27 november 2022

BSG fortuinlijk langs CSV

BSG heeft in de vierde ronde van de KNSB-competitie met het nodige fortuin de twee punten opgehaald tegen CSV. In Capelle aan den IJssel won het met het kleinst mogelijke verschil, waardoor BSG de gastheren op de ranglijst passeerde.

Na een matige seizoensstart mocht BSG in de vierde ronde, die ook nog eens op Black Saturday viel, op bezoek bij het sterke eerste team van CSV. De Comma Separated Values Capelse Schaakvereniging speelde niet op haar vertrouwde locatie, maar moest uitwijken naar de Oosterkerk, waar het al “25 jaar” niet meer had gespeeld.

Vanwege die bandenlekprikker die al maanden actief is, nam BSG een risico door met de auto naar de op een uitvaartcentrum gelijkende kerk af te reizen. Gelukkig werd de crimineel die dag nog opgepakt en bleven de acht banden (plus de twee reservebanden) gewoon heel. Op de parkeerplaats werden gelijk al de nodige bananen en broodjes soldaat gemaakt, omdat de verhuurder niet zo van eigen consumpties gecharmeerd was. Gelukkig werd er niet op gehandhaafd en zat alsnog iedereen in de speelzaal te eten.

BSG begon de wedstrijd in de basisopstelling, terwijl de bezoekers Jessica Harmsen vanwege ziekte moesten missen. Voor haar in de plaats werd Jan Peter Balkenende Bogers opgetrommeld. Op papier waren de teams akelig aan elkaar gewaagd. Toch kreeg de Berger Scholengemeenschap het Bussums Schaakgenootschap al gauw de overhand.

Dat gold overigens niet voor de partij aan het vijfde bord, die wel wat weghad van de wedstrijd Nederland-Ecuador. Na zijn heldendaden van de vorige keer besloot Mark al gauw een snipperdag op te nemen. Naamgenoot Mark Vermeer voelde daar ook wel wat voor, dus werden de handjes geschud.

De derde Mark in het gezelschap, Mark Trimp, bleef puntloos. Ton had de ballen om, net als twee wedstrijden eerder, een vlijmscherpe variant in het Siciliaans te spelen. Ditmaal kreeg hij een ander paardoffer om zijn oren. In plaats van het geschenk aan te nemen en vervolgens een middag lang te verdedigen, besloot hij het offer op een tamelijk dubieuze manier af te slaan. Het had succes, want nadat de witspeler het centrum had dichtgeschoven, sloeg Ton in de counter genadeloos toe. MrBlunderMate was zo sportief om het winnende dameoffer en het daaropvolgende mat uit te laten voeren.

Niet minder spannend was de partij aan het laatste bord, waar Ruben in de opening volledig overlopen leek te worden door de invaller, die fel van leer trok en al gauw een halfopen h-lijn had bemachtigd. Het zag er allemaal eng uit, maar Ruben verdedigde stoïcijns en leek de regie zelfs over te nemen toen hij wits pionnenstructuur uit elkaar wist te slaan en wat goede velden voor zijn stukken bemachtigde. Jan Peter Bogers besloot daarom maar aan de noodrem te trekken en eeuwig schaak te forceren.

FM Henk had ondertussen een nuttige remise gescoord tegen de sterke Leon Koster. Optisch leek hij goed te staan, maar kennelijk was dat maar schijn en was de enige titelhouder aan BSG-kant blij met het halve ei, waarmee de kleine voorsprong geconsolideerd werd.

Voor de tweede achtereenvolgende wedstrijd mocht Ewood aan het kopbord plaatsnemen. Hij bestookte tegenstander Paul Schaamhaar Schrama met een bekend pionoffer, waarvoor hij flinke positionele compensatie kreeg. Hij raakte langzaam maar zeker al zijn compensatie kwijt, dus bleef hij gewoon een pion achter. Kwijt is kwijt. Dat gold ook voor de kwaliteit die hij daarna weggaf, waarna hij de handdoek in de ring moest pleuren en zijn tegenstander zijn vierde puntje van het nog vrij prille seizoen opstreek. De gelato bambino smaakte er terug in het restaurant gelukkig niet minder om.

Die domper werd gecompenseerd door het punt van de enige BSG’er zonder puntverlies, namelijk teamleider Timon. Tegen Reinoud Segers ging hij door diepe dalen, maar toen wits koningsaanval niet doorsloeg, was hij er als de kippen bij om in de counter toe te slaan. Ook hier leidde een dameoffer tot mat.

Het Apenhoofd had daardoor de eer om de matchpunten binnen te tikken. Tegen Roel Trimp was het de hele partij niet duidelijk wie er nou voor de winst speelde, wit met zijn aanvalskansen, of zwart met zijn betere loper. Het precaire evenwicht werd door een blunder van zwart verbroken. Het Apenhoofd greep zijn kans en verdrievoudigde zijn score.

De wedstrijd was daarmee beslist en als laatste was Rein nog bezig tegen de sterke Jeffrey van Vliet, die uit tactische overwegingen pas aan het vierde bord had plaatsgenomen. Wat een onzin! Lange tijd leek onze man uitzicht op een resultaat te hebben, maar toen ging er positioneel wat verkeerd en moest hij er een stuk tegenaan gooien. In het vervolg had hij geen kans meer en dus eindigde de wedstrijd in een krappe 4½-3½-overwinning voor BSG.

CSV (2139) – BSG (2144) 3½-4½
1. Paul Schrama (2190) – Ewoud de Groote (2242) 1-0
2. Mark Trimp (2133) – Ton van der Heijden (2270) 0-1
3. Leon Koster (2261) – Henk van der Poel (2233) ½-½
4. Jeffrey van Vliet (2375) – Rein Brouwer (2073) 1-0
5. Mark Vermeer (2108) – Mark Grondsma (2100) ½-½
6. Reinoud Segers (2027) – Timon Brouwer (2047) 0-1
7. Roel Trimp (2031) – Jesper de Groote (2193) 0-1
8. Jan Peter Bogers (1990) – Ruben Hilhorst (1990) ½-½

Door de overwinning steeg BSG naar de vierde plek op de rangrijst, terwijl de gastheren van de tweede naar de vijfde plaats zakten. Echt reden om naar boven te kijken heeft BSG vooralsnog niet. Koploper VAS, dat ditmaal van Philidor Leiden won, is nog zonder puntverlies en lijkt rechtstreeks op het kampioenschap af te stevenen. Over drie weken wacht het op papier vrij zwakke team van Dordrecht, met de sterke Mark Timmermans als puntenkanon. Uitkijken dus.

20 november 2022

Verstappen sluit seizoen in stijl af

Max Verstappen heeft de seizoensafsluiter in Abu Dhabi op zijn naam geschreven. In de strijd om het zilver troefde Charles Leclerc Sergio Pérez af, terwijl Lewis Hamilton kort voor het einde uitviel. Sebastian Vettel pakte in zijn laatste race het laatste punt.

Al sinds 2014 vormt het pistoolvormige Yas Marina Circuit het decor voor het sluitstuk van het Formule 1-seizoen. De kampioenen zijn al bekend en dus gaat het in Abu Dhabi hoofdzakelijk om degenen die er volgend jaar niet meer bij zullen zijn. Zo zullen de pijnlijk langzame Latifi en crashkid Mick volgend jaar niet terugkeren. Ook Ricciardo zit voor volgend jaar zonder stoeltje. De Australiër ambieert een reserverol bij Red Bull, het team dat hij vier jaar geleden nog de rug toekeerde, en hoopt zodoende op de radar te blijven van de andere teams, al lijkt hij de enige te zijn die nog gelooft dat hij op die manier zijn volledig ontspoorde carrière weer op de rails kan krijgen.

De grootste aderlating was echter het vertrek van Fattle. Na vijftien volledige seizoenen vond de 35-jarige Duitser, die in 2013 voor het laatst wereldkampioen werd, dat er belangrijkere zaken in het leven waren dan in een matige Aston Martin rondjes over een circuit te rijden. In Abu Dhabi kreeg hij van zijn conculega’s een waardig afscheid, met een peperduur diner. Ook reden zijn oude rivaal Alonso en leerling Mick met een helm van hem rond.

Dat er in een week veel kan veranderen, blijkt al gauw in het weekend. Waar Red Bull hopeloos was in Brazilië en Mercedes daar juist de lakens uitdeelde, zijn in Abu Dhabi de normale verhoudingen teruggekeerd. De Red Bulls eisen voor het eerst dit seizoen de eerste startrij op, voor de Ferrari’s en de Mercedes. Max pakt zijn zevende pole van het seizoen, terwijl Pérez Leclerc met een miniem verschil aftroeft en dus op poleposition staat voor de race om de tweede plaats in het rijderskampioenschap, waarin de coureurs precies gelijk staan.

