011: 9e met 2½ uit 9
2012: 2-3e met 5 uit 7
2013: 6e met 2½ uit 7
2014: 7e met 2 uit 7
2015: 6e met 2½ uit 7
2016: 3-4e met 3½ uit 7
2017: 4-5e met 3½ uit 7
2018: 2-5e met 4 uit 7
2019: 6-7e met 3 uit 7
2020: niet gespeeld
2021: niet meegedaan
2022: kampioen

Ondertussen is bij de dames Machteld van Foreest overtuigend kampioen geworden. Nadat ze in het vijfrondige toernooi al de sterkste was, moest ze om onduidelijke redenen nog een barrage spelen tegen Anne Haast, die op een half puntje achterstand tweede was geworden. In de barrage verpletterde ze de titelverdedigster, zodat huize Van Foreest een derde kampioen in hun midden heeft.

28 december 2022

Het Nederlands Kampioenschap Schaken: ronde 2 en 3

Op de valreep word dit jaar nog de Nederlands Kampioen Schaken aangewezen. Maar wie wordt het? Wordt het de man in vorm, Erwin l’Ami, of wordt het Robby Kevlishvili, die titelverdediger Max Warmerdam uit het toernooi kegelde? Morgen en overmorgen treffen ze elkaar in de finale.

Kwartfinale

Het Nederlands Kampioenschap Schaken is dit jaar een knock-outtoernooi. De vorige keer schreef ik al hoe de helft van de deelnemers naar huis werd gestuurd. Voor de kerst werd de kwartfinale gespeeld, met daarin de volgende affiches die de volgende vier afvallers zouden bepalen:

Dimitri Reinderman (2575) – Max Warmerdam (2619)
Erwin l’Ami (2627) – Sergei Tiviakov (2562)
Roeland Pruijssers (2538) – Erik van den Doel (2582)
Lucas van Foreest (2577) – Robby Kevlishvili (2530)

De kwartfinales lieten vooral onder de oppervlakte heel wat spektakel zien, met vechtschaak waarbij beide zijden de nodige kansen misten.

Roeland Pruijssers (2538) – Erik van den Doel (2582)

Helaas zat tussen al het spektakel ook een waanzinnige anticlimax. In een volkomen gelijke stelling vond er een enorme kortsluiting in het hoofd van Erik van den Dull plaats, waardoor hij pardoes zijn dame weggaf. Kennelijk was hij zo ontgoocheld dat hij er in de herkansingspartij met de pet naar gooide, waardoor Roelieboelie eenvoudig remise kon maken.

Dimitri Reinderman (2575) – Max Warmerdam (2619)

Spannender verliep de match tussen Dimitri Reinderman en de kampioen van vorig jaar. Na twee remises moesten de heren gaan verlengen. Toch had Max Warmerdam de match in de reguliere speeltijd al in zijn voordeel kunnen beslechten. Nadat Rendierman zich in de opening een flinke onnauwkeurigheid had gepermitteerd, kwam hij met wit al gauw slecht te staan.

Reinderman – Warmerdam, stelling na 14.Dc2.

De eerste zet waar je oog in deze stelling op valt is natuurlijk 14…Pcd5. Die zet is ook goed. Slaan op d5 verbetert zwarts structuur en komt niet in aanmerking, maar na 15.0-0 komt 15…Pf4! Wits paard op e3 snijdt al wits stukken op de damevleugel van de verdediging af, waardoor zwart na bijvoorbeeld 16.gxf4 Lxf4 17.Kh1 alle tijd heeft voor 17…Dh6! met een winnende aanval. In plaats daarvan speelde Marmerdam het timide 14…Ld7?! Een paar zetten later kreeg hij een herkansing.

Reinderman – Warmerdam, stelling na 19.axb4.

Zwarts toren staat aangevallen, waar gaat hij naartoe? Marmerdam koos g5 en na 19…Tg5 20.Ta5 Pcd5 21.Pcxd5 Pxd5 22.Pxd5 cxd5 23.Ta6 e3 kon hij de hele koningsstelling van wit openrijten. Het zag er echter beter uit dan het was. Beter was 19…Th5!, om na 20.g4?! verder te gaan met 20…Txh3!! Een mogelijk vervolg is 21.Lxh3 Pxg4 22.Lg2 Lh2+ 23.Kf1 Pxf2! en wits koningsstelling wordt volkomen ontmanteld. Moeilijk te zien natuurlijk.

