31 december 2022

Terugblik op 2022

Zoals aan het eind van elk jaar is er de terugblik met de vraag of het glas halfvol of halfleeg is, of dat je een te groot glas gepakt hebt. Wat waren de hoogte- en dieptepunten van 2022?

Zoals de laatste jaren gebruikelijk is, was 2022 voor mij op sociaal vlak een vrij karig jaar. Op Facebook lijk ik niet meer te bestaan en deze site trekt met de dag minder bekijks. Vanwege het vele thuiswerken heb ik ook minder contact met mijn collega’s, hoewel we de laatste maanden weer wat vaker naar kantoor gaan. In ieder geval heb ik onlangs mijn eerste kerstdiner in Den Haag mee mogen maken. Hopelijk zullen er nog veel volgen.

Tegenover al deze treurverhalen staat natuurlijk ook iets heel moois, namelijk mijn relatie met Xiaomei. 2022 was ons eerste volledige jaar samen, hoewel we nog steeds niet samenwonen. Die verrekte huizenmarkt in dit land ook… Afgelopen jaar ben ik in de weekenden vaak op en neer naar Leiden gegaan, tot verdriet van Bounder, die ik dan steeds alleen achter moest laten. Aanvankelijk was het vanwege de lockdowns lastig om echt iets samen te kunnen doen, maar inmiddels zijn we alweer twee keer samen op vakantie geweest. Daardoor heb ik wel de nodige Formule 1-races gemist, uitgerekend in het Jaar van Verstappen.

De Formule 1 ben ik wel blijven volgen. Ik hoop zelfs een boek uit te kunnen brengen, hoewel in niet weet wanneer en of er ook een uitgever op te wachten zit. Diezelfde vraag heb ik over het manuscript van een wetenschappelijk artikel over inhalen in de Formule 1 waar ik al bijna een jaar niks meer van gehoord heb. Niet dat ik de illusie meer heb dat het artikel de wereld zou opschudden. Een vergelijkbaar artikel dat vorig jaar gepubliceerd werd, is nog altijd niet geciteerd.

Erg veel interesse in mijn schrijfsels is er de laatste tijd dus niet en dus had een blinde waarschijnlijk al aan zien komen dat ik gepasseerd zou worden als verslaggever op het Nederlands Jeugdkampioenschap Schaken. Dat schaakleed viel natuurlijk in het niets bij dat van onze Coen, die we helaas in 2022 achter moesten laten. Sowieso was het een vrij desastreus jaar voor BSG, met een tamelijk ongelukkige degradatie uit de eerste klasse. Zelf bakte ik er ook niet veel van, met veel nederlagen uit goede stellingen en remises uit slechte.

Toch staat er tegenover al dit leed wel iets moois. We hebben namelijk weer een clubblad! Als nieuwe redacteur kan ik me daar lekker op uitleven. Het betekent ook dat ik weer een publiek heb om voor te schrijven. Een clubblad is ook goed voor de sociale cohesie binnen de club. In het verlengde daarvan heb ik het idee dat BSG 1 ook weer meer als een team opereert, nadat alle corona-ellende toch wel gaten in het collectief had geslagen. Sowieso heb ik stiekem de hoop dat de wereld over het dieptepunt heen is en dat het de komende jaren alleen maar beter gaat.

In ieder geval ben ik hoopvol gestemd over de toekomst. We gaan het jaar beter uit dan we erin kwamen, die domme oorlog in Oekraïne en de torenhoge inflatie ten spijt. Ik hoop komend jaar stappen te kunnen zetten op de woningmarkt, dat ik regelmatig kwalitatief hoogstaand werk voor het clubblad aan kan leveren, dat mijn Formule 1-artikel eindelijk gepubliceerd wordt, dat ik de grootste lol ga hebben met het tekenen van een strip en dat ik ook weer wat beter ga schaken. En natuurlijk hoop ik dat Max zijn titel succesvol verdedigt.

Met die verwachtingen wilde ik afsluiten. Iedereen een fijn 2023!

30 december 2022

Erwin l’Ami Nederlands Kampioen

Vaak meegedaan, maar nooit echt succesvol: Erwin l’Ami en Nederlands Kampioenschappen waren nooit een gelukkige combinatie. Daar kwam vandaag verandering in. Na in de finale met Robby Kevlishvili te hebben afgerekend, mag de 37-jarige grootmeester zich eindelijk de beste schaker van het land noemen.

Na in de voorrondes zonder enige moeite drie gerenommeerde tegenstanders aan de kant te hebben gezet, mocht Erwin l’Ami het in de finale opnemen tegen Robby Kevlishvili, de spreekwoordelijke kat met negen levens. Het beste was inderdaad voor het laatst bewaard, omdat L’Ami voor het eerst in het toernooi echt tegenstand kreeg. Met wit probeerde hij het nog lang, maar moest hij in remise berusten, terwijl Kevlishvili in zijn witpartij al heel gauw voor een bekende zettenherhaling koos om het op een verlenging te laten aankomen.

In de verlenging kwam Kevlishvili heel ver. L’Ami trok dezelfde Spanjaard uit de kast als in de reguliere partij. Kevlishvili ging er nu wel vol voor en kwam ook overwegend te staan nadat L’Ami had verzuimd op f3 te slaan.

Kevlishvili – L’Ami, stelling na 16.Tec1.

Hier was 16…Lxf3 absoluut noodzakelijk. In plaats daarvan deed L’Ami 16…Pd8? en moest na 17.Pe1! c6 18.Pd3 Lg6 19.f4 Lxd3 de loper onder ongunstigere omstandigheden tegen het paard ruilen. In het vervolg stond L’Ami voor het eerst dit NK met de rug tegen de muur.

Kevlishvili – L’Ami, stelling na 47.Txa8. Klik op deze link voor de analyse.

Hier besloot L’Ami een pion te offeren om onder de druk uit te komen met 47…Ta7?! Na 48.Txa7 Dxa7 49.Dxc6 Da2 kwam de dame binnen. Kevlishvili besloot de dreigingen het hoofd te bieden met 50.Lf2? en kwam na 50…hxg4 51.hxg4 fxg4 52.Lxg4 Dxb3+ al gauw in moeilijkheden. Beter was 50.gxh5 gxh5 51.Lxd5, om pas na 51…De2 52.Lf2 te doen. 52…Lh4+ 53.Kxh4 Dxf2+ 54.Kg5 Dg3+ 55.Kf6 loopt dan nog net goed voor hem af. Zoals het nu ging, raakte Kevlishvili de regie over de partij binnen een paar zetten kwijt en kreeg hij een lelijke nul te slikken.

In de herkansingspartij kreeg Kevlishvili geen poot aan de grond, waardoor L’Ami overtuigend kampioen werd. Met zes zeges en twee remises was hij over het hele toernooi duidelijk de sterkste schaker. Positioneel was hij sterk en tactisch liet hij weinig steken vallen. Kennelijk komt zijn degelijke speelstijl beter tot zijn recht in deze minimatches dan in een regulier toernooi, waarin je soms ook risico’s moet nemen om partijen te winnen. Misschien had hij ook wat geluk dat zijn op papier gevaarlijkste concurrent Max Warmerdam al eerder werd uitgeschakeld en dat zijn angstgegners Jorden van Foreest en Friso Nijboer niet meededen, maar gezien de bloedvorm waarin hij verkeerde, hadden ook zij het heel lastig gehad.

Kevlishvili moest zodoende genoegen nemen met het zilver, een prestatie die hij aan zijn zwartpartijen, maar vooral ook zijn snelschaakskillz had te danken. Zowel tegen Lucas van Foreest als Max Warmerdam was hij in de verlenging succesvol. Wellicht zal hij nog wel spijt hebben dat hij vanochtend zo gauw remise maakte, gezien de kansen die hij in de barrage met een ambitieuzere aanpak in dezelfde opening kreeg, maar achteraf kijk je een koe altijd in haar hol. In ieder geval kan hij terugkijken op een uitermate succesvol NK.

Scores Erwin l’Ami op NK’s:
2003: 5-8e met 4 uit 9
2004: 4e met 5 uit 9
2005: 8-9e met 4 uit 9
2006: 8e met 5 uit 11
2007: 3-5e met 7 uit 11
2008: 4-5e met 6½ uit 11
2009: niet meegedaan
2010: 4-6e met 5 uit 9
2011: 9e met 2½ uit 9
2012: 2-3e met 5 uit 7
2013: 6e met 2½ uit 7
2014: 7e met 2 uit 7
2015: 6e met 2½ uit 7
2016: 3-4e met 3½ uit 7
2017: 4-5e met 3½ uit 7
2018: 2-5e met 4 uit 7
2019: 6-7e met 3 uit 7
2020: niet gespeeld
2021: niet meegedaan
2022: kampioen

Ondertussen is bij de dames Machteld van Foreest overtuigend kampioen geworden. Nadat ze in het vijfrondige toernooi al de sterkste was, moest ze om onduidelijke redenen nog een barrage spelen tegen Anne Haast, die op een half puntje achterstand tweede was geworden. In de barrage verpletterde ze de titelverdedigster, zodat huize Van Foreest een derde kampioen in hun midden heeft.