Als de lichten een dag later doven, behoudt Max nog net de koppositie. De als vijfde gestarte Luis gaat meteen voorbij Science, die hem halverwege de eerste ronde weer terugpakt in de chicane. Luis besluit de chicane af te snijden en wordt over de worstencurb gelanceerd. Bij het neerkomen geeft hij meteen een dot gas en zit hij weer in de versnellingsbak van Leclerc. Pas na enkele ronden wordt hij op de vingers getikt en besluit hij Science er alsnog langs te laten.

Heel lang kan Science niet van zijn vierde plek genieten, want tot zijn stomme verbazing wordt hij nog geen ronde later meteen weer teruggepakt. Luis kan een gaatje slaan en dus zijn de rollen even later omgedraaid. Luis klaagt meteen over zijn bolide en moet ook teammaat Russle laten gaan.

De koplopers duiken kort daarna massaal de pits in. Pérez en Russle bijten het spits af. Waar de Mexicaan een goede stop heeft, heeft de Brit dat niet. Door het oponthoud wordt hij precies voor de neus van Norris, die hij kort na de start had ingehaald, weer op pad gestuurd. De McLaren-coureur kan een botsing nog net vermijden, waarna Russle een tijdstraf voor een unsafe release aan zijn broek krijgt.

Nadat Science en Luis zijn gestopt, laat ook Max nieuwe banden monteren. Zijn stop is matig en hij blijft Pérez, die hij voor de pitstops op forse afstand had gereden, maar net voor. Leclerc is een ronde later de laatste coureur vooraan die zijn monteurs opzoekt. Ook hij blijft teamgenoot Science maar net voor.

Na de pitstops doet Max het rustig aan om zijn banden in leven te houden, zodat hij zonder verdere bandenwissels kan volstaan. Pérez rijdt minder behoudend en maant zijn teamgenoot vaart te maken, ook omdat hij de hete adem van Leclerc steeds meer in zijn nek voelt. Wanneer de Monegask bijna aan de staart van de Red Bull met startnummer 11 zit en Ferrari de monteurs opzichtig laat uitlopen, haalt Red Bull Pérez voor de tweede keer naar de pits.

Pérez valt terug naar de zesde plaats en rijdt vanaf dan een race tegen de klok om weer op de tweede plaats uit te komen. Twee plaatsjes krijgt hij cadeau als Science en Russle even later hun tweede stop van de middag maken, waarbij Russle tevens zijn straf uitzit.

Pérez rijdt het gat naar Luis gauw dicht. Met rokende banden gooit hij zijn bolide aan het eind van het lange rechte stuk naast, waarna Luis hem op het daaropvolgende rechte stuk weer terugpakt. Een ronde later wacht Pérez tot het tweede rechte stuk. Om de een of andere reden vergeet Luis de binnenkant af te schermen, waardoor hij alsnog voor de bijl gaat.

Pérez gaat vervolgens op jacht naar Leclerc. Ronde na ronde knabbelt hij weer wat van zijn achterstand af, maar het blijkt niet genoeg. Aan de finish houdt Leclerc een dikke seconde over en dus gaat de tweede plaats naar de Ferrari-coureur, wat tevens zijn plaats in het rijderskampioenschap is. Op Max, die ogenschijnlijk zonder enige moeite zijn vijftiende seizoenszege pakt, had ook hij geen antwoord.

Vierde wordt Science in de andere Ferrari, nadat Luis vlak voor tijd had moeten opgeven en het seizoen voor het eerst in zijn carrière zonder zeges afsluit. Door zijn uitvalbeurt sluit Luis het kampioenschap af als zesde, terwijl Science naar de vijfde plek oprukt. Russle eindigt vrij anoniem als vijfde en sluit zijn eerste seizoen voor Mercedes op de vierde plaats af.

Best of the rest wordt Norris, die tevens het bonuspunt voor de snelste raceronde opstrijkt. Hij eindigt niet eens zo ver voor Ocon, die de eer voor Alpine moet hooghouden nadat Alonso halverwege de race voor de zoveelste keer dit seizoen was uitgevallen. Die zevende plaats is voor Alpine ruim voldoende om McLaren, dat met de negende plaats van Ricciardo zowaar twee auto’s in de punten heeft, af te troeven in de strijd om de vierde plaats in het constructeurskampioenschap.

Aston Martin komt nog heel dicht in de buurt om de zesde plaats in het constructeurskampioenschap over te nemen van Alfa Romeo, dat weer eens volkomen onzichtbaar is. Waar Stroll een van zijn betere races kent en uit het niets achtste wordt, moet Fattle, die Ocon in de openingsfase nog zat op te jagen, door een geflopte strategie genoegen nemen met het laatste punt. Door de vijf gescoorde punten komt Aston Martin op gelijke hoogte met Alfa Romeo, dat zesde blijft vanwege een beter beste resultaat (een vijfde plek). Met een beetje meer tactische scherpte was die zesde plek dus voor Aston Martin geweest en had Fattle op een iets bevredigendere manier af kunnen zwaaien.

Net buiten de punten finisht Tsoenoda, waardoor AlphaTauri negende blijft in het kampioenschap achter Haas. Joe knokt zich in de slotfase nog naar de twaalfde plaats, voor Albon en de volkomen onzichtbare Gasly, terwijl Bottas, die al een half jaar met vakantie lijkt, na een waardeloos gereden race als vijftiende eindigt. Ondanks een klunzige botsing met Latifi eindigt Mick nog voor teamgenoot Magnussen, die een week na zijn heldendaden in Brazilië werkelijk waar niets laat zien en als laatste rijdende bolide over de streep komt. Latifi ligt na de botsing stijf achteraan en geeft vlak voor tijd op.

Na afloop draaien de winnaars en Fattle nog wat doughnuts om het ietwat verveeld geraakte publiek toch nog te vermaken. Na een winterstop van ruim drie maanden gaat het nieuwe seizoen begin maart in Bahrein alweer van start, dan met Oscar Piastri, Logan Sargeant en natuurlijk Nyck de Vries als nieuwe aanwinsten, plus de inmiddels alweer 35-jarige Nico Hülkenberg, die na drie seizoenen als invaller te hebben gefungeerd eindelijk weer een vaste aanstelling heeft. Verwacht een hoop pittige duels tussen hem en zijn nieuwe teamgenoot Kevin “suck my balls” Magnussen. En wat te denken van Alpine, dat in Pierre Gasly en Esteban Ocon twee gezworen vijanden in huis heeft gehaald?

De belangrijkste vraag is of Red Bull in 2023 weer het te kloppen team is, of dat Mercedes het gat echt heeft gedicht en of Ferrari eindelijk geleerd heeft van de vele gemaakte fouten. Leclercs kloeke strategie in Abu Dhabi doet suggereren dat er in dat opzicht licht aan het eind van de tunnel is voor de Italianen (en dan niet van een tegemoet rijdende trein). Kortom: 2023 heeft alles in zich om een geweldig seizoen te worden.

Eindstand bij de coureurs:
1. Max 454
2. Leclerc 308
3. Pérez 305
4. Russle 275
5. Science 246
6. Luis 240

Eindstand bij de constructeurs:
1. Red Bull 759
2. Ferrari 554
3. Mercedes 515
4. Alpine 173
5. McLaren 159
6. Alfa Romeo 55
7. Aston Martin 55
8. Haas 37
9. AlphaTauri 35
10. Williams 8

13 november 2022

Botsingen en blunders in Brazilië

George Russell heeft de eerste zege uit zijn carrière gescoord. In Brazilië was hij in een tumultueuze race te sterk voor teammaat Lewis Hamilton en Carlos Sainz. Red Bull viel op Interlagos vooral in negatieve zin op.

In Brazilië staat de derde en laatste sprintrace van het seizoen op het programma, wat betekent dat de kwalificatie al op vrijdag verreden wordt. Onder wisselende omstandigheden doet Magnussen alles goed, waardoor hij tegen alle verwachtingen in de snelste is en op pole mag starten, voor Max en Russle.

Ondertussen doet Ferrari alles fout door Leclerc op intermediates een nog droge baan op te sturen, waardoor de Monegask slechts als tiende aan de sprintrace mag beginnen. Hij staat daarmee één plekje achter Pérez, die om onbegrijpelijke redenen achter hem aan was blijven rijden en daardoor slechts de negende tijd rijdt voordat Russle van de baan vliegt en de sessie wordt afgebroken.