In de return accepteerde Rendierman met zwart een klein nadeel in de opening, maar wist hij de partij nog binnen de remisemarge te houden. In de rapidpartijen verbeterde Rendierman zijn opening uit de eerste partij en maakte gauw remise. Met zwart ging hij opnieuw vrijwillig op de pijnbank liggen en gaf hij onder immense druk een kwaliteit weg, waarna hij het wel kon schudden.

Erwin l’Ami (2627) – Sergei Tiviakov (2562)

Erwin l’Ami was met twee zeges aan het toernooi begonnen en liet daar meteen nog twee zeges op volgen. In de eerste partij wist hij Sergei Tiviakov grootmeesterlijk te overspelen nadat de zwartspeler zijn d-pion tegen wits c-pion had geruild. Een bevrijdingsactie kostte een pion, waarna L’Ami de pion teruggaf om een gewonnen toreneindspel te bereiken.

In de herkansingspartij kon Tiviakov eveneens totaal geen vuist maken. In een Spanjaard ging zo ongeveer alles mis bij hem wat er maar mis kon gaan. Kijk maar naar de onderstaande ruïne, met twee statische dubbelpionnen in het centrum die al wits stukken in de weg staan.

Tiviakov – L’Ami, stelling na 22.Ta2.

Zwart heeft een simpel plan: het paard op f6 naar c5 omspelen, dus begon hij met 22…Le8. Na 23.Tfa1 Pd7 24.Lxa4 Pc5 was dat ten koste van een pion gelukt. Er was nog een directere speelwijze, namelijk 22…Pg4! 23.Te1 Pf4! 24.exf4 Pf2+ 25.Kg1 Pd1+! 26.Kh1 Pxc3 en zwart maakt materiaal buit. L’Ami bleef echter positioneel spelen en lijnde Tiviakov ook op de koningsvleugel helemaal aan.

Tiviakov – L’Ami, stelling na 43.Pe1.

Hier leek 43…Dh4 de aangewezen zet. Zwart moet nog even wachten met …g4-g3 spelen omdat er dan een paard naar f3 kan, maar na bijvoorbeeld 44.Pf1 Th8 dreigt het wel. 45.g3 Dh1+ 46.Kf2 Pxe4+ is over en sluiten. Misschien is het een kwestie van smaak, want in plaats daarvan koos L’Ami voor 43…Dg5, met als pointe 44.Pf1 Th8 45.Kf2 Pxe4+. Na 46.Dxe4 Lf5 zat de dame in de knip.

Lucas van Foreest (2577) – Robby Kevlishvili (2530)

Ontevreden moet Lucas van Foreest zijn geweest met zijn witpartij tegen Robby Kevlishvili. Hij besloot een ietwat speculatief kwaliteitsoffer niet aan te nemen, waarna hij positioneel minder kwam te staan zonder dat hij daar een materieel voordeel tegenover kon stellen. Zwarts damevleugelpionnen liepen hard naar voren en dus moest hij de koning omleggen.

Kevlishvili hoefde zodoende met wit alleen nog maar remise te maken en leek te veel op twee gedachten te hinken. Na in een Najdorf het vreemde en agressief ogende 6.h4 te hebben gespeeld, besloot hij het drie zetten later al over een andere boeg te gooien.

Kevlishvili – Van Foreest, stelling na 8…g6.

Na 9.fxe5? dxe5 10.Dxd8+ Kxd8 11.Lg5 Pd7 werd de stelling positioneel van aard en had wit alleen maar last van zijn zesde zet. In het vervolg werd Kevlishvili dan ook hard overspeeld.

In de rapidpartijen wist hij zich weer te herpakken, ook omdat Van Foreest in zijn zwartpartij ineens met een Spanjaard op de proppen kwam. Het was geen succes en ditmaal liet Kevlishvili het niet meer glippen.