28 december 2022

Het Nederlands Kampioenschap Schaken: ronde 2 en 3

Op de valreep word dit jaar nog de Nederlands Kampioen Schaken aangewezen. Maar wie wordt het? Wordt het de man in vorm, Erwin l’Ami, of wordt het Robby Kevlishvili, die titelverdediger Max Warmerdam uit het toernooi kegelde? Morgen en overmorgen treffen ze elkaar in de finale.

Kwartfinale

Het Nederlands Kampioenschap Schaken is dit jaar een knock-outtoernooi. De vorige keer schreef ik al hoe de helft van de deelnemers naar huis werd gestuurd. Voor de kerst werd de kwartfinale gespeeld, met daarin de volgende affiches die de volgende vier afvallers zouden bepalen:

Dimitri Reinderman (2575) – Max Warmerdam (2619)
Erwin l’Ami (2627) – Sergei Tiviakov (2562)
Roeland Pruijssers (2538) – Erik van den Doel (2582)
Lucas van Foreest (2577) – Robby Kevlishvili (2530)

De kwartfinales lieten vooral onder de oppervlakte heel wat spektakel zien, met vechtschaak waarbij beide zijden de nodige kansen misten.

Roeland Pruijssers (2538) – Erik van den Doel (2582)

Helaas zat tussen al het spektakel ook een waanzinnige anticlimax. In een volkomen gelijke stelling vond er een enorme kortsluiting in het hoofd van Erik van den Dull plaats, waardoor hij pardoes zijn dame weggaf. Kennelijk was hij zo ontgoocheld dat hij er in de herkansingspartij met de pet naar gooide, waardoor Roelieboelie eenvoudig remise kon maken.

Dimitri Reinderman (2575) – Max Warmerdam (2619)

Spannender verliep de match tussen Dimitri Reinderman en de kampioen van vorig jaar. Na twee remises moesten de heren gaan verlengen. Toch had Max Warmerdam de match in de reguliere speeltijd al in zijn voordeel kunnen beslechten. Nadat Rendierman zich in de opening een flinke onnauwkeurigheid had gepermitteerd, kwam hij met wit al gauw slecht te staan.

Reinderman – Warmerdam, stelling na 14.Dc2.

De eerste zet waar je oog in deze stelling op valt is natuurlijk 14…Pcd5. Die zet is ook goed. Slaan op d5 verbetert zwarts structuur en komt niet in aanmerking, maar na 15.0-0 komt 15…Pf4! Wits paard op e3 snijdt al wits stukken op de damevleugel van de verdediging af, waardoor zwart na bijvoorbeeld 16.gxf4 Lxf4 17.Kh1 alle tijd heeft voor 17…Dh6! met een winnende aanval. In plaats daarvan speelde Marmerdam het timide 14…Ld7?! Een paar zetten later kreeg hij een herkansing.

Reinderman – Warmerdam, stelling na 19.axb4.

Zwarts toren staat aangevallen, waar gaat hij naartoe? Marmerdam koos g5 en na 19…Tg5 20.Ta5 Pcd5 21.Pcxd5 Pxd5 22.Pxd5 cxd5 23.Ta6 e3 kon hij de hele koningsstelling van wit openrijten. Het zag er echter beter uit dan het was. Beter was 19…Th5!, om na 20.g4?! verder te gaan met 20…Txh3!! Een mogelijk vervolg is 21.Lxh3 Pxg4 22.Lg2 Lh2+ 23.Kf1 Pxf2! en wits koningsstelling wordt volkomen ontmanteld. Moeilijk te zien natuurlijk.

In de return accepteerde Rendierman met zwart een klein nadeel in de opening, maar wist hij de partij nog binnen de remisemarge te houden. In de rapidpartijen verbeterde Rendierman zijn opening uit de eerste partij en maakte gauw remise. Met zwart ging hij opnieuw vrijwillig op de pijnbank liggen en gaf hij onder immense druk een kwaliteit weg, waarna hij het wel kon schudden.

Erwin l’Ami (2627) – Sergei Tiviakov (2562)

Erwin l’Ami was met twee zeges aan het toernooi begonnen en liet daar meteen nog twee zeges op volgen. In de eerste partij wist hij Sergei Tiviakov grootmeesterlijk te overspelen nadat de zwartspeler zijn d-pion tegen wits c-pion had geruild. Een bevrijdingsactie kostte een pion, waarna L’Ami de pion teruggaf om een gewonnen toreneindspel te bereiken.

In de herkansingspartij kon Tiviakov eveneens totaal geen vuist maken. In een Spanjaard ging zo ongeveer alles mis bij hem wat er maar mis kon gaan. Kijk maar naar de onderstaande ruïne, met twee statische dubbelpionnen in het centrum die al wits stukken in de weg staan.

Tiviakov – L’Ami, stelling na 22.Ta2.

Zwart heeft een simpel plan: het paard op f6 naar c5 omspelen, dus begon hij met 22…Le8. Na 23.Tfa1 Pd7 24.Lxa4 Pc5 was dat ten koste van een pion gelukt. Er was nog een directere speelwijze, namelijk 22…Pg4! 23.Te1 Pf4! 24.exf4 Pf2+ 25.Kg1 Pd1+! 26.Kh1 Pxc3 en zwart maakt materiaal buit. L’Ami bleef echter positioneel spelen en lijnde Tiviakov ook op de koningsvleugel helemaal aan.

Tiviakov – L’Ami, stelling na 43.Pe1.

Hier leek 43…Dh4 de aangewezen zet. Zwart moet nog even wachten met …g4-g3 spelen omdat er dan een paard naar f3 kan, maar na bijvoorbeeld 44.Pf1 Th8 dreigt het wel. 45.g3 Dh1+ 46.Kf2 Pxe4+ is over en sluiten. Misschien is het een kwestie van smaak, want in plaats daarvan koos L’Ami voor 43…Dg5, met als pointe 44.Pf1 Th8 45.Kf2 Pxe4+. Na 46.Dxe4 Lf5 zat de dame in de knip.

Lucas van Foreest (2577) – Robby Kevlishvili (2530)

Ontevreden moet Lucas van Foreest zijn geweest met zijn witpartij tegen Robby Kevlishvili. Hij besloot een ietwat speculatief kwaliteitsoffer niet aan te nemen, waarna hij positioneel minder kwam te staan zonder dat hij daar een materieel voordeel tegenover kon stellen. Zwarts damevleugelpionnen liepen hard naar voren en dus moest hij de koning omleggen.

Kevlishvili hoefde zodoende met wit alleen nog maar remise te maken en leek te veel op twee gedachten te hinken. Na in een Najdorf het vreemde en agressief ogende 6.h4 te hebben gespeeld, besloot hij het drie zetten later al over een andere boeg te gooien.

Kevlishvili – Van Foreest, stelling na 8…g6.

Na 9.fxe5? dxe5 10.Dxd8+ Kxd8 11.Lg5 Pd7 werd de stelling positioneel van aard en had wit alleen maar last van zijn zesde zet. In het vervolg werd Kevlishvili dan ook hard overspeeld.

In de rapidpartijen wist hij zich weer te herpakken, ook omdat Van Foreest in zijn zwartpartij ineens met een Spanjaard op de proppen kwam. Het was geen succes en ditmaal liet Kevlishvili het niet meer glippen.

Dimitri Reinderman (2575) – Max Warmerdam (2619) ½-½ ½-½ (w.n.s.)
Erwin l’Ami (2627) – Sergei Tiviakov (2562) 1-0 1-0
Roeland Pruijssers (2538) – Erik van den Doel (2582) 1-0 ½-½
Lucas van Foreest (2577) – Robby Kevlishvili (2530) 0-1 1-0 (w.n.s)

Halve finale

Na kerst vlogen de vier overgebleven kandidaten elkaar in de halve finale in de haren.

Max Warmerdam (2619) – Robby Kevlishvili (2530)
Roeland Pruijssers (2538) – Erwin l’Ami (2627)

Waar de route naar de finale voor de een een snelweg zonder afslagen werd, was het voor de ander een hindernisbaan. Kijk en huiver!

Roeland Pruijssers (2538) – Erwin l’Ami (2627)

Na twee keer de volle buit te hebben binnengehaald, was het niet zozeer de vraag of Erwin l’Ami het onderonsje tegen vaste klant Roeland Pruijssers zou winnen, maar of hij de krullenbol een genaderemise zou gunnen. Roelieboelie mocht met wit aanleggen en besloot het over een andere boeg dan anders te gooien en Schots te spelen, om zo het dameloze Berlijnse eindspel te vermijden waarin L’Ami hem in het verleden al meerdere keren had verslagen. Hij maakte zijn aanvallende intenties al gauw kenbaar met het nogal gare 8.h4. Net als in de partij van Kevlishvili kwam het idee totaal niet uit de verf omdat de dames al gauw geruild werden, waarna die h-pion “als een zere duim” uitstak, zoals de Engelsen dat treffend omschrijven. Het lijkt erop dat Roelie zich in de opening een onnauwkeurigheid permitteerde.

Pruijssers – L’Ami, stelling na 12…Le6.