In de sprintrace kan Magnussen zijn leidende positie niet lang vasthouden. Verrassender is dat Max handen en voeten nodig heeft om Russle achter zich te houden. Halverwege de race glipt de Brit er dan toch langs, waarna Max ook nog ten prooi valt aan Science en Luis. Pérez en Leclerc eindigen niet eens zo ver achter hem als vijfde en zesde. Magnussen wordt op zijn beurt achter Norris achtste en houdt een waardevol punt aan het avontuur over.

Een dag later is het vrijwel meteen uit met de pret als Ricciardo hem in de eerste ronde klunzig in de rondte tikt. De tollende Haas rijdt vervolgens achteruit tegen de McLaren van de boosdoener aan, waardoor zowel de polesitter van de sprintrace als de lachende Australiër uit de strijd liggen.

De race wordt gelijk geneutraliseerd en pas na zes lange ronden weer hervat. De safetycar wacht heel lang met het doven van de lichten, waardoor Russle er pas op het allerlaatste moment vandoor kan spuiten. De op de tweede plaats liggende Luis wordt erdoor verrast en ziet Max langszij komen. De Nederlander probeert in de tweede bocht meteen de move uit waarvoor hij Ocon vier jaar eerder uit woede door de garage duwde. Inderdaad eindigt het in tranen omdat Luis wel erg weinig ruimte laat. Beide heren verliezen de nodige plaatsen. Max moet tevens naar de pits voor een nieuwe voorvleugel en krijgt niet lang daarna een tijdstraf voor het vergrijp aan de broek.

In de consternatie ramt de goed gestarte Norris Leclerc van de baan. De Ferrari zeilt de muur in, maar kan wonder boven wonder zijn weg, minus een voorvleugel, vervolgen. Na zijn reparatiestop kan de Monegask samen met Max het veld voor zich uitjagen.

Pérez is door het geram naar de tweede plek opgerukt, voor Science, die door een motorwissel slechts als zevende aan de race was begonnen. De Spanjaard moet heel vroeg in de race naar de pits om een tear-off uit zijn remkoeler te halen. Na zijn stop moet hij zich weer langs een kluit auto’s in de middenmoot knokken. Luis is dan alweer opgerukt naar de derde plaats en krijgt de leiding in handen als Pérez en Russle hun monteurs opzoeken. Luis rijdt nog wat langer door en hervat de race na zijn stop als vierde.

Op nieuwe banden rijdt hij het gat naar Science gauw dicht. De Spanjaard laat het niet op een gevecht aankomen en gaat halverwege de race voor de tweede keer naar de pits. Vervolgens is Pérez, die op de mediums geen vuist kan maken, aan de beurt. De Mexicaan laat het wel op een gevecht aankomen, maar wordt eenvoudig voorbij geblazen. Pas daarna duikt hij voor de tweede keer de pits in. Luis doet een ronde later met veel tegenzin hetzelfde en blijft de Mexicaan voor.

Science is door de pitstops naar de tweede plek opgerukt. Wanneer Russle zijn tweede stop van de middag maakt, komt hij pal voor de deur bij de Ferrari terug op de baan, om op nieuwe banden meteen hard bij de rode bolide weg te rijden.

De race wordt op zijn kop gezet als Norris opeens stilvalt. Hoewel de McLaren niet op een gevaarlijke plaats staat, verschijnt wel gauw de virtuele safetycar op de baan. Al gauw wordt het ding vervangen door een echte. Science maakt van de gelegenheid gebruik door meteen zijn banden te verwisselen. Hij valt terug naar de vierde plaats.

De neutralisatie komt als geroepen voor Leclerc en Max, die zodoende hun niet onaanzienlijke achterstand kunnen inlopen. Bij de herstart ligt ditmaal Pérez te slapen. Hij komt meteen onder druk van Science te staan, die hem na een stevig gevecht van het podium verdrijft. Even later volgt Leclerc en daarna is het hek van de dam en gaat ook Alonso hem nog voorbij.

Max meldt zich even later aan de staart de Mexicaan. Hij wordt doorgelaten op voorwaarde dat hij zijn plek weer teruggeeft als hij er niet in slaagt Alonso in te halen, om niet onnodig punten van Pérez af te pakken. In de strijd om de tweede plaats in het rijderskampioenschap kan de Mexicaan ieder puntje namelijk goed gebruiken. Om diezelfde reden probeert Leclerc Ferrari ertoe te bewegen om hem en Science van volgorde te laten wisselen. Zoals verwacht krijgt hij een nul op het rekest omdat hij Alonso in zijn nek heeft hijgen en Science vier tellen voor hem ligt.

De Mercedes zijn ondertussen hard op weg naar een dubbelzege. Luis komt niet binnen een seconde van Russle, die in de slotfase hard doorrijdt en voor het eerst in zijn carrière als eerste onder het zwart-wit geblokt doorkomt. Achter Luis komen de Ferrari’s van Science en Leclerc als derde en vierde over de streep, voor een ontketende Alonso, die uit de klauwen weet te blijven van Max.

Tot ontzetting van iedereen bij Red Bull besluit de Nederlander zijn plek niet aan de volkomen verbouwereerde Pérez terug te geven, waardoor de Mexicaan Leclerc in het kampioenschap langszij ziet komen. Ocon wordt achtste, voor Bottas, die bij de herstart nog fraai vijfde lag, maar blij mag zijn dat hij nog twee WK-punten aan het avontuur overhoudt. Uit het niets pakt Stroll het laatste punt, terwijl teamgenoot Fattle, ondanks een sterk optreden, nog achter het net vist, net als in de sprintrace.

Eveneens puntloos blijven Joe, Mick, Gasly en de Williams’ van Albon en de hopeloos trage Latifi, terwijl Tsoenoda door een fout in een computersysteem moederziel alleen als laatste eindigt op een ronde achterstand.

Volgende week wordt het seizoen afgesloten in Abu Dhabi. Kan Max zich daar revancheren voor zijn matige optreden, of pakt Luis op de valreep zijn eerste seizoenszege op het circuit waar hij vorig jaar schlemielig de titel verloor? En wie wordt de runner-up? Leclerc of Pérez?

Kunnen Red Bull en Verstappen nog terugslaan in de hoofdrace in Brazilië?

Wat. Een. Sprintrace! De voortekenen waren al gunstig en op de dag zelf werden de verwachtingen ingelost. De laatste sprintrace van het jaar in Brazilië werd een spektakelstuk boordevol actie en met een verrassende uitkomst.

Het raceweekend in Brazilië begon al op vrijdag met de kwalificatie voor de sprintrace. Op een regenachtig Interlagos verraste Magnussen vriend en vijand door in zijn Haas voor de buien de snelste tijd op de klokken te brengen. Doordat Russell kort daarna van de baan schoot en zijn auto op een zeldzaam amateuristische manier ingroef, werd de sessie afgebroken. Na de hervatting was de baan zo nat geworden dat niemand zijn tijd meer kon verbeteren, dus kon Magnussen vlak voor het einde van de sessie de felicitaties in ontvangst nemen.

Geheel anders verliep de kwalificatie voor Leclerc, die tot zijn ontzetting zag dat hij in de beslissende sessie als enige coureur op intermediates op pad was gestuurd. Hij probeerde er nog het beste van te maken, hopend dat de hemelsluizen op tijd zouden openen, maar toen de verwachte regen nog niet gevallen was en bijna iedereen al een tijd op de klokken had gebracht, dook hij toch maar de pits in voor droogweerbanden. Doordat de kwalificatie vrijwel meteen daarna werd afgebroken, moest hij het doen met een tiende startplaats.

Leclercs enige geluk was dat zijn grote rivaal Pérez maar één plekje voor hem stond. De Mexicaan was zo dom om zijn vliegende ronde pal achter Leclerc te beginnen en zat zich in het vervolg achter de Monegask te verbijten. Beter verging het Verstappen in de andere Red Bull, die zich achter Magnussen als tweede kwalificeerde.

Voor de sprintrace dacht Red Bull slim te zijn door de Nederlander op de slijtvastere mediums te zetten. Als de bandenwarmers worden verwijderd, blijkt verder alleen Latifi hetzelfde te hebben gedaan. De rest staat allemaal op de zachte band. Wist Red Bull iets dat de andere teams niet wisten?

Het vervolg wijst anders uit. Verstappen heeft bij de start al moeite om Russell voor te blijven en heeft daarna twee ronden nodig om polesitter Magnussen naar de tweede plek terug te verwijzen. Russell gaat de Deen daarna ook gauw voorbij. Aanvankelijk weet Verstappen de Brit buiten zijn DRS-bereik houden, maar halverwege de sprintrace lukt dat niet meer en moet hij toezien hoe Russell hem keer op keer aangrijpt. Verstappen verdedigt zijn koppositie met hand en tand, maar na drie pogingen moet hij zich dan toch gewonnen geven.