Dimitri Reinderman (2575) – Max Warmerdam (2619) ½-½ ½-½ (w.n.s.)
Erwin l’Ami (2627) – Sergei Tiviakov (2562) 1-0 1-0
Roeland Pruijssers (2538) – Erik van den Doel (2582) 1-0 ½-½
Lucas van Foreest (2577) – Robby Kevlishvili (2530) 0-1 1-0 (w.n.s)

Halve finale

Na kerst vlogen de vier overgebleven kandidaten elkaar in de halve finale in de haren.

Max Warmerdam (2619) – Robby Kevlishvili (2530)
Roeland Pruijssers (2538) – Erwin l’Ami (2627)

Waar de route naar de finale voor de een een snelweg zonder afslagen werd, was het voor de ander een hindernisbaan. Kijk en huiver!

Roeland Pruijssers (2538) – Erwin l’Ami (2627)

Na twee keer de volle buit te hebben binnengehaald, was het niet zozeer de vraag of Erwin l’Ami het onderonsje tegen vaste klant Roeland Pruijssers zou winnen, maar of hij de krullenbol een genaderemise zou gunnen. Roelieboelie mocht met wit aanleggen en besloot het over een andere boeg dan anders te gooien en Schots te spelen, om zo het dameloze Berlijnse eindspel te vermijden waarin L’Ami hem in het verleden al meerdere keren had verslagen. Hij maakte zijn aanvallende intenties al gauw kenbaar met het nogal gare 8.h4. Net als in de partij van Kevlishvili kwam het idee totaal niet uit de verf omdat de dames al gauw geruild werden, waarna die h-pion “als een zere duim” uitstak, zoals de Engelsen dat treffend omschrijven. Het lijkt erop dat Roelie zich in de opening een onnauwkeurigheid permitteerde.

Pruijssers – L’Ami, stelling na 12…Le6.

Hier speelde wit 13.b3?!, en na 13…d5! 14.cxd5 Pxd5 15.Pxd5 Lxd5 16.Kf1?! kwam wit al wat verdacht te staan. Zwart voltooide zijn ontwikkeling en ging daarna met …a7-a5-a4 zagen. Wits h4-h5 bleek toch beduidend minder effectief. Handiger was dus 13.Lf3!, om na 13…Tc8 de toren van de a-lijn te hebben losgeweekt, waarna zwarts tegenspel over de a-lijn trager is en wit zonder al te grote bezwaren 14.b3 kan spelen.

Zoals het nu ging, werd Roelie volkomen overklast en dus restte hem de ondankbare taak om met zwart te winnen om er nog een verlenging uit te peuren. In een grijs verleden had Roelie eens succes met het Hollands, maar aangezien L’Ami een jaar later alweer wraak had genomen, valt het te begrijpen dat hij zich daar niet nog een keer aan wilde wagen. In plaats daarvan speelde hij iets saais waarin de dames opnieuw gauw van het bord gingen, dus werd hij opnieuw geruisloos door Erwimir L’Amnik van het bord geschoven.

Max Warmerdam (2619) – Robby Kevlishvili (2530)

Spannender was de match tussen Max Warmerdam en snelschaakspecialist Robby Kevlishvili. In de eerste partij kwam Wax Marmerdam goed te staan nadat Kevlishfischer in zijn bluf was getrapt.

Warmerdam – Kevlishvili, stelling na 23…f6.

In plaats van het saaie 24.fxe6 ging wit voor het schijnoffer 24.Lxd4?! Kevlishvili geloofde wit op zijn woord en antwoordde met 24…Lf7?, wat hout kostte na 25.Lxc5 Lxh5 26.g4 Lf7 27.Le4 en de penning dwingt zwart praktisch een volle toren te geven: 27…Te8 28.c4 Txe4 29.Txe4 Db8 30.cxd5. Beter was gewoon 24…cxd4, omdat zwart na 25.fxe6 een kwaliteit ophaalt met 25…Le3.