Hier speelde wit 13.b3?!, en na 13…d5! 14.cxd5 Pxd5 15.Pxd5 Lxd5 16.Kf1?! kwam wit al wat verdacht te staan. Zwart voltooide zijn ontwikkeling en ging daarna met …a7-a5-a4 zagen. Wits h4-h5 bleek toch beduidend minder effectief. Handiger was dus 13.Lf3!, om na 13…Tc8 de toren van de a-lijn te hebben losgeweekt, waarna zwarts tegenspel over de a-lijn trager is en wit zonder al te grote bezwaren 14.b3 kan spelen.

Zoals het nu ging, werd Roelie volkomen overklast en dus restte hem de ondankbare taak om met zwart te winnen om er nog een verlenging uit te peuren. In een grijs verleden had Roelie eens succes met het Hollands, maar aangezien L’Ami een jaar later alweer wraak had genomen, valt het te begrijpen dat hij zich daar niet nog een keer aan wilde wagen. In plaats daarvan speelde hij iets saais waarin de dames opnieuw gauw van het bord gingen, dus werd hij opnieuw geruisloos door Erwimir L’Amnik van het bord geschoven.

Max Warmerdam (2619) – Robby Kevlishvili (2530)

Spannender was de match tussen Max Warmerdam en snelschaakspecialist Robby Kevlishvili. In de eerste partij kwam Wax Marmerdam goed te staan nadat Kevlishfischer in zijn bluf was getrapt.

Warmerdam – Kevlishvili, stelling na 23…f6.

In plaats van het saaie 24.fxe6 ging wit voor het schijnoffer 24.Lxd4?! Kevlishvili geloofde wit op zijn woord en antwoordde met 24…Lf7?, wat hout kostte na 25.Lxc5 Lxh5 26.g4 Lf7 27.Le4 en de penning dwingt zwart praktisch een volle toren te geven: 27…Te8 28.c4 Txe4 29.Txe4 Db8 30.cxd5. Beter was gewoon 24…cxd4, omdat zwart na 25.fxe6 een kwaliteit ophaalt met 25…Le3.

Zoals het nu ging, kon Marmerdam voor de winst spelen. Na een lange strijd moest hij vanwege zijn open koningsstelling echter in remise berusten. In de herkansingspartij kreeg hij met zwart echter opnieuw een kans om de match in zijn voordeel te beslechten. Opnieuw rammelde Kevlishvili’s Najdorf aan alle kanten. De grootste kans miste Marmerdam in de onderstaande stelling.

Kevlishvili – Warmerdam, stelling na 37.Tcc7.

Twee torens op de zevende rij, dat is eng, dus speelde Marmerdam timide 37…Th7? Toch lijken wits torens gevaarlijker dan ze zijn en kan zwart met 37…Lxh3! zelf toeslaan. De pointe is dat na 38.Txg7+ Kh8 39.gxh3 Pf3+ winnend is. Het onderbrekingsmechanisme wint de loper op e3 en de partij. Na deze, en enkele andere kansen gemist te hebben, eindigde ook deze partij vredelievend.

In de rapidpartijen werd het evenwicht eveneens niet verstoord, dus kwam het op vluggertjes aan. Marmerdam deelde de eerste tik uit door zijn zwartpartij te winnen. Kevlishvili sloeg daarna twee keer terug en plaatste zich alsnog voor de finale.

Max Warmerdam (2619) – Robby Kevlishvili (2530) ½-½ ½-½ (w.n.s.)
Roeland Pruijssers (2538) – Erwin l’Ami (2627) 0-1 0-1

Finale:

Erwin l’Ami (2627) – Robby Kevlishvili (2530)

Toernooisite

23 december 2022

Het Nederlands Kampioenschap Schaken is begonnen!

De kop is eraf! Gisteren en eergisteren werden de eerste ronden van het Nederlands Kampioenschap Schaken in Groningen gespeeld. Vanwege het Wimbledon-format konden acht van de zestien deelnemers gisteren al naar huis. Tijd om de ramptoerist uit te hangen!

In lang vervlogen tijden was het NK nog een statig elfrondig toernooi, waarin de twaalf deelnemers allemaal een keertje tegen elkaar speelden. Helaas is daar helemaal niks meer van over. Tienkampen werden achtkampen en vorig jaar werd het deelnemersveld via eenzelfde knock-outtoernooi uitgedund naar vier.

Het voordeel van een knock-outkampioenschap is dat het lekker overzichtelijk is. Bij het Wereldkampioenschap Voetbal en tennistoernooien worden de winnaars ook op die manier aangewezen. Het voorkomt salonremises die je aan het eind van schaaktoernooien vaak ziet. Het nadeel is natuurlijk dat veel spelers vroeg naar huis moeten door het onvergeeflijke karakter van het format. Iemand die vroeg in het toernooi de sterren van de hemel speelt, kan er in de finale niet meer bij zitten omdat hij halverwege het toernooi ergens een stuk had weggeblunderd. Zo heeft elk format wel zijn voors en tegens.

Blunders kwamen in de eerste ronde geregeld voor. De ronde was verder vrij tam, wat wellicht met de vrij grote speelsterkteverschillen te maken had. De sterkste deelnemers werden in ieder geval aan de zwakste gekoppeld, in de hoop dat de sterksten dan natuurlijk tot het laatst overblijven.

1. Max Warmerdam (2619) – Arthur de Winter (2368)
2. Mark Timmermans (2391) – Erwin l’Ami (2627)
3. Erik van den Doel (2582) – Hing Ting Lai (2486)
4. Sipke Ernst (2512) – Lucas van Foreest (2577)
5. Dimitri Reinderman (2575) – Robin Swinkels (2514)
6. Thomas Beerdsen (2521) – Sergei Tiviakov (2562)
7. Roeland Pruijssers (2538) – Twan Burg (2522)
8. Robby Kevlishvili (2530) – Hugo ten Hertog (2531)

Een korte bespreking per duel.

Max Warmerdam (2619) – Arthur de Winter (2368)

Hoewel de winter pas net begonnen is, is het toernooi voor Arthur de Winter alweer voorbij. Nog geen week nadat hij de Nederlands Kampioen van vorig jaar in de KNSB-competitie op remise had gehouden met zwart, moest De Winter nu tweemaal buigen. In de eerste partij kon hij zich klaarblijkelijk zijn voorbereiding niet meer herinneren toen hij op de volgende spannende stelling had aangestuurd:

Warmerdam – De Winter, stelling na 13.Pa3.

Na 13…cxb3? volgde 14.Le4! bxa2 15.d4 en wit is helemaal los. In het vervolg profiteerde Marmerdam dankbaar van de vele open lijnen naar zwarts koning. Hoe het dan wel had gemoeten? Zwart had 13…Pd5! moeten proberen, wat c3 aanvalt en anders dreigt hij het paard naar de koningsvleugel te dirigeren. Wit moet dan waarschijnlijk al aan de noodrem trekken en zijn dame offeren met 14.Pxc4 Pxc3 15.dxc3 Txd1 16.Lxd1 met een spannende stelling.

In de return had De Winter het met wit even voor het zeggen. In het vervolg werd hij langzaam overspeeld en moest hij nogmaals de koning omleggen. Warmerdam dus overtuigend door.

Mark Timmermans (2391) – Erwin l’Ami (2627)

Een week na zijn optreden tegen BSG mocht Mark Timmermans het tegen de geslepen Erwin l’Ami proberen. Net als vorig jaar lag hij er na twee nullen alweer uit. In de eerste partij moest hij in het Schots al gauw beide lopers voor paarden inleveren en kon hij niet veel meer dan tegenhouden. L’Ami speelde het nogal slordig uit, maar nadat Timmermans een remisekans onbenut had gelaten, won hij alsnog vrij simpel.

In de return kwam er een beetje een rare Nimzo op het bord, waarin zwart te passief speelde en wit gratis het centrum kreeg. In de volgende stelling probeerde hij de penning op het paard meteen te breken met 12…h6.

L’Ami – Timmermans, stelling na 12…h6.

De loper kan niet naar h4, want dan wordt ‘ie ingesloten, dus 13.Lxf6 Dxf6 14.De2 e5 15.f4 en wit had netjes vier op een rij, maar helemaal duidelijk was het niet, omdat de pionnen ook wat kwetsbaar zijn. Beter was, inderdaad, 13.Lh4!! Wit blijkt na 13…g5 14.Lxg5 hxg5 15.f4 een winnende aanval te hebben. Een voorbeeld: 15…Pd7 16.e5 Lxc4 17.Lxc4 Pxc4 18.Dh5 Pf8 19.fxg5 Pg6 20.Txf7! en uit.

Uiteindelijk wist L’Ami de tweede partij nog vrij eenvoudig te winnen, zodat ook hij door is naar de volgende ronde.

Erik van den Doel (2582) – Hing Ting Lai (2486)

Erik van den Dull had verrassend weinig moeite met snelschaakspecialist Hing Ting Lai, die zich vorig jaar nog voor het NK plaatste. In twee vrij saaie partijen kreeg Lai geen poot aan de grond en dus moest ook hij het toernooi na twee nederlagen verlaten.

Sipke Ernst (2512) – Lucas van Foreest (2577)

Het Groningse onderonsje tussen Ernstke Sip en Lucas van Foreest leverde geen winnaar op. In de eerste partij stond Van Foreest aanvankelijk beter en daarna Ernst, dus werd uiteindelijk de vredespijp maar gerookt. In de tweede partij kreeg Van Foreest in een Benoni geweldige aanvalskansen, maar toen hij de koningsvleugel dichtschoof, kwam zijn offensief tot stilstand en mocht hij bijna nog blij zijn dat het remise werd. In de barrage wist Van Foreest het speelsterkteverschil wel in de score tot uitdrukking te laten komen, waardoor ook hij door is.