In het tweede deel van de sprintrace wordt het er niet beter op voor de Nederlander. Kennelijk konden zijn mediums het hoge tempo in de openingsfase van de race niet aan, want in plaats van dat hij gedurende de race steeds sterker wordt, wordt hij alleen maar langzamer. Sainz gaat hem tegen het eind op een zeldzaam lompe manier voorbij en daarna volgt Hamilton. Verstappen eindigt nog niet eens heel ver voor Pérez en Leclerc.

Rondetabel van de sprintrace.

Zo groot als de teleurstelling bij Red Bull is, zo groot is de vreugde bij Mercedes, dat voor het eerst in 2022 een race wint, al is het maar een sprintrace. Door de motorwissel van Sainz vertrekken de grijze bolides bovendien gebroederlijk vanaf de eerste startrij voor de hoofdrace. Met een beetje teamwork denken ze het resultaat van de sprintrace te kunnen evenaren of zelfs te overtreffen.

Van enige collegialiteit was in de sprintrace verder nauwelijks sprake. Zo vlogen Alonso en Ocon elkaar in de openingsronde tot tweemaal toe in de haren. Een inschattingsfout kostte Alonso daarna zijn voorvleugel. Dat hij zijn teamgenoot tegen het einde van de race toch nog inhaalde, zei alles over het bedroevende tempo van de Fransman. Doordat Alonso naderhand nog een tijdstraf kreeg voor zijn botsing, eindigde hij alsnog achter zijn teamgenoot, twaalf plekken lager dan waarvan ze gestart waren. Geen goed resultaat voor Alpine dus, dat rivaal McLaren met een zevende plek voor Norris weer twee punten zag inlopen.

Niet veel beter ging het eraan toe tussen de Aston Martins, waar Stroll teamgenoot Vettel op een recht stuk het gras op dwong. De Duitser was niet onder de indruk, maar haalde zijn gram door de Canadees even later alsnog in te halen. Na een stevige inhaalrace eindigde hij nog vrij kort achter Magnussen, die in de race langzaam naar de achtste plek was teruggevallen en dus het laatste puntje scoorde. Een puntje dat voor Haas goud waard kan zijn in de strijd om de achtste plaats in het constructeurskampioenschap met AlphaTauri.

Positief voor Haas was dat Magnussen helemaal niet langzaam was in de race. Qua racesnelheid zat hij namelijk in de middenmoot. Achter hem waren alleen Alonso en Vettel sneller, wat doet suggereren dat hij in de hoofdrace ook een punt kan pakken.

Snelheid per coureur ten opzichte van Russell.

Vanwege parc fermé mogen de teams niet meer aan de afstelling rommelen, waardoor de sprintrace doorgaans een goede graadmeter is voor de krachtsverhoudingen in de hoofdrace. Een belangrijk verschil is natuurlijk dat de bolides in de hoofdrace beduidend meer brandstof aan boord hebben, waardoor de banden het zwaarder te verduren krijgen. In Oostenrijk had Verstappen in de sprintrace geen bandenproblemen, maar in de hoofdrace overduidelijk wel.

Het voornaamste verschil met de sprintrace is dat de coureurs in de hoofdrace wel op verschillende banden moeten rijden. Waar vorig jaar de mediums en de harde banden in trek waren, zijn dat dit jaar wellicht de zachte banden en de harde banden. De mediums waren in de sprintrace gewoon niet snel, zoals Latifi onbedoeld bewees door afgetekend laatste te worden.

Mocht de zachte band in de race de snelste band zijn, dan heeft Verstappen misschien nog kans. Mede door zijn keus om op mediums aan de sprintrace te beginnen heeft Verstappen als een van de weinige coureurs nog drie setjes zachte banden over. Op basis van de bandenslijtage in de sprintrace kan de race een 2- of zelfs een 3-stopper worden en dan komen al die setjes zachte banden goed van pas. Omgekeerd heeft teammaat Pérez, net als de Aston Martins, maar één setje zachte banden over, wat een belangrijk strategisch nadeel lijkt.

In de hoofdrace zal in ieder geval duidelijk worden hoe snel Verstappen onder vergelijkbare omstandigheden is ten opzichte van de Mercedes en Ferrari’s. In de sprintrace kwam hij een halve seconde tekort op de Mercedes. Volgens de betrokkenen zelf was het ook maar zeer de vraag of hij het op de zachte band beter had gedaan. Wellicht was de keuze voor de mediums in de sprintrace een grotere fout dan Christian Horner en de zijnen willen toegeven, of een welbewuste keuze om in de hoofdrace beter voor de dag te komen. Dat valt te hopen, want anders lijkt Mercedes vanavond zonder al te veel problemen te winnen en dat zou een domper zijn na zo’n sprintrace.

05 november 2022

BSG krijgt punt kado tegen Rokado

BSG heeft in het eigen Denksportcentrum met mazzel een puntje overgehouden aan de wedstrijd tegen Rokado. De eindstand van 4-4 stond pas na zes uur zwoegen op het scorebord.

Een club met maar tien leden uit een gehucht in Zuid-Holland, zonder interne competitie of een website, veel meer was er niet bekend over de mysterieuze club Rokado uit Zuid-Beijerland (nee, dat ligt niet ergens bij München, maar onder Rotterdam, aldus Google Maps). De club met de merkwaardige naam speelt al sinds jaar en dag in de tweede klasse, terwijl BSG voor het eerst in jaren weer zo laag speelt.

In een koud Denksportcentrum vlogen de teams elkaar in de haren. Na zijn fraaie overwinning tegen Westland mocht Ewood het wederom tegen een oldtimer proberen. Ditmaal had hij zwart aan het eerste bord en had hij de taak Leo Rietveld pootje te haken. Hij kreeg in de opening alles wat een schaker zich maar kan wensen, maar daarna speelde hij “als een natte tosti” verder en mocht hij bijna nog blij zijn met remise.

Hetzelfde resultaat haalde Ton aan het bord ernaast binnen tegen Hans van der Linden. Hij kwam in het middenspel overwegend te staan en haalde een pion op, maar bij die schermutselingen waren dusdanig veel stukken van het bord gegaan dat zijn tegenstander het eindspel makkelijk kon houden.

Saaier was de remise van FM Henk tegen Han Westenberg, die een huisje bouwde. De fundering ervan was stevig genoeg en dus werd ook hier de vredespijp gerookt. Tot slot deelden Frans en Marco van der Linden de punten in een partij waarin Frans eerst wat beter en daarna wat minder leek te staan.

Dat waren vier remises. Gelukkig vielen er ook beslissingen. Zo werd het Apenhoofd volkomen overspeeld door Frank Verkooijen, die de zetten soepel uit zijn vingers liet glippen en al gauw een enorme aanval op touw wist te zetten. Na afloop had het Apenhoofd nooit het idee echt in de partij te hebben gezeten.

Heel anders verliep de partij aan het bord ernaast, waar teamleider Timon via een zetverwisseling in een vreemd soort Frans kwam tegen de beruchte Wilbert Surewaard. Hij verloor in het middenspel een stuk, waarna hij nog de cojones had om een herhaling van zetten uit de weg te gaan. Dat had wonderbaarlijk genoeg nog succes ook, omdat de arme zwartspeler zich pardoes mat liet zetten toen hijzelf bezig was een matnet rond de witte koning te strikken.

De partij van de dag was die van Mark tegen Ben Boog. Hij speelde energiek tegen wits nogal timide openingsopzet en kreeg gauw goed spel. Het uitbuiten van het voordeel was een lust voor het oog, met penningen, een stukoffer en uiteindelijk totale dominantie. Nadat hij wit volledig had kaalgeplukt, kreeg hij eindelijk een hand. Niveautje schoonheidsprijs.

Aan het laatste bord had Ruben de taak de kleine voorsprong over de streep te trekken. Nadat hij tegen Rex van Dijken volledig verloren had gestaan, was hij allang blij dat hij een toreneindspel met een pion minder had weten te bereiken. Naarmate de klok de minuten wegtikte en de zwarte pion verder oprukte, slonken Rubens overlevingskansen. Tegen zevenen moest hij na bijna 120 zetten alsnog de wapens strekken en daarmee was het gelijkspel helaas een feit.