Zoals het nu ging, kon Marmerdam voor de winst spelen. Na een lange strijd moest hij vanwege zijn open koningsstelling echter in remise berusten. In de herkansingspartij kreeg hij met zwart echter opnieuw een kans om de match in zijn voordeel te beslechten. Opnieuw rammelde Kevlishvili’s Najdorf aan alle kanten. De grootste kans miste Marmerdam in de onderstaande stelling.

Kevlishvili – Warmerdam, stelling na 37.Tcc7.

Twee torens op de zevende rij, dat is eng, dus speelde Marmerdam timide 37…Th7? Toch lijken wits torens gevaarlijker dan ze zijn en kan zwart met 37…Lxh3! zelf toeslaan. De pointe is dat na 38.Txg7+ Kh8 39.gxh3 Pf3+ winnend is. Het onderbrekingsmechanisme wint de loper op e3 en de partij. Na deze, en enkele andere kansen gemist te hebben, eindigde ook deze partij vredelievend.

In de rapidpartijen werd het evenwicht eveneens niet verstoord, dus kwam het op vluggertjes aan. Marmerdam deelde de eerste tik uit door zijn zwartpartij te winnen. Kevlishvili sloeg daarna twee keer terug en plaatste zich alsnog voor de finale.

Max Warmerdam (2619) – Robby Kevlishvili (2530) ½-½ ½-½ (w.n.s.)
Roeland Pruijssers (2538) – Erwin l’Ami (2627) 0-1 0-1

Finale:

Erwin l’Ami (2627) – Robby Kevlishvili (2530)

Toernooisite

23 december 2022

Het Nederlands Kampioenschap Schaken is begonnen!

De kop is eraf! Gisteren en eergisteren werden de eerste ronden van het Nederlands Kampioenschap Schaken in Groningen gespeeld. Vanwege het Wimbledon-format konden acht van de zestien deelnemers gisteren al naar huis. Tijd om de ramptoerist uit te hangen!

In lang vervlogen tijden was het NK nog een statig elfrondig toernooi, waarin de twaalf deelnemers allemaal een keertje tegen elkaar speelden. Helaas is daar helemaal niks meer van over. Tienkampen werden achtkampen en vorig jaar werd het deelnemersveld via eenzelfde knock-outtoernooi uitgedund naar vier.

Het voordeel van een knock-outkampioenschap is dat het lekker overzichtelijk is. Bij het Wereldkampioenschap Voetbal en tennistoernooien worden de winnaars ook op die manier aangewezen. Het voorkomt salonremises die je aan het eind van schaaktoernooien vaak ziet. Het nadeel is natuurlijk dat veel spelers vroeg naar huis moeten door het onvergeeflijke karakter van het format. Iemand die vroeg in het toernooi de sterren van de hemel speelt, kan er in de finale niet meer bij zitten omdat hij halverwege het toernooi ergens een stuk had weggeblunderd. Zo heeft elk format wel zijn voors en tegens.

Blunders kwamen in de eerste ronde geregeld voor. De ronde was verder vrij tam, wat wellicht met de vrij grote speelsterkteverschillen te maken had. De sterkste deelnemers werden in ieder geval aan de zwakste gekoppeld, in de hoop dat de sterksten dan natuurlijk tot het laatst overblijven.

1. Max Warmerdam (2619) – Arthur de Winter (2368)
2. Mark Timmermans (2391) – Erwin l’Ami (2627)
3. Erik van den Doel (2582) – Hing Ting Lai (2486)
4. Sipke Ernst (2512) – Lucas van Foreest (2577)
5. Dimitri Reinderman (2575) – Robin Swinkels (2514)
6. Thomas Beerdsen (2521) – Sergei Tiviakov (2562)
7. Roeland Pruijssers (2538) – Twan Burg (2522)
8. Robby Kevlishvili (2530) – Hugo ten Hertog (2531)

Een korte bespreking per duel.

Max Warmerdam (2619) – Arthur de Winter (2368)

Hoewel de winter pas net begonnen is, is het toernooi voor Arthur de Winter alweer voorbij. Nog geen week nadat hij de Nederlands Kampioen van vorig jaar in de KNSB-competitie op remise had gehouden met zwart, moest De Winter nu tweemaal buigen. In de eerste partij kon hij zich klaarblijkelijk zijn voorbereiding niet meer herinneren toen hij op de volgende spannende stelling had aangestuurd:

Warmerdam – De Winter, stelling na 13.Pa3.