Dimitri Reinderman (2575) – Robin Swinkels (2514)

In de eerste partij miste Dimitri Reinderman een kans in het late middenspel, waarna de partij in remise verzandde. Die misser had zich een dag later kunnen wreken, omdat hij in de herkansingspartij volledig werd weggeschoven door Robin Swinkels.

Swinkels – Reinderman, stelling na 36…Tf7.

Zwart staat met de rug tegen de muur, maar hoe moet wit nu verder? 37.Pa7? Dxe7 38.Pxb5 Dc5 was het in ieder geval niet. De winst was binnen te halen met de probleemzet 37.Te6! Na 37…Lxe6 38.dxe6 Dxe6 39.Pd4 De5 40.Te1 kan zwart zijn stelling niet meer bij elkaar houden. Op 40…Dc5 volgt namelijk 41.Pe6+ met damewinst.

Het was niet heel gek dat Swinkels dit niet zag, maar na zijn gemiste kans werd hij weggespeeld, dus ging hij tragisch ten onder.

Thomas Beerdsen (2521) – Sergei Tiviakov (2562)

Heel boos op zichzelf moet Thomas Beerdsen (wederom) zijn geweest. Hij besloot in de opening dapper een stuk te offeren tegen Sergei Tiviakov. Het kon allemaal, maar dan moet je wel precies weten wat je doet. Helaas was Beerdsen zijn voorbereiding op een cruciaal moment vergeten. De consequenties lieten zich raden.

Beerdsen – Tiviakov, stelling na 13…De7.

Zwart heeft zojuist wits loper gepend. “Geen punt”, zal Beerdsen hebben gedacht, die zijn loper gauw dekte met 14.De2? Na 14…Ld6 15.Lg5 Pf6 zal hij wel langzaam tot de conclusie zijn gekomen dat hij geen greintje compensatie voor het geofferde stuk had en dat hij dus zijn dure witpartij verkwanseld had. Juist was 14.Tg3!, zie 14…Pf8 15.Te3 Pxe6 16.d5 en wit wint zijn geofferde stukken weer terug.

In de herkansing maakte Tiviakov de fout door met wit slap alles af te ruilen in de hoop remise te maken. Hij zaaide daarmee enige verlieskansen. In de onderstaande stelling verraste Beerdsen hem met wederom een stukoffer:

Tiviakov – Beerdsen, stelling na 32.Lc4.

32…Pxc3!? 33.Pxc3 Lxc4 34.bxc4 Ld2 35.Pe4 Lxe1+ 36.Kxe1 Txc4. De afwikkeling heeft zwart een kleine kwaliteit gekost, maar na 37.Lxe7 f5 38.Lf6+ Kg8 39.Pd2 Ta4 ging wits a-pion eraan en moest Tiviakov nog uitkijken ook. Dat deed hij en in een eindspel met loper tegen toren wist hij nog vrij makkelijk remise te maken. Zelf zou ik dat eindspel, met het oog op de matchsituatie, nog 50 zetten lang hebben uitgemolken. Beerdsen legde zich wat sneller bij zijn uitschakeling neer.

Roeland Pruijssers (2538) – Twan Burg (2522)

Ik kan me niet herinneren dat ik Roeland Pruijssers ooit met 1.d4 heb zien openen. Toch deed hij dat tegen Twan Burg, vermoedelijk om diens Sicilianen te ontlopen. Hij kwam ook wat beter te staan, maar na een vreemde ruil was het Burg die eerder beter stond. In de herkansingspartij kwam er een Swesjnikov (Pelikaan?) op het bord, waarin Pruijssers Burg positioneel knap weg wist te spelen.

Robby Kevlishvili (2530) – Hugo ten Hertog (2531)

Onlangs won Hugo ten Hertog nog de schoonheidsprijs in de KNSB-competitie door een briljante overwinning op Robert Ris. Robby Kevlishvili besloot dezelfde variant als Ris te spelen, waarna Ten Hertog juist als eerste afweek. In een rare partij nam hij enkele vreemde beslissingen, waardoor hij het voor de tijdcontrole ineens voor zijn kiezen leek te krijgen.

Kevlishvili – Ten Hertog, stelling na 35…Kf8.

Hier volgde natuurlijk 36.Txf6+ en uit. Na 36…gxf6 37.De7+ Kg8 38.Pxf6+ moet zwart kiezen of hij zijn dame of zijn koning inlevert. Daarom probeerde Ten Hertog nog 36…Kg8! en dat had meteen succes, want na 37.Txg6? ontsnapte hij aalglad naar remise met 37…Df2+ 38.Kd3 Df3+ 39.Kc4 Txc3+! 40.Pxc3 Tb4+ 41.Kc5 Dxc3+ en wit ontkomt niet meer aan de schaakjes. Beter was daarom 37.Df7+ Kh8 38.Te6!, zodat wit na 38…Df2+ 39.Kd3 Df3+ 40.Pe3 kan spelen. Doordat het paard nog een keer extra gedekt is, werkt 40…Txc3+ niet meer.

In de herkansingspartij schotelde Ten Hertog Kevlishvili een vreemde Najdorf voor, waarin hij opnieuw merkwaardige beslissingen bleef nemen en volkomen overspeeld werd. Ook nu kreeg hij kort voor het eind nog een hele verrassende reddingsboei toegeworpen.

Ten Hertog – Kevlishvili, stelling na 39.Pe7.

Opnieuw een stelling waarin het paardenpaar het tegen het loperpaar opneemt. Wits laatste zet laat 39…Dd7 toe, met een dubbele aanval op het paard en veld d1, waarna wit kan opgeven. In plaats daarvan deed zwart 39…Lc3. Na 40.Pd5 Dxh5 41.Dg1 Dg4 kwam alles netjes op zijn pootjes terecht. Wit had zich echter nog met het briljante 40.Pxe5! Dxh5 41.P5g6!! kunnen redden. Na 41…Dxh2 is het eeuwig schaak met 42.Pf8+. Iets voor in de stappenboekjes!

1. Max Warmerdam (2619) – Arthur de Winter (2368) 1-0 1-0
2. Mark Timmermans (2391) – Erwin l’Ami (2627) 0-1 0-1
3. Erik van den Doel (2582) – Hing Ting Lai (2486) 1-0 1-0
4. Sipke Ernst (2512) – Lucas van Foreest (2577) ½-½ ½-½ (w.n.s.)
5. Dimitri Reinderman (2575) – Robin Swinkels (2514) ½-½ 1-0
6. Thomas Beerdsen (2521) – Sergei Tiviakov (2562) 0-1 ½-½
7. Roeland Pruijssers (2538) – Twan Burg (2522) ½-½ 1-0
8. Robby Kevlishvili (2530) – Hugo ten Hertog (2531) ½-½ 1-0

Het kaf is zodoende van het koren gescheiden. De resterende acht spelers zijn momenteel aan de gang voor de eerste leg van de tweede ronde. Stay tuned!

Dimitri Reinderman (2575) – Max Warmerdam (2619)
Erwin l’Ami (2627) – Sergei Tiviakov (2562)
Roeland Pruijssers (2538) – Erik van den Doel (2582)
Lucas van Foreest (2577) – Robby Kevlishvili (2530)

Toernooisite

17 december 2022

BSG sluit 2022 af met grote zege

BSG heeft een moeizaam schaakjaar afgesloten met een ruime overwinning. In het eigen Denksportcentrum werd degradatiekandidaat Dordrecht met 5½-2½ geklopt.

Arrogantie of een tactische kunstgreep? Doordat BSG tien spelers heeft voor acht borden, moet er voor elke wedstrijd besloten worden welke twee spelers vrijaf hebben. Tegen het laaggeplaatste Dordrecht werd uitgerekend Ton, het beste paard van stal, buiten de basis gehouden. Zijn plek aan het eerste bord werd ingenomen door Ruben, die juist geen denderend seizoen kent. Prompt trof hij Mark Timmermans, de sterkste speler van de gehele tweede klasse, tegenover zich.

Uiteindelijk bleek het geen bewuste keuze te zijn om Ton te passeren, maar lagen er droevige familieomstandigheden aan ten grondslag. Gecondoleerd Ton! Hopelijk ben je er de volgende keer weer bij (met schaakbordje). Ook Dordrecht had de nodige invallers. Aan het overdreven gehoest en geproest te horen, hadden ook zij en anders wel SHTV 2 of zo, de tegenstanders van het tweede, een nog heel wat vollere ziekenboeg kunnen hebben.

De middag begon vredelievend met een korte remise tussen Lennard den Boer en FM Henk. Al gauw verdwenen de meeste stukken van het bord en konden de handjes worden geschud. Daarna trapte BSG het gaspedaal wat dieper in.  Mark met zwart, dan weet je het wel. In een soort Koningsindiër leek hij niet zo goed te staan tegen Piet Pluymert, maar toen hij wits damevleugel af kon breken, wist hij rap de bordjes te verhangen. Vervolgens ging Vrolijke Frans er dwars doorheen bij Willem Versloot, die een Caro-Kann als een zachtgekookt ei speelde.