BSG (2147) – Rokado (2062) 4-4
1. Ewoud de Groote (2242) – Leo Rietveld (1895) ½-½
2. Ton van der Heijden (2270) – Hans van der Linden (2113) ½-½
3. Henk van der Poel (2233) – Han Westenberg (2175) ½-½
4. Frans Borm (2098) – Marco van der Linden (2115) ½-½
5. Jesper de Groote (2193) – Frank Verkooijen (2030) 0-1
6. Timon Brouwer (2047) – Wilbert Surewaard (1996) 1-0
7. Mark Grondsma (2100) – Ben Boog (2128) 1-0
8. Ruben Hilhorst (1990) – Rex van Dijken (2044) 0-1

Dankzij het enigszins bemazzelde puntje blijft BSG in de brede middenmoot van klasse 2C bivakkeren, op een punt van de bezoekers. Na afloop bleef de vraag hangen of wij nou zo slecht waren, of zij nou zo goed, want dat er van het niet onaanzienlijke ratingverschil helemaal niks te merken was, was wel even slikken. Van makkelijk puntjes pakken in de tweede klasse is absoluut nog geen sprake voor het roestige en een beetje futloze BSG, dat over drie weken op bezoek mag bij het goed draaiende Comma Separated Values.

Heel wat beter verging het overigens BSG 2, dat Amsterdam West 2 knap met 5-3 versloeg.

31 oktober 2022

Verstappen rijdt Schumacher en Vettel uit de recordboeken

Max Verstappen heeft in Mexico zijn veertiende seizoenszege behaald, waarmee hij het record van dertien zeges in een seizoen van Michael Schumacher in 2004 en Sebastian Vettel in 2013 heeft verbroken. Net als vorig jaar werden Lewis Hamilton en Sergio Pérez tweede en derde.

Voor het raceweekend in Mexico wordt eindelijk duidelijk welke straf Red Bull krijgt voor het overschrijden van het budgetplafond in 2021. Het team moet 7 miljoen dollar aftikken (een kostenpost die dan weer niet binnen het budgetplafond valt) en krijgt voor volgend seizoen 10 procent minder tijd te besteden in de windtunnel; als constructeurskampioen zou de Oostenrijkse renstal sowieso al de minste ontwikkelingstijd van alle teams krijgen.

Op het hooggelegen Autódromo Hermanos Rodríguez gaan de paarse bolides aanvankelijk niet bepaald als een speer. In de kwalificatie gaat het beter en pakt Max enigszins verrassend zijn eerste pole op het circuit waar hij al drie keer op had gewonnen; in 2019 was hij weliswaar de snelste, maar werd hij drie plaatsen teruggezet omdat hij de gele vlaggen had genegeerd.

Op drie tienden achterstand zijn de Mercedes van een zwaar gefrustreerde Russle, die dacht dat hij zonder fouten op pole had gestaan, en Luis tweede en derde. Pérez komt voor eigen publiek niet verder dan de vierde plaats. Ferrari is ondertussen helemaal nergens. Science is met hangen en wurgen vijfde, terwijl Leclerc Bottas zelfs nog voor moet laten en slechts als zevende van start mag.

Een dag later verschijnen de twee Red Bulls en de twee Ferrari’s op de zachte banden aan de start. De Mercedes beginnen daarentegen op de slijtvastere mediums. Bij de start zijn ze daardoor ontegenzeggelijk in het nadeel, maar doordat ze in de lange aanloop naar de eerste bocht in de slipstream van Max mee kunnen liften, duikt Russle voor de eerste bocht naast de Red Bull op. Max remt gewoon wat later en gaat als onbetwiste koploper de eerste bocht in. Russle ziet daarentegen Luis in de tweede bocht langszij komen. In de daaropvolgende bocht komt hij op de curbstone en verliest hij dusdanig veel tractie dat Pérez naast hem opduikt. De Mexicaan remt eveneens later en neemt, tot grote vreugde van het publiek, de derde plaats over.

Aanvankelijk gebeurt er heel weinig. De top 4 rijdt hard weg bij de twee Ferrari’s, die op hun beurt wegrijden bij de rest van het veld, aangevoerd door Alonso. In de kopgroep schommelen de onderlinge afstanden lange tijd rond de twee seconden. Naarmate de banden slijten moet Pérez langzaam terrein prijsgeven, dus duikt hij in de 23e ronde als eerste coureur vooraan de pits in voor een nieuwe set mediums. Zijn stop is traag omdat zijn linker achterband er niet meteen af wil en eenmaal terug op de baan moet hij eerst nog met de Ferrari’s af zien te rekenen. Max duikt even later de pits in voor een set mediums. Zijn stop is twee keer zo snel als die van zijn teammaat en hij blijft de Ferrari’s dan ook gewoon voor.

Luis duikt even later de pits in en laat de harde banden omleggen en even later doet Russle hetzelfde, waarna de top 4 weer in dezelfde volgorde als voor de pitstops over het ruim 4 kilometer lange circuit circuleert. Op de harde banden kunnen de Mercedes echter geen vuist maken en dus is de spanning vooraan ver te zoeken. Max verdwijnt langzaam maar zeker aan de horizon, op weg naar alweer zijn veertiende zege van het seizoen, terwijl Luis, net als vorig jaar, Pérez van zich af moet zien te houden.

Meer gebeurt er in de middenmoot, waar Ricciardo zijn enige bandenwissel van de middag heel laat uitstelt om in de slotfase op de zachte banden te kunnen aanvallen. Het plannetje werkt, want op de rode banden is hij niet te houden. Zijn eerste slachtoffer is Tsoenoda. Hij krijgt de Japanner op het lange rechte stuk niet te pakken, dus probeert hij het nogal onbeholpen in een van die veel te krappe bochten. Zoals verwacht eindigt het in tranen. Tsoenoda wordt over het linker voorwiel van de McLaren gelanceerd en ligt er vrijwel meteen uit. Ricciardo ontvangt op zijn beurt een tijdstraf van 10 seconden.

Het mag de pret niet drukken voor de lachende Australiër, die daarna gauw langs teamgenoot Norris en Bottas gaat en alweer negende ligt. Vervolgens zijn de Alpines aan de beurt. De blauw-roze bolide van Alonso loopt op zijn laatste benen, waardoor de Spanjaard Ocon en Ricciardo op het rechte stuk voorbij ziet zeilen. Ricciardo gaat kort daarna ook langs Ocon en rijdt meteen keihard bij de Fransman vandaan.

Kort voor het einde geeft Alonso’s motor definitief de geest en rukt de virtuele safetycar nog even uit. Wanneer de race weer wordt hervat, loopt Ricciardo dusdanig hard bij Ocon vandaan dat hij ondanks zijn tijdstraf gewoon zevende wordt. Max krijgt er weinig van mee. De banden houden het en dus haalt hij ogenschijnlijk moeiteloos zijn veertiende seizoenszege binnen. Daarmee verbreekt hij het record van meeste zeges in een seizoen van dertien, dat hij een week met Michael Schumacher en Sebastian Vettel had gedeeld.

Op vijftien tellen achterstand komt Luis als tweede over de streep. Pérez mag voor eigen publiek naar het podium, terwijl Russle vlak voor tijd nog een nieuw setje banden laat omleggen om het bonuspunt voor de snelste raceronde te pakken. Science wordt vijfde op bijna een minuut achterstand. Leclerc volgt op nog tien tellen.

Ricciardo wordt zevende voor Ocon, in de enig overgebleven Alpine, en teamgenoot Norris, die niet heel erg gelukkig met de gevolgde strategie zal zijn geweest. Het laatste punt gaat naar Bottas, die na zijn zesde startplaats ongetwijfeld op meer had gerekend, maar na een slechte start en een gebrek aan scherpte in de duels niet op een beter resultaat aanspraak kon maken. In ieder geval was het voor de Fin zijn eerste puntje sinds juni.

Net buiten de punten finisht Gasly in de enig overgebleven AlphaTauri, dat daardoor in het constructeurskampioenschap nog steeds achter Haas op de negende plaats blijft staan. Albon wordt twaalfde, voor Joe en de raadselachtig trage Aston Martins van Fattle en Stroll. Mick eindigt net voor teamgenoot Magnussen als zestiende in een hopeloos weekend voor Haas, terwijl de stuitend trage Latifi afgetekend laatste is op twee ronden achterstand.

Over twee weken gaat het Formule 1-circus verder in Brazilië. Scherpt Max zijn record daar nog wat verder aan, of steekt Mercedes daar eindelijk een stokje voor?

24 oktober 2022

Deze was voor Dietrich

Max Verstappen heeft in Amerika zijn dertiende seizoenszege behaald. In de slotfase van de levendige race rekende hij af met Lewis Hamilton en Charles Leclerc, die samen met hem op het podium stonden. Mede dankzij de vierde plaats van Sergio Pérez sleepte Red Bull drie races voor het eind de constructeurstitel in de wacht.