Na 13…cxb3? volgde 14.Le4! bxa2 15.d4 en wit is helemaal los. In het vervolg profiteerde Marmerdam dankbaar van de vele open lijnen naar zwarts koning. Hoe het dan wel had gemoeten? Zwart had 13…Pd5! moeten proberen, wat c3 aanvalt en anders dreigt hij het paard naar de koningsvleugel te dirigeren. Wit moet dan waarschijnlijk al aan de noodrem trekken en zijn dame offeren met 14.Pxc4 Pxc3 15.dxc3 Txd1 16.Lxd1 met een spannende stelling.

In de return had De Winter het met wit even voor het zeggen. In het vervolg werd hij langzaam overspeeld en moest hij nogmaals de koning omleggen. Warmerdam dus overtuigend door.

Mark Timmermans (2391) – Erwin l’Ami (2627)

Een week na zijn optreden tegen BSG mocht Mark Timmermans het tegen de geslepen Erwin l’Ami proberen. Net als vorig jaar lag hij er na twee nullen alweer uit. In de eerste partij moest hij in het Schots al gauw beide lopers voor paarden inleveren en kon hij niet veel meer dan tegenhouden. L’Ami speelde het nogal slordig uit, maar nadat Timmermans een remisekans onbenut had gelaten, won hij alsnog vrij simpel.

In de return kwam er een beetje een rare Nimzo op het bord, waarin zwart te passief speelde en wit gratis het centrum kreeg. In de volgende stelling probeerde hij de penning op het paard meteen te breken met 12…h6.

L’Ami – Timmermans, stelling na 12…h6.

De loper kan niet naar h4, want dan wordt ‘ie ingesloten, dus 13.Lxf6 Dxf6 14.De2 e5 15.f4 en wit had netjes vier op een rij, maar helemaal duidelijk was het niet, omdat de pionnen ook wat kwetsbaar zijn. Beter was, inderdaad, 13.Lh4!! Wit blijkt na 13…g5 14.Lxg5 hxg5 15.f4 een winnende aanval te hebben. Een voorbeeld: 15…Pd7 16.e5 Lxc4 17.Lxc4 Pxc4 18.Dh5 Pf8 19.fxg5 Pg6 20.Txf7! en uit.

Uiteindelijk wist L’Ami de tweede partij nog vrij eenvoudig te winnen, zodat ook hij door is naar de volgende ronde.

Erik van den Doel (2582) – Hing Ting Lai (2486)

Erik van den Dull had verrassend weinig moeite met snelschaakspecialist Hing Ting Lai, die zich vorig jaar nog voor het NK plaatste. In twee vrij saaie partijen kreeg Lai geen poot aan de grond en dus moest ook hij het toernooi na twee nederlagen verlaten.

Sipke Ernst (2512) – Lucas van Foreest (2577)

Het Groningse onderonsje tussen Ernstke Sip en Lucas van Foreest leverde geen winnaar op. In de eerste partij stond Van Foreest aanvankelijk beter en daarna Ernst, dus werd uiteindelijk de vredespijp maar gerookt. In de tweede partij kreeg Van Foreest in een Benoni geweldige aanvalskansen, maar toen hij de koningsvleugel dichtschoof, kwam zijn offensief tot stilstand en mocht hij bijna nog blij zijn dat het remise werd. In de barrage wist Van Foreest het speelsterkteverschil wel in de score tot uitdrukking te laten komen, waardoor ook hij door is.

Dimitri Reinderman (2575) – Robin Swinkels (2514)

In de eerste partij miste Dimitri Reinderman een kans in het late middenspel, waarna de partij in remise verzandde. Die misser had zich een dag later kunnen wreken, omdat hij in de herkansingspartij volledig werd weggeschoven door Robin Swinkels.

Swinkels – Reinderman, stelling na 36…Tf7.