Het Apenhoofd kon het verschil weer eens niet maken. In het Russisch komt hij nog altijd niet verder dan бой начинается. Na lange denkpauzes wist hij zowaar een plusje te vergaren tegen Jacques Hennekes, maar nadat hij diens b-pion in leven had gelaten, zat er niks meer in en moest hij zetten gaan herhalen.

Eveneens van het Russisch bediende gelegenheidskopman Ruben zich tegen Mark Timmermans. Zoals de laatste jaren (helaas) gebruikelijk is, had hij een minder eindspel voor zijn neus. Met een pion minder probeerde hij in een lopereindspel er nog een halfje uit te peuren, maar uiteindelijk kreeg meneer Elo toch gelijk en moest hij de wapens strekken.

Aan de onderste borden hadden de gebroeders Brouwer plaatsgenomen. Rein stond de hele tijd beter tegen invaller Victor van Blommenstein, maar had nog moeite om de trekker over te halen. Timon stond juist niet zo best tegen Adri Timmermans (de vader van), maar wist de bordjes in het middenspel te verhangen. Met een stuk meer leek de winst een kwestie van tijd, maar nadat er meer een meer pionnen van het bord gingen, werd de remisemarge steeds groter. Gelukkig voor Timon was de witspeler zo vriendelijk zijn loper voor zijn laatste pion op te geven, waarna Timon het eindspel met paard en loper tegen een kale koning met vaste hand naar winst voerde. De partij eindigde in mat en daarmee heeft de teamleider nog altijd de volle buit (4 uit 4).

De wedstrijd was daarmee beslist en dus was Ewood alleen nog voor de eer bezig tegen de kalende Roland van Keeken. Na een ingewikkelde partij, waarbij Ewood werkelijk waar alle zetten na afloop afkraakte, bereikte hij het beruchte eindspel met toren en loper tegen toren. Dat eindspel bood nog goede praktische kansen vanwege de slechte stand van de zwarte koning. De fout kwam inderdaad, maar dan moet je natuurlijk wel weten hoe je ervan profiteert. Dat gebeurde niet, dus werd het punt gedeeld. Daarmee werd de eindstand op 5½-2½ voor BSG bepaald.

Dankzij de ruime zege klimt BSG naar de derde plaats ten koste van Rokado, dat met maar liefst 7-1 door Messemaker werd afgeslacht. Zonder Ton was de nazit in de plaatselijke pizzeria juist ingetogener dan anders, het goede nieuws ten spijt. Hopelijk is hij er de volgende keer weer bij. De volgende ronde is overigens pas over twee maanden, na de feestdagen en de Tata Steel-winterstop. Dan wacht Rijswijk in Rijswijk.

BSG (2125) – Dordrecht (2019) 5½-2½
1. Ruben Hilhorst (1979) – Mark Timmermans (2402) 0-1
2. Ewoud de Groote (2235) – Roland van Keeken (2040) ½-½
3. Henk van der Poel (2232) – Lennard den Boer (2107) ½-½
4. Jesper de Groote (2178) – Jacques Hennekes (2051) ½-½
5. Mark Grondsma (2125) – Piet Pluymert (2006) 1-0
6. Frans Borm (2099) – Jan Willem Versloot (1931) 1-0
7. Timon Brouwer (2075) – Adri Timmermans (1845) 1-0
8. Rein Brouwer (2073) – Victor van Blommestein (1768) 1-0

BSG 2 ging de winterstop eveneens met een goed gevoel in door het Haagse SHTV 2 (wat dat ook moge betekenen) eveneens met 5½-2½ te kloppen, mede dankzij een overwinning van de 89-jarige Tom de Ruiter.

27 november 2022

BSG fortuinlijk langs CSV

BSG heeft in de vierde ronde van de KNSB-competitie met het nodige fortuin de twee punten opgehaald tegen CSV. In Capelle aan den IJssel won het met het kleinst mogelijke verschil, waardoor BSG de gastheren op de ranglijst passeerde.

Na een matige seizoensstart mocht BSG in de vierde ronde, die ook nog eens op Black Saturday viel, op bezoek bij het sterke eerste team van CSV. De Comma Separated Values Capelse Schaakvereniging speelde niet op haar vertrouwde locatie, maar moest uitwijken naar de Oosterkerk, waar het al “25 jaar” niet meer had gespeeld.

Vanwege die bandenlekprikker die al maanden actief is, nam BSG een risico door met de auto naar de op een uitvaartcentrum gelijkende kerk af te reizen. Gelukkig werd de crimineel die dag nog opgepakt en bleven de acht banden (plus de twee reservebanden) gewoon heel. Op de parkeerplaats werden gelijk al de nodige bananen en broodjes soldaat gemaakt, omdat de verhuurder niet zo van eigen consumpties gecharmeerd was. Gelukkig werd er niet op gehandhaafd en zat alsnog iedereen in de speelzaal te eten.

BSG begon de wedstrijd in de basisopstelling, terwijl de bezoekers Jessica Harmsen vanwege ziekte moesten missen. Voor haar in de plaats werd Jan Peter Balkenende Bogers opgetrommeld. Op papier waren de teams akelig aan elkaar gewaagd. Toch kreeg de Berger Scholengemeenschap het Bussums Schaakgenootschap al gauw de overhand.

Dat gold overigens niet voor de partij aan het vijfde bord, die wel wat weghad van de wedstrijd Nederland-Ecuador. Na zijn heldendaden van de vorige keer besloot Mark al gauw een snipperdag op te nemen. Naamgenoot Mark Vermeer voelde daar ook wel wat voor, dus werden de handjes geschud.

De derde Mark in het gezelschap, Mark Trimp, bleef puntloos. Ton had de ballen om, net als twee wedstrijden eerder, een vlijmscherpe variant in het Siciliaans te spelen. Ditmaal kreeg hij een ander paardoffer om zijn oren. In plaats van het geschenk aan te nemen en vervolgens een middag lang te verdedigen, besloot hij het offer op een tamelijk dubieuze manier af te slaan. Het had succes, want nadat de witspeler het centrum had dichtgeschoven, sloeg Ton in de counter genadeloos toe. MrBlunderMate was zo sportief om het winnende dameoffer en het daaropvolgende mat uit te laten voeren.

Niet minder spannend was de partij aan het laatste bord, waar Ruben in de opening volledig overlopen leek te worden door de invaller, die fel van leer trok en al gauw een halfopen h-lijn had bemachtigd. Het zag er allemaal eng uit, maar Ruben verdedigde stoïcijns en leek de regie zelfs over te nemen toen hij wits pionnenstructuur uit elkaar wist te slaan en wat goede velden voor zijn stukken bemachtigde. Jan Peter Bogers besloot daarom maar aan de noodrem te trekken en eeuwig schaak te forceren.

FM Henk had ondertussen een nuttige remise gescoord tegen de sterke Leon Koster. Optisch leek hij goed te staan, maar kennelijk was dat maar schijn en was de enige titelhouder aan BSG-kant blij met het halve ei, waarmee de kleine voorsprong geconsolideerd werd.

Voor de tweede achtereenvolgende wedstrijd mocht Ewood aan het kopbord plaatsnemen. Hij bestookte tegenstander Paul Schaamhaar Schrama met een bekend pionoffer, waarvoor hij flinke positionele compensatie kreeg. Hij raakte langzaam maar zeker al zijn compensatie kwijt, dus bleef hij gewoon een pion achter. Kwijt is kwijt. Dat gold ook voor de kwaliteit die hij daarna weggaf, waarna hij de handdoek in de ring moest pleuren en zijn tegenstander zijn vierde puntje van het nog vrij prille seizoen opstreek. De gelato bambino smaakte er terug in het restaurant gelukkig niet minder om.

Die domper werd gecompenseerd door het punt van de enige BSG’er zonder puntverlies, namelijk teamleider Timon. Tegen Reinoud Segers ging hij door diepe dalen, maar toen wits koningsaanval niet doorsloeg, was hij er als de kippen bij om in de counter toe te slaan. Ook hier leidde een dameoffer tot mat.

Het Apenhoofd had daardoor de eer om de matchpunten binnen te tikken. Tegen Roel Trimp was het de hele partij niet duidelijk wie er nou voor de winst speelde, wit met zijn aanvalskansen, of zwart met zijn betere loper. Het precaire evenwicht werd door een blunder van zwart verbroken. Het Apenhoofd greep zijn kans en verdrievoudigde zijn score.

De wedstrijd was daarmee beslist en als laatste was Rein nog bezig tegen de sterke Jeffrey van Vliet, die uit tactische overwegingen pas aan het vierde bord had plaatsgenomen. Wat een onzin! Lange tijd leek onze man uitzicht op een resultaat te hebben, maar toen ging er positioneel wat verkeerd en moest hij er een stuk tegenaan gooien. In het vervolg had hij geen kans meer en dus eindigde de wedstrijd in een krappe 4½-3½-overwinning voor BSG.