De rijderstitel mag dan wel binnen zijn en de constructeurstitel kan ze bijna niet meer ontgaan, toch komt Red Bull voorafgaande het raceweekend in Texas zwaar in het defensief vanwege het overschrijden van het budgetplafond in 2021. Waar de concurrentie eiste dat de Oostenrijkse renstal aan de hoogste boom zou worden opgeknoopt, praatte Red Bull-teambaas Christian Horner zich de blaren op de tong om de hele racewereld ervan te overtuigen dat er slechts procedurele fouten waren gemaakt en dat het team er geen voordeel bij had gehad. Erg overtuigend was zijn pleidooi kennelijk niet, want tijdens het raceweekend werden Max en Pérez alsnog door boze fans op Circuit of the Americas uitgejoeld.

Aan die verhitte discussie kwam subiet een einde toen net voor de kwalificatie het droevige nieuws wereldkundig werd gemaakt dat Red Bull-oprichter Dietrich Mateschitz op 78-jarige leeftijd was overleden. Dat kon er ook nog wel bij voor de Oostenrijkers. In de kwalificatie zijn de Ferrari’s van Science en Leclerc het snelste, voor de Red Bulls van Max en Pérez. De Mexicaan laat tevens zijn motor verwisselen en moet vijf plekken inleveren. Leclerc valt om dezelfde reden tien plekken terug, waardoor Max doorschuift naar de eerste startrij.

Als de lichten een dag later doven, komt hij veel beter van zijn plek dan Science, die de koppositie binnen honderd meter al kwijt is. De Spanjaard hoopt in de eerste bocht de tegenaanval in te zetten, maar wordt tot zijn ontzetting vol in de flank geraakt door de als vierde gestarte Russle. Science spint en ziet het hele veld voorbijrazen. Tot overmaat van ramp blijkt zijn Ferrari terminaal beschadigd en moet hij ontgoocheld opgeven. Russle krijgt op zijn beurt een tijdstraf voor het vergrijp.

Beter vergaat het Max, die met een flinke voorsprong uit het startgewoel komt. Luis is naar de tweede plek opgerukt, voor de fraai als vijfde gestarte Stroll. Lang kan de Canadees zich niet op de derde plek handhaven. Eerst komt Russle hem voorbij en even later volgt Pérez, die zich zonder problemen van zijn gridstraf herstelt. De Mexicaan meldt zich al gauw aan de staart van de Mercedes, maar inhalen is er niet bij.

Vanwege de hoge bandenslijtage beginnen de pitstops al vroeg in de race. Pérez gaat via de pitstops voorbij Russle, die zijn tijdstraf uit moet zitten. Max weet zijn voorsprong op Luis bij de pitstops te vergroten. Ook ligt Leclerc nog tussen de twee kemphanen van vorig jaar in. De Monegask, die de grootste moeite had met Fattle in de achterste Aston Martin, blijft vrolijk op zijn oude banden doorrijden, net als Fattle overigens.

Die tactiek pakt goed uit als Bottas, die na een mislukte pitstop nog steeds klemzit achter Gasly, zijn Alfa Romeo plotseling tot aan zijn assen in het grind zet. Meteen rukt de safetycar uit en duikt iedereen de pits in die nog geen nieuwe banden had laten omleggen. Leclerc blijft zodoende Russle voor en kan als vierde aansluiten, terwijl Fattle ineens voor Stroll ligt.

Als de race wordt hervat, is Alonso op oorlogspad. De Spanjaard, die eveneens van de neutralisatie had geprofiteerd, ontfutselt Gasly meteen de achtste plaats, waarna hij op jacht gaat naar Stroll. Op het lange rechte stuk komt hij pas op het allerlaatste moment uit de slipstream. Precies op dat moment gooit Stroll het gat dicht en wordt Alonso over het linker achterwiel van de Aston Martin gelanceerd. De Alpine toucheert de vangrail, maar kan wonder boven wonder verder, terwijl Stroll gelijk uit de strijd ligt. Vanwege de ravage moet de safetycar opnieuw uitrukken.

De tweede herstart verloopt wel zonder incidenten. Max behoudt zonder problemen de leiding, voor Luis en Pérez, waarmee de volgorde vooraan hetzelfde is als een jaar eerder. Heel lang houdt de situatie niet stand, omdat Leclerc Pérez halverwege de race op een gedurfde manier inhaalt. Niet veel beter vergaat het Max, die klaagt over de motor en niet weg kan rijden bij Luis.

Mercedes ziet kans om de leiding over te nemen en haalt Luis vroeg de pits in voor wederom een set harde banden. Red Bull probeert te counteren door Max een ronde later eveneens de pits in te dirigeren. De pitstop loopt uit op een kleine ramp omdat het linker voorwiel er maar niet op wil. Tot zijn niet geringe frustratie rijdt Max nog achter Leclerc, die eveneens een set nieuwe mediums had laten monteren, de pits uit. Luis is dan al uit het zicht verdwenen.

De koppositie is dan in handen van Pérez, die even later ook nieuwe banden haalt en met het betere ellebogenwerk kan voorkomen dat hij zijn plek kwijtraakt aan Russle, die een paar ronden daarvoor was gestopt. Max dringt ondertussen aan bij Leclerc. Hij gaat de Ferrari in de eerste bocht voorbij, maar wordt meteen weer teruggepakt. Even later is het wel raak en blaast hij de Monegask op het lange rechte stuk met behulp van DRS finaal voorbij.

Fattle is vooraan als enige nog niet voor de tweede keer gestopt en ligt daardoor trots aan kop. Tegen Luis heeft hij weinig in te brengen en eenmaal terugverwezen naar de tweede plek laat ook hij nieuwe banden omleggen. De pitstop loopt uit op een ramp als het linker voorwiel er niet op wil, waardoor de Duitser zich terug op de baan ineens op de dertiende plaats terugvindt.

Eenmaal op de tweede plaats heeft Max aanvankelijk moeite om Leclerc af te schudden. Wanneer hij hem eindelijk uit zijn DRS-bereik heeft gereden, gaat hij op jacht naar Luis. De mediums blijken inderdaad sneller te zijn dan de harde banden en dus knabbelt Max steeds wat van zijn achterstand af. Daarmee is de situatie precies omgekeerd aan die van vorig jaar, toen Max zelf rondenlang de druk van Luis moest weerstaan.

Waar Max destijds de overwinning uit het vuur sleepte, lukt het Luis, die dit jaar nog op zijn eerste overwinning wacht, niet. Vanaf grote afstand zet Max aan het eind van het lange rechte stuk de aanval in. Luis wordt erdoor verrast en probeert hem in de remzone nog de pas af te snijden, maar is te laat. Luis geeft niet op, maar moet zich na een bochtenlang gevecht definitief gewonnen geven.

Zodoende boekt Max zijn dertiende seizoenszege in een emotioneel weekend, waarmee hij Michael Schumacher en Fattle evenaart, die hun laatste titels met hetzelfde aantal overwinningen binnenhaalden. Luis wordt tweede, terwijl Leclerc Pérez nog net voor weet te blijven en derde wordt. Hoewel Leclerc daarmee de tweede plek in het kampioenschap weer van Pérez overneemt, is het onvoldoende om het constructeurskampioenschap langer open te houden. Dat is, voor het eerst sinds 2013, een prooi voor Red Bull.

Op gepaste afstand komt Russle als vijfde over de streep nadat hij kort voor het einde nogmaals nieuwe banden had gehaald om het bonuspunt voor de snelste raceronde te pakken. Norris wordt dankzij een ijzersterke eindsprint zesde. Vlak voor tijd gaat hij langs Alonso, die tegen het eind van de race zijn beschadigde rechterspiegel verliest, maar wel zevende wordt met zijn gewonde bolide.

Fattle krijgt Magnussen in de laatste ronde nog te pakken en finisht ondanks zijn volkomen mislukte stop nog als achtste. De Deen rijdt voor het eerst in drie maanden weer in de punten na de dappere beslissing om na de neutralisatie geen nieuwe banden meer te halen. Het laatste punt gaat naar Tsoenoda, een mager resultaat nadat hij en teamgenoot Gasly na de herstart een tijd op de zevende en achtste plaats hadden gebivakkeerd. Gasly komt vlak achter hem over de streep, maar finisht na een tijdstraf omdat hij een tijdstraf niet goed zou hebben ingelost slechts als veertiende.

Eveneens achter het net vissen de vanuit de pits gestarte Ocon en Joe, terwijl Mick na zijn pitstop niet vooruit te branden is en slechts als vijftiende eindigt. Hij weet alleen de stuitend langzame Ricciardo en de fout op fout stapelende Latifi voor te blijven.

Wordt Mexico volgende week Maxico, of moet de tweevoudig wereldkampioen langer wachten op zijn unieke veertiende seizoenszege?