Zwart staat met de rug tegen de muur, maar hoe moet wit nu verder? 37.Pa7? Dxe7 38.Pxb5 Dc5 was het in ieder geval niet. De winst was binnen te halen met de probleemzet 37.Te6! Na 37…Lxe6 38.dxe6 Dxe6 39.Pd4 De5 40.Te1 kan zwart zijn stelling niet meer bij elkaar houden. Op 40…Dc5 volgt namelijk 41.Pe6+ met damewinst.

Het was niet heel gek dat Swinkels dit niet zag, maar na zijn gemiste kans werd hij weggespeeld, dus ging hij tragisch ten onder.

Thomas Beerdsen (2521) – Sergei Tiviakov (2562)

Heel boos op zichzelf moet Thomas Beerdsen (wederom) zijn geweest. Hij besloot in de opening dapper een stuk te offeren tegen Sergei Tiviakov. Het kon allemaal, maar dan moet je wel precies weten wat je doet. Helaas was Beerdsen zijn voorbereiding op een cruciaal moment vergeten. De consequenties lieten zich raden.

Beerdsen – Tiviakov, stelling na 13…De7.

Zwart heeft zojuist wits loper gepend. “Geen punt”, zal Beerdsen hebben gedacht, die zijn loper gauw dekte met 14.De2? Na 14…Ld6 15.Lg5 Pf6 zal hij wel langzaam tot de conclusie zijn gekomen dat hij geen greintje compensatie voor het geofferde stuk had en dat hij dus zijn dure witpartij verkwanseld had. Juist was 14.Tg3!, zie 14…Pf8 15.Te3 Pxe6 16.d5 en wit wint zijn geofferde stukken weer terug.

In de herkansing maakte Tiviakov de fout door met wit slap alles af te ruilen in de hoop remise te maken. Hij zaaide daarmee enige verlieskansen. In de onderstaande stelling verraste Beerdsen hem met wederom een stukoffer:

Tiviakov – Beerdsen, stelling na 32.Lc4.

32…Pxc3!? 33.Pxc3 Lxc4 34.bxc4 Ld2 35.Pe4 Lxe1+ 36.Kxe1 Txc4. De afwikkeling heeft zwart een kleine kwaliteit gekost, maar na 37.Lxe7 f5 38.Lf6+ Kg8 39.Pd2 Ta4 ging wits a-pion eraan en moest Tiviakov nog uitkijken ook. Dat deed hij en in een eindspel met loper tegen toren wist hij nog vrij makkelijk remise te maken. Zelf zou ik dat eindspel, met het oog op de matchsituatie, nog 50 zetten lang hebben uitgemolken. Beerdsen legde zich wat sneller bij zijn uitschakeling neer.

Roeland Pruijssers (2538) – Twan Burg (2522)

Ik kan me niet herinneren dat ik Roeland Pruijssers ooit met 1.d4 heb zien openen. Toch deed hij dat tegen Twan Burg, vermoedelijk om diens Sicilianen te ontlopen. Hij kwam ook wat beter te staan, maar na een vreemde ruil was het Burg die eerder beter stond. In de herkansingspartij kwam er een Swesjnikov (Pelikaan?) op het bord, waarin Pruijssers Burg positioneel knap weg wist te spelen.

Robby Kevlishvili (2530) – Hugo ten Hertog (2531)

Onlangs won Hugo ten Hertog nog de schoonheidsprijs in de KNSB-competitie door een briljante overwinning op Robert Ris. Robby Kevlishvili besloot dezelfde variant als Ris te spelen, waarna Ten Hertog juist als eerste afweek. In een rare partij nam hij enkele vreemde beslissingen, waardoor hij het voor de tijdcontrole ineens voor zijn kiezen leek te krijgen.

Kevlishvili – Ten Hertog, stelling na 35…Kf8.

Hier volgde natuurlijk 36.Txf6+ en uit. Na 36…gxf6 37.De7+ Kg8 38.Pxf6+ moet zwart kiezen of hij zijn dame of zijn koning inlevert. Daarom probeerde Ten Hertog nog 36…Kg8! en dat had meteen succes, want na 37.Txg6? ontsnapte hij aalglad naar remise met 37…Df2+ 38.Kd3 Df3+ 39.Kc4 Txc3+! 40.Pxc3 Tb4+ 41.Kc5 Dxc3+ en wit ontkomt niet meer aan de schaakjes. Beter was daarom 37.Df7+ Kh8 38.Te6!, zodat wit na 38…Df2+ 39.Kd3 Df3+ 40.Pe3 kan spelen. Doordat het paard nog een keer extra gedekt is, werkt 40…Txc3+ niet meer.