CSV (2139) – BSG (2144) 3½-4½
1. Paul Schrama (2190) – Ewoud de Groote (2242) 1-0
2. Mark Trimp (2133) – Ton van der Heijden (2270) 0-1
3. Leon Koster (2261) – Henk van der Poel (2233) ½-½
4. Jeffrey van Vliet (2375) – Rein Brouwer (2073) 1-0
5. Mark Vermeer (2108) – Mark Grondsma (2100) ½-½
6. Reinoud Segers (2027) – Timon Brouwer (2047) 0-1
7. Roel Trimp (2031) – Jesper de Groote (2193) 0-1
8. Jan Peter Bogers (1990) – Ruben Hilhorst (1990) ½-½

Door de overwinning steeg BSG naar de vierde plek op de rangrijst, terwijl de gastheren van de tweede naar de vijfde plaats zakten. Echt reden om naar boven te kijken heeft BSG vooralsnog niet. Koploper VAS, dat ditmaal van Philidor Leiden won, is nog zonder puntverlies en lijkt rechtstreeks op het kampioenschap af te stevenen. Over drie weken wacht het op papier vrij zwakke team van Dordrecht, met de sterke Mark Timmermans als puntenkanon. Uitkijken dus.

20 november 2022

Verstappen sluit seizoen in stijl af

Max Verstappen heeft de seizoensafsluiter in Abu Dhabi op zijn naam geschreven. In de strijd om het zilver troefde Charles Leclerc Sergio Pérez af, terwijl Lewis Hamilton kort voor het einde uitviel. Sebastian Vettel pakte in zijn laatste race het laatste punt.

Al sinds 2014 vormt het pistoolvormige Yas Marina Circuit het decor voor het sluitstuk van het Formule 1-seizoen. De kampioenen zijn al bekend en dus gaat het in Abu Dhabi hoofdzakelijk om degenen die er volgend jaar niet meer bij zullen zijn. Zo zullen de pijnlijk langzame Latifi en crashkid Mick volgend jaar niet terugkeren. Ook Ricciardo zit voor volgend jaar zonder stoeltje. De Australiër ambieert een reserverol bij Red Bull, het team dat hij vier jaar geleden nog de rug toekeerde, en hoopt zodoende op de radar te blijven van de andere teams, al lijkt hij de enige te zijn die nog gelooft dat hij op die manier zijn volledig ontspoorde carrière weer op de rails kan krijgen.

De grootste aderlating was echter het vertrek van Fattle. Na vijftien volledige seizoenen vond de 35-jarige Duitser, die in 2013 voor het laatst wereldkampioen werd, dat er belangrijkere zaken in het leven waren dan in een matige Aston Martin rondjes over een circuit te rijden. In Abu Dhabi kreeg hij van zijn conculega’s een waardig afscheid, met een peperduur diner. Ook reden zijn oude rivaal Alonso en leerling Mick met een helm van hem rond.

Dat er in een week veel kan veranderen, blijkt al gauw in het weekend. Waar Red Bull hopeloos was in Brazilië en Mercedes daar juist de lakens uitdeelde, zijn in Abu Dhabi de normale verhoudingen teruggekeerd. De Red Bulls eisen voor het eerst dit seizoen de eerste startrij op, voor de Ferrari’s en de Mercedes. Max pakt zijn zevende pole van het seizoen, terwijl Pérez Leclerc met een miniem verschil aftroeft en dus op poleposition staat voor de race om de tweede plaats in het rijderskampioenschap, waarin de coureurs precies gelijk staan.

Als de lichten een dag later doven, behoudt Max nog net de koppositie. De als vijfde gestarte Luis gaat meteen voorbij Science, die hem halverwege de eerste ronde weer terugpakt in de chicane. Luis besluit de chicane af te snijden en wordt over de worstencurb gelanceerd. Bij het neerkomen geeft hij meteen een dot gas en zit hij weer in de versnellingsbak van Leclerc. Pas na enkele ronden wordt hij op de vingers getikt en besluit hij Science er alsnog langs te laten.

Heel lang kan Science niet van zijn vierde plek genieten, want tot zijn stomme verbazing wordt hij nog geen ronde later meteen weer teruggepakt. Luis kan een gaatje slaan en dus zijn de rollen even later omgedraaid. Luis klaagt meteen over zijn bolide en moet ook teammaat Russle laten gaan.

De koplopers duiken kort daarna massaal de pits in. Pérez en Russle bijten het spits af. Waar de Mexicaan een goede stop heeft, heeft de Brit dat niet. Door het oponthoud wordt hij precies voor de neus van Norris, die hij kort na de start had ingehaald, weer op pad gestuurd. De McLaren-coureur kan een botsing nog net vermijden, waarna Russle een tijdstraf voor een unsafe release aan zijn broek krijgt.

Nadat Science en Luis zijn gestopt, laat ook Max nieuwe banden monteren. Zijn stop is matig en hij blijft Pérez, die hij voor de pitstops op forse afstand had gereden, maar net voor. Leclerc is een ronde later de laatste coureur vooraan die zijn monteurs opzoekt. Ook hij blijft teamgenoot Science maar net voor.

Na de pitstops doet Max het rustig aan om zijn banden in leven te houden, zodat hij zonder verdere bandenwissels kan volstaan. Pérez rijdt minder behoudend en maant zijn teamgenoot vaart te maken, ook omdat hij de hete adem van Leclerc steeds meer in zijn nek voelt. Wanneer de Monegask bijna aan de staart van de Red Bull met startnummer 11 zit en Ferrari de monteurs opzichtig laat uitlopen, haalt Red Bull Pérez voor de tweede keer naar de pits.

Pérez valt terug naar de zesde plaats en rijdt vanaf dan een race tegen de klok om weer op de tweede plaats uit te komen. Twee plaatsjes krijgt hij cadeau als Science en Russle even later hun tweede stop van de middag maken, waarbij Russle tevens zijn straf uitzit.

Pérez rijdt het gat naar Luis gauw dicht. Met rokende banden gooit hij zijn bolide aan het eind van het lange rechte stuk naast, waarna Luis hem op het daaropvolgende rechte stuk weer terugpakt. Een ronde later wacht Pérez tot het tweede rechte stuk. Om de een of andere reden vergeet Luis de binnenkant af te schermen, waardoor hij alsnog voor de bijl gaat.

Pérez gaat vervolgens op jacht naar Leclerc. Ronde na ronde knabbelt hij weer wat van zijn achterstand af, maar het blijkt niet genoeg. Aan de finish houdt Leclerc een dikke seconde over en dus gaat de tweede plaats naar de Ferrari-coureur, wat tevens zijn plaats in het rijderskampioenschap is. Op Max, die ogenschijnlijk zonder enige moeite zijn vijftiende seizoenszege pakt, had ook hij geen antwoord.

Vierde wordt Science in de andere Ferrari, nadat Luis vlak voor tijd had moeten opgeven en het seizoen voor het eerst in zijn carrière zonder zeges afsluit. Door zijn uitvalbeurt sluit Luis het kampioenschap af als zesde, terwijl Science naar de vijfde plek oprukt. Russle eindigt vrij anoniem als vijfde en sluit zijn eerste seizoen voor Mercedes op de vierde plaats af.

Best of the rest wordt Norris, die tevens het bonuspunt voor de snelste raceronde opstrijkt. Hij eindigt niet eens zo ver voor Ocon, die de eer voor Alpine moet hooghouden nadat Alonso halverwege de race voor de zoveelste keer dit seizoen was uitgevallen. Die zevende plaats is voor Alpine ruim voldoende om McLaren, dat met de negende plaats van Ricciardo zowaar twee auto’s in de punten heeft, af te troeven in de strijd om de vierde plaats in het constructeurskampioenschap.

Aston Martin komt nog heel dicht in de buurt om de zesde plaats in het constructeurskampioenschap over te nemen van Alfa Romeo, dat weer eens volkomen onzichtbaar is. Waar Stroll een van zijn betere races kent en uit het niets achtste wordt, moet Fattle, die Ocon in de openingsfase nog zat op te jagen, door een geflopte strategie genoegen nemen met het laatste punt. Door de vijf gescoorde punten komt Aston Martin op gelijke hoogte met Alfa Romeo, dat zesde blijft vanwege een beter beste resultaat (een vijfde plek). Met een beetje meer tactische scherpte was die zesde plek dus voor Aston Martin geweest en had Fattle op een iets bevredigendere manier af kunnen zwaaien.

Net buiten de punten finisht Tsoenoda, waardoor AlphaTauri negende blijft in het kampioenschap achter Haas. Joe knokt zich in de slotfase nog naar de twaalfde plaats, voor Albon en de volkomen onzichtbare Gasly, terwijl Bottas, die al een half jaar met vakantie lijkt, na een waardeloos gereden race als vijftiende eindigt. Ondanks een klunzige botsing met Latifi eindigt Mick nog voor teamgenoot Magnussen, die een week na zijn heldendaden in Brazilië werkelijk waar niets laat zien en als laatste rijdende bolide over de streep komt. Latifi ligt na de botsing stijf achteraan en geeft vlak voor tijd op.