10 oktober 2022

BSG wint moeizaam van Schaakmat Westland

BSG heeft in de tweede ronde zijn eerste overwinning van het seizoen gepakt. Schaakmat Westland werd met het kleinst mogelijke verschil aan de kant gezet.

Na de valse start tegen Philidor was BSG er alles aan gelegen om de uitwedstrijd tegen het vrij zwakke team van Schaakmat Westland in een overwinning om te zetten. De club speelt in het gehucht De Lier, gelegen in het landelijke gebied tussen Den Haag en Rotterdam, een uithoek van Holland waar ik met BSG in externe wedstrijden zelden geweest ben. Dat elke akker er versierd was met een reeks vlaggen van de Duitse deelstaat Sleeswijk-Holstein, maakte dat je je helemaal in het buitenland waande. Geen van de spelers van de twee teams van de ernstig vergrijsde thuisclub kwam me ook maar enigszins bekend voor.

Een voordeel van die oldtimers is dat hun denkpatronen al helemaal ingesleten zijn, waardoor je je goed kunt voorbereiden, helemaal als er veel partijen van ze bekend zijn. Henk van Putten is zo iemand. Ondanks zijn hoge leeftijd is hij nog enorm actief op internet, wat een goudmijn aan partijen oplevert. Ewood trof hem aan het derde bord en wist precies wat hem te doen stond. Hij had zijn huiswerk goed gemaakt en dat leverde hem een dijk van een stelling op, waarna zwart gauw onder de druk bezweek en de benjamin in het gezelschap BSG op voorsprong zette.

Een paar borden verderop won Rein tegen Manfredt Kindt in de opening een hele lelijke pion. In de manoeuvreerpartij werd het evenwicht niet echt verbroken, maar net toen het spannend dreigde te worden, werd plotseling de vredespijp gerookt. Na afloop had Rein het gevoel er met een blauw oog vanaf te zijn gekomen. Dat fysieke ongemak bleef hem gelukkig bespaard, maar helemaal ongeschonden kwam hij niet thuis, omdat hij op weg naar de auto een stoeprandje over het hoofd zag.

De voorsprong werd vergroot door Ton, die met zwart een vlijmscherpe Siciliaan speelde, waarin tegenstander Johan Valstar het verkeerde stuk offerde en weliswaar met een paard een bres in de zwarte koningsstelling wist te slaan, maar toch te weinig compensatie had. Ton speelde het nogal losjes verder, waardoor het toch nog spannend werd, maar toen de witspeler niet doorzette, ging hij er alsnog aan.

So far so good, maar helaas kwamen er daarna wat nullen bij BSG op het scorebord terecht. Het Apenhoofd zat aan het kopbord tegenstander Michiel van Woerden in het middenspel volledig weg te schuiven, totdat de bordjes bij een afwikkeling volledig verhangen werden en hij met de pest in het lijf de witte vlag moest uithangen.

Ook niet best verging het Iskander, die in zijn eerste partij van het seizoen per se wit wilde hebben. Via een zetverwisseling kwam hij in het Frans terecht en besloot hij maar een gare zijvariant te spelen. Daarin vergat hij ergens met e4-e5 lebensraum voor zijn stukken te creëren, waarna tegenstander Timon van Dijk die zet zelf maar speelde en overweldigend kwam te staan. In het vervolg werd Iskander langzaam doodgedrukt alsof hij tegen Karpov in zijn beste jaren zat te spelen. BSG was zodoende weer terug bij af.

Gelukkig deed de Timon aan BSG-zijde wat terug door Menno Pietersma te verslaan. Hij kwam met een wat speculatief stukoffer op de proppen. Toen de witspeler daar te timide op reageerde, begon Timons leeuw pas echt te brullen. Eenmaal in het voordeel speelde hij het voorbeeldig uit en dus stond BSG weer op voorsprong.

Aan het laatste bord kwam Ruben met zwart vanuit het Russisch fantastisch uit de opening tegen Paul Brasser. Daar bleef het kennelijk bij en dus eindigde de partij vredelievend. Daarmee had FM Henk de taak de teamwinst binnen te tikken. Na de hele partij het beste van het spel te hebben gehad tegen Marnix Hofman (maar wie speelt er ook voor de lol een Nimzo met 4.f3?) kon hij niet doordrukken en gaf hij het eindspel met een dame tegen toren en loper maar remise.

Daarmee werd de eindstand op 3½-4½ voor BSG bepaald, een benauwde overwinning, die wel iets ruimer had mogen zijn. In ieder geval wist BSG voor het eerst in jaren weer een uitwedstrijd te winnen en dat biedt hoop voor de toekomst. Over vier weken is een club met de vreemde naam Rokado het volgende beoogde slachtoffer van de dadendrang van BSG.

Schaakmat Westland (2083) – BSG (2134) 3½-4½
1. Michiel van Woerden (2168) – Jesper de Groote (2204) 1-0
2. Marnix Hofman (2183) – Henk van der Poel (2234) ½-½
3. Henk van Putten (2061) – Ewoud de Groote (2237) 0-1
4. Johan Valstar (2008) – Ton van der Heijden (2267) 0-1
5. Manfred Kindt (2066) – Rein Brouwer (2073) ½-½
6. Menno Pietersma (2084) – Timon Brouwer (2021) 0-1
7. Timon van Dijk (2088) – Iskander Schrijvers (2033) 1-0
8. Paul Brasser (2006) – Ruben Hilhorst (2003) ½-½

Verstappen pakt tweede titel in stijl

Max Verstappen is voor de tweede keer wereldkampioen geworden. Op een kletsnat Suzuka droogde hij in de gekortwiekte Grand Prix van Japan de concurrentie af op weg naar zijn twaalfde seizoenszege. Dankzij de tijdstraf van Charles Leclerc na de race was dat precies genoeg voor de titel.

Met vijf zeges op rij legde Max rond de zomerstop de basis voor zijn tweede titel. In Singapore kon het al zover zijn, maar doordat hij na een uitermate ongelukkig weekend op een zevende plaats bleef steken, moest het titelfeest nog even worden uitgesteld. In Japan kon het alsnog zover zijn.

In de droge kwalificatie laat Max er geen gras over groeien en kaapt hij de pole voor de neuzen van Leclerc en Science weg. Pérez is op gepaste afstand vierde, terwijl de Mercedes voor de verwachte natte omstandigheden op zondag zijn afgesteld en de daaropvolgende startrijen delen met de Alpines.

Een dag later regent het inderdaad pijpenstelen en dus vertrekt het hele veld op intermediates. Als de lichten doven, komt Max matig weg. Leclerc ligt een neuslengte voor als ze op de eerste bocht afstormen. Max durft later te remmen en gaat de Monegask in een zwierige beweging buitenom voorbij.

Achter hen gebeurt het nodige in de openingsronde. Zo valt Fattle naar de laatste plaats terug als hij Alonso in de eerste bocht aantikt en linksaf de grindbak in verdwijnt. Nog minder vergaat het Science, die halverwege de eerste ronde hard van de baan tettert. Na de muur te hebben geraakt, komt de gebutste Ferrari half op de baan tot stilstand. Gelukkig weet iedereen de bolide te ontwijken. De vanuit de pits gestarte Gasly onderschept echter een losgeraakt reclamebord en kan meteen weer de pits in.

De race is ondertussen geneutraliseerd. In zijn haast om weer bij de rest van het veld aan te sluiten, rijdt Gasly als een bezetene de baan over en krijgt hij de schrik van zijn leven als hij langs de baan ineens een takelwagen ziet opdoemen. Het ding is er natuurlijk om Science’ Ferrari te bergen, maar het roept bij de Fransman direct akelige herinneringen aan het ongeluk met Jules Bianchi in 2014 op. Niet lang daarna wordt de race vanwege de hevige regenval onderbroken.

Pas na twee uur zijn de omstandigheden iets verbeterd en wordt de race hervat met de 18 auto’s die nog in competitie zijn; Albon had de eerste ronde door een technisch defect niet overleefd. Er zijn nog 40 minuten te gaan als de race na een aantal trage ronden achter de safetycar eindelijk echt van start gaat.

In de achterhoede duiken Fattle en Latifi meteen achter de safetycar de pits in om hun regenbanden, die vanwege de slechte weersomstandigheden verplicht waren gesteld, in te wisselen voor intermediates. Op de groen gemarkeerde band zijn ze loeisnel, dus volgt iedereen hun voorbeeld.