In de herkansingspartij schotelde Ten Hertog Kevlishvili een vreemde Najdorf voor, waarin hij opnieuw merkwaardige beslissingen bleef nemen en volkomen overspeeld werd. Ook nu kreeg hij kort voor het eind nog een hele verrassende reddingsboei toegeworpen.

Ten Hertog – Kevlishvili, stelling na 39.Pe7.

Opnieuw een stelling waarin het paardenpaar het tegen het loperpaar opneemt. Wits laatste zet laat 39…Dd7 toe, met een dubbele aanval op het paard en veld d1, waarna wit kan opgeven. In plaats daarvan deed zwart 39…Lc3. Na 40.Pd5 Dxh5 41.Dg1 Dg4 kwam alles netjes op zijn pootjes terecht. Wit had zich echter nog met het briljante 40.Pxe5! Dxh5 41.P5g6!! kunnen redden. Na 41…Dxh2 is het eeuwig schaak met 42.Pf8+. Iets voor in de stappenboekjes!

1. Max Warmerdam (2619) – Arthur de Winter (2368) 1-0 1-0
2. Mark Timmermans (2391) – Erwin l’Ami (2627) 0-1 0-1
3. Erik van den Doel (2582) – Hing Ting Lai (2486) 1-0 1-0
4. Sipke Ernst (2512) – Lucas van Foreest (2577) ½-½ ½-½ (w.n.s.)
5. Dimitri Reinderman (2575) – Robin Swinkels (2514) ½-½ 1-0
6. Thomas Beerdsen (2521) – Sergei Tiviakov (2562) 0-1 ½-½
7. Roeland Pruijssers (2538) – Twan Burg (2522) ½-½ 1-0
8. Robby Kevlishvili (2530) – Hugo ten Hertog (2531) ½-½ 1-0

Het kaf is zodoende van het koren gescheiden. De resterende acht spelers zijn momenteel aan de gang voor de eerste leg van de tweede ronde. Stay tuned!

Dimitri Reinderman (2575) – Max Warmerdam (2619)
Erwin l’Ami (2627) – Sergei Tiviakov (2562)
Roeland Pruijssers (2538) – Erik van den Doel (2582)
Lucas van Foreest (2577) – Robby Kevlishvili (2530)

Toernooisite

17 december 2022

BSG sluit 2022 af met grote zege

BSG heeft een moeizaam schaakjaar afgesloten met een ruime overwinning. In het eigen Denksportcentrum werd degradatiekandidaat Dordrecht met 5½-2½ geklopt.

Arrogantie of een tactische kunstgreep? Doordat BSG tien spelers heeft voor acht borden, moet er voor elke wedstrijd besloten worden welke twee spelers vrijaf hebben. Tegen het laaggeplaatste Dordrecht werd uitgerekend Ton, het beste paard van stal, buiten de basis gehouden. Zijn plek aan het eerste bord werd ingenomen door Ruben, die juist geen denderend seizoen kent. Prompt trof hij Mark Timmermans, de sterkste speler van de gehele tweede klasse, tegenover zich.

Uiteindelijk bleek het geen bewuste keuze te zijn om Ton te passeren, maar lagen er droevige familieomstandigheden aan ten grondslag. Gecondoleerd Ton! Hopelijk ben je er de volgende keer weer bij (met schaakbordje). Ook Dordrecht had de nodige invallers. Aan het overdreven gehoest en geproest te horen, hadden ook zij en anders wel SHTV 2 of zo, de tegenstanders van het tweede, een nog heel wat vollere ziekenboeg kunnen hebben.