Na afloop draaien de winnaars en Fattle nog wat doughnuts om het ietwat verveeld geraakte publiek toch nog te vermaken. Na een winterstop van ruim drie maanden gaat het nieuwe seizoen begin maart in Bahrein alweer van start, dan met Oscar Piastri, Logan Sargeant en natuurlijk Nyck de Vries als nieuwe aanwinsten, plus de inmiddels alweer 35-jarige Nico Hülkenberg, die na drie seizoenen als invaller te hebben gefungeerd eindelijk weer een vaste aanstelling heeft. Verwacht een hoop pittige duels tussen hem en zijn nieuwe teamgenoot Kevin “suck my balls” Magnussen. En wat te denken van Alpine, dat in Pierre Gasly en Esteban Ocon twee gezworen vijanden in huis heeft gehaald?

De belangrijkste vraag is of Red Bull in 2023 weer het te kloppen team is, of dat Mercedes het gat echt heeft gedicht en of Ferrari eindelijk geleerd heeft van de vele gemaakte fouten. Leclercs kloeke strategie in Abu Dhabi doet suggereren dat er in dat opzicht licht aan het eind van de tunnel is voor de Italianen (en dan niet van een tegemoet rijdende trein). Kortom: 2023 heeft alles in zich om een geweldig seizoen te worden.

Eindstand bij de coureurs:
1. Max 454
2. Leclerc 308
3. Pérez 305
4. Russle 275
5. Science 246
6. Luis 240

Eindstand bij de constructeurs:
1. Red Bull 759
2. Ferrari 554
3. Mercedes 515
4. Alpine 173
5. McLaren 159
6. Alfa Romeo 55
7. Aston Martin 55
8. Haas 37
9. AlphaTauri 35
10. Williams 8

13 november 2022

Botsingen en blunders in Brazilië

George Russell heeft de eerste zege uit zijn carrière gescoord. In Brazilië was hij in een tumultueuze race te sterk voor teammaat Lewis Hamilton en Carlos Sainz. Red Bull viel op Interlagos vooral in negatieve zin op.

In Brazilië staat de derde en laatste sprintrace van het seizoen op het programma, wat betekent dat de kwalificatie al op vrijdag verreden wordt. Onder wisselende omstandigheden doet Magnussen alles goed, waardoor hij tegen alle verwachtingen in de snelste is en op pole mag starten, voor Max en Russle.

Ondertussen doet Ferrari alles fout door Leclerc op intermediates een nog droge baan op te sturen, waardoor de Monegask slechts als tiende aan de sprintrace mag beginnen. Hij staat daarmee één plekje achter Pérez, die om onbegrijpelijke redenen achter hem aan was blijven rijden en daardoor slechts de negende tijd rijdt voordat Russle van de baan vliegt en de sessie wordt afgebroken.

In de sprintrace kan Magnussen zijn leidende positie niet lang vasthouden. Verrassender is dat Max handen en voeten nodig heeft om Russle achter zich te houden. Halverwege de race glipt de Brit er dan toch langs, waarna Max ook nog ten prooi valt aan Science en Luis. Pérez en Leclerc eindigen niet eens zo ver achter hem als vijfde en zesde. Magnussen wordt op zijn beurt achter Norris achtste en houdt een waardevol punt aan het avontuur over.

Een dag later is het vrijwel meteen uit met de pret als Ricciardo hem in de eerste ronde klunzig in de rondte tikt. De tollende Haas rijdt vervolgens achteruit tegen de McLaren van de boosdoener aan, waardoor zowel de polesitter van de sprintrace als de lachende Australiër uit de strijd liggen.

De race wordt gelijk geneutraliseerd en pas na zes lange ronden weer hervat. De safetycar wacht heel lang met het doven van de lichten, waardoor Russle er pas op het allerlaatste moment vandoor kan spuiten. De op de tweede plaats liggende Luis wordt erdoor verrast en ziet Max langszij komen. De Nederlander probeert in de tweede bocht meteen de move uit waarvoor hij Ocon vier jaar eerder uit woede door de garage duwde. Inderdaad eindigt het in tranen omdat Luis wel erg weinig ruimte laat. Beide heren verliezen de nodige plaatsen. Max moet tevens naar de pits voor een nieuwe voorvleugel en krijgt niet lang daarna een tijdstraf voor het vergrijp aan de broek.

In de consternatie ramt de goed gestarte Norris Leclerc van de baan. De Ferrari zeilt de muur in, maar kan wonder boven wonder zijn weg, minus een voorvleugel, vervolgen. Na zijn reparatiestop kan de Monegask samen met Max het veld voor zich uitjagen.

Pérez is door het geram naar de tweede plek opgerukt, voor Science, die door een motorwissel slechts als zevende aan de race was begonnen. De Spanjaard moet heel vroeg in de race naar de pits om een tear-off uit zijn remkoeler te halen. Na zijn stop moet hij zich weer langs een kluit auto’s in de middenmoot knokken. Luis is dan alweer opgerukt naar de derde plaats en krijgt de leiding in handen als Pérez en Russle hun monteurs opzoeken. Luis rijdt nog wat langer door en hervat de race na zijn stop als vierde.

Op nieuwe banden rijdt hij het gat naar Science gauw dicht. De Spanjaard laat het niet op een gevecht aankomen en gaat halverwege de race voor de tweede keer naar de pits. Vervolgens is Pérez, die op de mediums geen vuist kan maken, aan de beurt. De Mexicaan laat het wel op een gevecht aankomen, maar wordt eenvoudig voorbij geblazen. Pas daarna duikt hij voor de tweede keer de pits in. Luis doet een ronde later met veel tegenzin hetzelfde en blijft de Mexicaan voor.

Science is door de pitstops naar de tweede plek opgerukt. Wanneer Russle zijn tweede stop van de middag maakt, komt hij pal voor de deur bij de Ferrari terug op de baan, om op nieuwe banden meteen hard bij de rode bolide weg te rijden.

De race wordt op zijn kop gezet als Norris opeens stilvalt. Hoewel de McLaren niet op een gevaarlijke plaats staat, verschijnt wel gauw de virtuele safetycar op de baan. Al gauw wordt het ding vervangen door een echte. Science maakt van de gelegenheid gebruik door meteen zijn banden te verwisselen. Hij valt terug naar de vierde plaats.

De neutralisatie komt als geroepen voor Leclerc en Max, die zodoende hun niet onaanzienlijke achterstand kunnen inlopen. Bij de herstart ligt ditmaal Pérez te slapen. Hij komt meteen onder druk van Science te staan, die hem na een stevig gevecht van het podium verdrijft. Even later volgt Leclerc en daarna is het hek van de dam en gaat ook Alonso hem nog voorbij.

Max meldt zich even later aan de staart de Mexicaan. Hij wordt doorgelaten op voorwaarde dat hij zijn plek weer teruggeeft als hij er niet in slaagt Alonso in te halen, om niet onnodig punten van Pérez af te pakken. In de strijd om de tweede plaats in het rijderskampioenschap kan de Mexicaan ieder puntje namelijk goed gebruiken. Om diezelfde reden probeert Leclerc Ferrari ertoe te bewegen om hem en Science van volgorde te laten wisselen. Zoals verwacht krijgt hij een nul op het rekest omdat hij Alonso in zijn nek heeft hijgen en Science vier tellen voor hem ligt.

De Mercedes zijn ondertussen hard op weg naar een dubbelzege. Luis komt niet binnen een seconde van Russle, die in de slotfase hard doorrijdt en voor het eerst in zijn carrière als eerste onder het zwart-wit geblokt doorkomt. Achter Luis komen de Ferrari’s van Science en Leclerc als derde en vierde over de streep, voor een ontketende Alonso, die uit de klauwen weet te blijven van Max.

Tot ontzetting van iedereen bij Red Bull besluit de Nederlander zijn plek niet aan de volkomen verbouwereerde Pérez terug te geven, waardoor de Mexicaan Leclerc in het kampioenschap langszij ziet komen. Ocon wordt achtste, voor Bottas, die bij de herstart nog fraai vijfde lag, maar blij mag zijn dat hij nog twee WK-punten aan het avontuur overhoudt. Uit het niets pakt Stroll het laatste punt, terwijl teamgenoot Fattle, ondanks een sterk optreden, nog achter het net vist, net als in de sprintrace.

Eveneens puntloos blijven Joe, Mick, Gasly en de Williams’ van Albon en de hopeloos trage Latifi, terwijl Tsoenoda door een fout in een computersysteem moederziel alleen als laatste eindigt op een ronde achterstand.

Volgende week wordt het seizoen afgesloten in Abu Dhabi. Kan Max zich daar revancheren voor zijn matige optreden, of pakt Luis op de valreep zijn eerste seizoenszege op het circuit waar hij vorig jaar schlemielig de titel verloor? En wie wordt de runner-up? Leclerc of Pérez?

Kunnen Red Bull en Verstappen nog terugslaan in de hoofdrace in Brazilië?

Wat. Een. Sprintrace! De voortekenen waren al gunstig en op de dag zelf werden de verwachtingen ingelost. De laatste sprintrace van het jaar in Brazilië werd een spektakelstuk boordevol actie en met een verrassende uitkomst.

Het raceweekend in Brazilië begon al op vrijdag met de kwalificatie voor de sprintrace. Op een regenachtig Interlagos verraste Magnussen vriend en vijand door in zijn Haas voor de buien de snelste tijd op de klokken te brengen. Doordat Russell kort daarna van de baan schoot en zijn auto op een zeldzaam amateuristische manier ingroef, werd de sessie afgebroken. Na de hervatting was de baan zo nat geworden dat niemand zijn tijd meer kon verbeteren, dus kon Magnussen vlak voor het einde van de sessie de felicitaties in ontvangst nemen.