De enige die stoïcijns op zijn regenbanden blijft doorrijden, is Mick. Max krijgt de zoon van kort na zijn bandenwissel te pakken en weet zodoende Leclerc, die nog wat langer achter de Duitser gevangen zit, af te schudden. Plotseling heeft Max 5 tellen voorsprong. Leclerc knabbelt daar meteen wat van af, maar beult daarbij zijn banden te veel af, waardoor hij het gat in het vervolg alleen maar ziet oplopen.

Naarmate de gekortwiekte race vordert, moet Leclerc steeds meer in zijn spiegels gaan kijken. Pérez loopt gestaag in en zit in de slotfase in de kofferbak van de Ferrari. Max heeft ondertussen zo’n grote voorsprong dat hij overweegt om, net als enkele coureurs in de achterhoede, een nieuw setje intermediates te halen om het punt voor de snelste raceronde op te strijken. Daar ziet hij uiteindelijk maar vanaf, dus komt hij na 28 van de geplande 53 ronden met een kanonneneind voorsprong over de finish.

Leclerc bezwijkt op zijn beurt in de allerlaatste bocht onder de druk van Pérez. Hij snijdt de chicane af en rijdt Pérez daarna nog klem, wat hem kort na de finish volkomen terecht op een tijdstraf van 5 seconden komt te staan. Red Bull kan zodoende een dubbelzege vieren in Honda-land, maar het wordt nog beter voor ze als er onverwacht toch volledige punten voor de halve race worden uitgedeeld.

Na het fiasco in België van vorig jaar was er een uitermate ingewikkelde puntentelling bedacht voor in het geval dat niet de volledige raceafstand zou worden afgelegd. Dat vervolgens om een nogal vage reden niet gebruikt werd. De telramen worden er nog maar een keer bij gepakt en plotseling wordt Max tot kampioen uitgeroepen. Zijn voorsprong van 113 punten is er één meer dan de 112 punten die in de komende vier races plus sprintrace zijn te vergeven.

De Nederlander kan het zelf nog niet echt geloven dat hij de titel vier races voor het eind al gewonnen heeft. Aanvankelijk zag het er niet naar uit dat hij zijn titel zou prolongeren, na twee uitvalbeurten in drie races, maar vanaf dat moment was hij bijna niet te stoppen. Met 12 seizoenszeges is hij tevens hard op weg om het record van 13 overwinningen in een seizoen van Michael Schumacher in 2004 en Fattle in 2013 te verbreken.

Pérez neemt door zijn tweede plaats de tweede plek van Leclerc in het kampioenschap over, waarmee de constructeurstitel voor Red Bull ook een formaliteit lijkt. Daarmee komt tevens een eind aan 8 jaar Mercedes-dominantie. Het Duits-Britse team, dat in 2014 nog een einde aan de Red Bull-dominantie maakte, speelde in Japan wederom een figurantenrol. Luis beet zijn tanden stuk op Ocon en werd vijfde, terwijl Russle terrein verloor bij de pitstops en slechts als achtste over de finish kwam.

Fattle kwam nog knap als zesde over de streep dankzij zijn bandengok, terwijl Alonso er in de slotfase nog een bandenwissel tegenaan gooide in de hoop de Duitser te kloppen. Hij kwam daarvoor een fractie van een seconde tekort. Latifi scoorde ondertussen zijn eerste punten van het seizoen dankzij dezelfde bandengok als Fattle, terwijl Norris met het laatste punt genoegen moest nemen.

Over twee weken gaat het seizoen verder in Amerika, waar Red Bull eventueel al het constructeurskampioenschap kan veiligstellen.

17 september 2022

Ook in de tweede klasse heeft BSG het zwaar

 Na de degradatie uit de eerste klasse zou BSG een niveautje lager weer veel gaan winnen. Het K-woord werd voor het begin van het seizoen al in de mond genomen. Al in de eerste ronde kregen die kampioenschapsaspiraties een gevoelige knauw. Het sterke Philidor Leiden won in het Denksportcentrum met het kleinst mogelijke verschil.

Na een vrijwillige en een onvrijwillige degradatie speelt BSG 1 dit seizoen in de tweede klasse, een klasse waar het tweede vier seizoenen geleden nog in uitkwam. Sinds 2007 heeft BSG 1 ook niet meer zo laag gespeeld als nu. Toch was er plaats voor optimisme. Doordat BSG 1 niet langer een tiental, maar een achttal was, ging het er qua speelsterkte op vooruit. Hoe groot het zelfvertrouwen was, bleek wel toen grootmeester Harmen Jonkman vriendelijk werd bedankt voor zijn interesse. De tien spelers van afgelopen seizoen, exclusief Coen, zouden dit jaar een gooi om het kampioenschap moeten doen.

De eerste tegenstander was Philidor uit Leiden, met ex-BSG’er Frank Erwich als onbetwist sterkste speler. Een geduchte tegenstander en een belangrijke concurrent voor promotie. Dat beide teams zich doordrongen waren van het belang van de wedstrijd, bleek wel uit het feit dat ze op volle oorlogssterkte waren. Bij BSG, dat standaard elke ronde twee reserves heeft, hadden Iskander en teamleider Timon deze ronde vrijaf.

Uit tactische overwegingen had BSG Rein aan het kopbord gezet, in de hoop dat hij daar met zijn betonstijl een remisetje kon pakken tegen Frank Erwich. Philidor doorkruiste het strijdplan door de uit vorm zijnde Thijs Roorda aan het kopbord te posteren. Inderdaad eindigde het duel in een draw en daar mocht Rein niet over mopperen.

Ewood had aan het derde bord de taak om Frank Erwich te neutraliseren en deed dat met verve. Hij besloot opeens een Caro-Kann uit de hoge hoed te toveren en bereikte daarmee al gauw een gelijke stelling, waarna de vredespijp werd gerookt.

Minder verging het Ruben aan het laatste bord. Robin Wooter zette hem in de opening al gauw aan het denken en had al gauw het beste van het spel. In een moeilijke stelling ging Ruben gauw door de knieën en dus stond Philidor op voorsprong.

Tegenvallend voor BSG was dat Ton aan het tweede bord het verschil niet kon maken. Hij had alles wat een schaker zich maar kan wensen, maar op het eind kon Stef van der Zon met een uiterst vervelend paard nog remise maken.

Ongeveer het omgekeerde verloop had de partij van het Apenhoofd aan bord 5. Na de opening verprutst te hebben, mocht hij van geluk spreken dat tegenstander Maarten van Harten de finishing touch miste, waardoor hij nog met een blauw oog naar remise kon ontsnappen.

De situatie werd penibel voor BSG toen Frans aan het zevende bord zijn koning moest omleggen. Tegen Arres Oudshoorn had hij zich, zijn stijl getrouw, toegelegd op tegenhouden. Dat ging een tijd goed, maar aan het eind van de middag was de benzine op en werd hij alsnog naar een nederlaag gespeeld.

FM Henk scoorde de aansluitingstreffer door Guido Koekenbakker in het eindspel pootje te haken, waarna alle ogen gericht waren op de partij tussen Mark en Wessel Braggaar. Na een in het middenspel geofferde pion nooit meer te hebben teruggezien, probeerde Mark in het eindspel nog een wonder te verrichten met zijn loperpaar, dat inmiddels tegen twee minuspionnen moest opboksen. Het wonder geschiedde half, want hij wist er dankzij een zetherhaling nog een remise uit te peuren. Meteen na afloop kreeg de arme zwartspeler de vraag van zijn teamgenoten naar zijn hoofd geslingerd waarom hij niet een van zijn pluspionnen opofferde om wits vervelende loper te ruilen.

Voor het resultaat maakte het niet uit, want BSG verloor alsnog. Met het kleinst mogelijke verschil, net als vorig jaar vaak het geval was. In dat opzicht is BSG nog niet veel met de degradatie opgeschoten. BSG 2 won daarentegen juist met het kleinst mogelijke verschil van het niet misselijke team De Amstel 1, na lange tijd op achterstand te hebben gestaan.

BSG (2155) – Philidor Leiden (2160) 3½-4½
1. Rein Brouwer (2071) – Thijs Roorda (2136) ½-½
2. Ton van der Heijden (2270) – Stef van der Zon (2150) ½-½
3. Ewoud de Groote (2233) – Frank Erwich (2376) ½-½
4. Henk van der Poel (2218) – Guido Bakker (2183) 1-0
5. Jesper de Groote (2206) – Maarten van Harten (2145) ½-½
6. Mark Grondsma (2114) – Wessel Braggaar (2099) ½-½
7. Frans Borm (2109) – Arres Oudshoorn (2154) 0-1
8. Ruben Hilhorst (2015) – Robin Wooter (2035) 0-1

BSG heeft nog drie weken om over deze kater heen te komen, want dan speelt het tegen Schaakmat Westland.