De middag begon vredelievend met een korte remise tussen Lennard den Boer en FM Henk. Al gauw verdwenen de meeste stukken van het bord en konden de handjes worden geschud. Daarna trapte BSG het gaspedaal wat dieper in.  Mark met zwart, dan weet je het wel. In een soort Koningsindiër leek hij niet zo goed te staan tegen Piet Pluymert, maar toen hij wits damevleugel af kon breken, wist hij rap de bordjes te verhangen. Vervolgens ging Vrolijke Frans er dwars doorheen bij Willem Versloot, die een Caro-Kann als een zachtgekookt ei speelde.

Het Apenhoofd kon het verschil weer eens niet maken. In het Russisch komt hij nog altijd niet verder dan бой начинается. Na lange denkpauzes wist hij zowaar een plusje te vergaren tegen Jacques Hennekes, maar nadat hij diens b-pion in leven had gelaten, zat er niks meer in en moest hij zetten gaan herhalen.

Eveneens van het Russisch bediende gelegenheidskopman Ruben zich tegen Mark Timmermans. Zoals de laatste jaren (helaas) gebruikelijk is, had hij een minder eindspel voor zijn neus. Met een pion minder probeerde hij in een lopereindspel er nog een halfje uit te peuren, maar uiteindelijk kreeg meneer Elo toch gelijk en moest hij de wapens strekken.

Aan de onderste borden hadden de gebroeders Brouwer plaatsgenomen. Rein stond de hele tijd beter tegen invaller Victor van Blommenstein, maar had nog moeite om de trekker over te halen. Timon stond juist niet zo best tegen Adri Timmermans (de vader van), maar wist de bordjes in het middenspel te verhangen. Met een stuk meer leek de winst een kwestie van tijd, maar nadat er meer een meer pionnen van het bord gingen, werd de remisemarge steeds groter. Gelukkig voor Timon was de witspeler zo vriendelijk zijn loper voor zijn laatste pion op te geven, waarna Timon het eindspel met paard en loper tegen een kale koning met vaste hand naar winst voerde. De partij eindigde in mat en daarmee heeft de teamleider nog altijd de volle buit (4 uit 4).

De wedstrijd was daarmee beslist en dus was Ewood alleen nog voor de eer bezig tegen de kalende Roland van Keeken. Na een ingewikkelde partij, waarbij Ewood werkelijk waar alle zetten na afloop afkraakte, bereikte hij het beruchte eindspel met toren en loper tegen toren. Dat eindspel bood nog goede praktische kansen vanwege de slechte stand van de zwarte koning. De fout kwam inderdaad, maar dan moet je natuurlijk wel weten hoe je ervan profiteert. Dat gebeurde niet, dus werd het punt gedeeld. Daarmee werd de eindstand op 5½-2½ voor BSG bepaald.

Dankzij de ruime zege klimt BSG naar de derde plaats ten koste van Rokado, dat met maar liefst 7-1 door Messemaker werd afgeslacht. Zonder Ton was de nazit in de plaatselijke pizzeria juist ingetogener dan anders, het goede nieuws ten spijt. Hopelijk is hij er de volgende keer weer bij. De volgende ronde is overigens pas over twee maanden, na de feestdagen en de Tata Steel-winterstop. Dan wacht Rijswijk in Rijswijk.

BSG (2125) – Dordrecht (2019) 5½-2½
1. Ruben Hilhorst (1979) – Mark Timmermans (2402) 0-1
2. Ewoud de Groote (2235) – Roland van Keeken (2040) ½-½
3. Henk van der Poel (2232) – Lennard den Boer (2107) ½-½
4. Jesper de Groote (2178) – Jacques Hennekes (2051) ½-½
5. Mark Grondsma (2125) – Piet Pluymert (2006) 1-0
6. Frans Borm (2099) – Jan Willem Versloot (1931) 1-0
7. Timon Brouwer (2075) – Adri Timmermans (1845) 1-0
8. Rein Brouwer (2073) – Victor van Blommestein (1768) 1-0

BSG 2 ging de winterstop eveneens met een goed gevoel in door het Haagse SHTV 2 (wat dat ook moge betekenen) eveneens met 5½-2½ te kloppen, mede dankzij een overwinning van de 89-jarige Tom de Ruiter.