Geheel anders verliep de kwalificatie voor Leclerc, die tot zijn ontzetting zag dat hij in de beslissende sessie als enige coureur op intermediates op pad was gestuurd. Hij probeerde er nog het beste van te maken, hopend dat de hemelsluizen op tijd zouden openen, maar toen de verwachte regen nog niet gevallen was en bijna iedereen al een tijd op de klokken had gebracht, dook hij toch maar de pits in voor droogweerbanden. Doordat de kwalificatie vrijwel meteen daarna werd afgebroken, moest hij het doen met een tiende startplaats.

Leclercs enige geluk was dat zijn grote rivaal Pérez maar één plekje voor hem stond. De Mexicaan was zo dom om zijn vliegende ronde pal achter Leclerc te beginnen en zat zich in het vervolg achter de Monegask te verbijten. Beter verging het Verstappen in de andere Red Bull, die zich achter Magnussen als tweede kwalificeerde.

Voor de sprintrace dacht Red Bull slim te zijn door de Nederlander op de slijtvastere mediums te zetten. Als de bandenwarmers worden verwijderd, blijkt verder alleen Latifi hetzelfde te hebben gedaan. De rest staat allemaal op de zachte band. Wist Red Bull iets dat de andere teams niet wisten?

Het vervolg wijst anders uit. Verstappen heeft bij de start al moeite om Russell voor te blijven en heeft daarna twee ronden nodig om polesitter Magnussen naar de tweede plek terug te verwijzen. Russell gaat de Deen daarna ook gauw voorbij. Aanvankelijk weet Verstappen de Brit buiten zijn DRS-bereik houden, maar halverwege de sprintrace lukt dat niet meer en moet hij toezien hoe Russell hem keer op keer aangrijpt. Verstappen verdedigt zijn koppositie met hand en tand, maar na drie pogingen moet hij zich dan toch gewonnen geven.

In het tweede deel van de sprintrace wordt het er niet beter op voor de Nederlander. Kennelijk konden zijn mediums het hoge tempo in de openingsfase van de race niet aan, want in plaats van dat hij gedurende de race steeds sterker wordt, wordt hij alleen maar langzamer. Sainz gaat hem tegen het eind op een zeldzaam lompe manier voorbij en daarna volgt Hamilton. Verstappen eindigt nog niet eens heel ver voor Pérez en Leclerc.

Rondetabel van de sprintrace.

Zo groot als de teleurstelling bij Red Bull is, zo groot is de vreugde bij Mercedes, dat voor het eerst in 2022 een race wint, al is het maar een sprintrace. Door de motorwissel van Sainz vertrekken de grijze bolides bovendien gebroederlijk vanaf de eerste startrij voor de hoofdrace. Met een beetje teamwork denken ze het resultaat van de sprintrace te kunnen evenaren of zelfs te overtreffen.

Van enige collegialiteit was in de sprintrace verder nauwelijks sprake. Zo vlogen Alonso en Ocon elkaar in de openingsronde tot tweemaal toe in de haren. Een inschattingsfout kostte Alonso daarna zijn voorvleugel. Dat hij zijn teamgenoot tegen het einde van de race toch nog inhaalde, zei alles over het bedroevende tempo van de Fransman. Doordat Alonso naderhand nog een tijdstraf kreeg voor zijn botsing, eindigde hij alsnog achter zijn teamgenoot, twaalf plekken lager dan waarvan ze gestart waren. Geen goed resultaat voor Alpine dus, dat rivaal McLaren met een zevende plek voor Norris weer twee punten zag inlopen.

Niet veel beter ging het eraan toe tussen de Aston Martins, waar Stroll teamgenoot Vettel op een recht stuk het gras op dwong. De Duitser was niet onder de indruk, maar haalde zijn gram door de Canadees even later alsnog in te halen. Na een stevige inhaalrace eindigde hij nog vrij kort achter Magnussen, die in de race langzaam naar de achtste plek was teruggevallen en dus het laatste puntje scoorde. Een puntje dat voor Haas goud waard kan zijn in de strijd om de achtste plaats in het constructeurskampioenschap met AlphaTauri.

Positief voor Haas was dat Magnussen helemaal niet langzaam was in de race. Qua racesnelheid zat hij namelijk in de middenmoot. Achter hem waren alleen Alonso en Vettel sneller, wat doet suggereren dat hij in de hoofdrace ook een punt kan pakken.

Snelheid per coureur ten opzichte van Russell.

Vanwege parc fermé mogen de teams niet meer aan de afstelling rommelen, waardoor de sprintrace doorgaans een goede graadmeter is voor de krachtsverhoudingen in de hoofdrace. Een belangrijk verschil is natuurlijk dat de bolides in de hoofdrace beduidend meer brandstof aan boord hebben, waardoor de banden het zwaarder te verduren krijgen. In Oostenrijk had Verstappen in de sprintrace geen bandenproblemen, maar in de hoofdrace overduidelijk wel.

Het voornaamste verschil met de sprintrace is dat de coureurs in de hoofdrace wel op verschillende banden moeten rijden. Waar vorig jaar de mediums en de harde banden in trek waren, zijn dat dit jaar wellicht de zachte banden en de harde banden. De mediums waren in de sprintrace gewoon niet snel, zoals Latifi onbedoeld bewees door afgetekend laatste te worden.

Mocht de zachte band in de race de snelste band zijn, dan heeft Verstappen misschien nog kans. Mede door zijn keus om op mediums aan de sprintrace te beginnen heeft Verstappen als een van de weinige coureurs nog drie setjes zachte banden over. Op basis van de bandenslijtage in de sprintrace kan de race een 2- of zelfs een 3-stopper worden en dan komen al die setjes zachte banden goed van pas. Omgekeerd heeft teammaat Pérez, net als de Aston Martins, maar één setje zachte banden over, wat een belangrijk strategisch nadeel lijkt.

In de hoofdrace zal in ieder geval duidelijk worden hoe snel Verstappen onder vergelijkbare omstandigheden is ten opzichte van de Mercedes en Ferrari’s. In de sprintrace kwam hij een halve seconde tekort op de Mercedes. Volgens de betrokkenen zelf was het ook maar zeer de vraag of hij het op de zachte band beter had gedaan. Wellicht was de keuze voor de mediums in de sprintrace een grotere fout dan Christian Horner en de zijnen willen toegeven, of een welbewuste keuze om in de hoofdrace beter voor de dag te komen. Dat valt te hopen, want anders lijkt Mercedes vanavond zonder al te veel problemen te winnen en dat zou een domper zijn na zo’n sprintrace.

05 november 2022

BSG krijgt punt kado tegen Rokado

BSG heeft in het eigen Denksportcentrum met mazzel een puntje overgehouden aan de wedstrijd tegen Rokado. De eindstand van 4-4 stond pas na zes uur zwoegen op het scorebord.

Een club met maar tien leden uit een gehucht in Zuid-Holland, zonder interne competitie of een website, veel meer was er niet bekend over de mysterieuze club Rokado uit Zuid-Beijerland (nee, dat ligt niet ergens bij München, maar onder Rotterdam, aldus Google Maps). De club met de merkwaardige naam speelt al sinds jaar en dag in de tweede klasse, terwijl BSG voor het eerst in jaren weer zo laag speelt.

In een koud Denksportcentrum vlogen de teams elkaar in de haren. Na zijn fraaie overwinning tegen Westland mocht Ewood het wederom tegen een oldtimer proberen. Ditmaal had hij zwart aan het eerste bord en had hij de taak Leo Rietveld pootje te haken. Hij kreeg in de opening alles wat een schaker zich maar kan wensen, maar daarna speelde hij “als een natte tosti” verder en mocht hij bijna nog blij zijn met remise.

Hetzelfde resultaat haalde Ton aan het bord ernaast binnen tegen Hans van der Linden. Hij kwam in het middenspel overwegend te staan en haalde een pion op, maar bij die schermutselingen waren dusdanig veel stukken van het bord gegaan dat zijn tegenstander het eindspel makkelijk kon houden.

Saaier was de remise van FM Henk tegen Han Westenberg, die een huisje bouwde. De fundering ervan was stevig genoeg en dus werd ook hier de vredespijp gerookt. Tot slot deelden Frans en Marco van der Linden de punten in een partij waarin Frans eerst wat beter en daarna wat minder leek te staan.

Dat waren vier remises. Gelukkig vielen er ook beslissingen. Zo werd het Apenhoofd volkomen overspeeld door Frank Verkooijen, die de zetten soepel uit zijn vingers liet glippen en al gauw een enorme aanval op touw wist te zetten. Na afloop had het Apenhoofd nooit het idee echt in de partij te hebben gezeten.

Heel anders verliep de partij aan het bord ernaast, waar teamleider Timon via een zetverwisseling in een vreemd soort Frans kwam tegen de beruchte Wilbert Surewaard. Hij verloor in het middenspel een stuk, waarna hij nog de cojones had om een herhaling van zetten uit de weg te gaan. Dat had wonderbaarlijk genoeg nog succes ook, omdat de arme zwartspeler zich pardoes mat liet zetten toen hijzelf bezig was een matnet rond de witte koning te strikken.

De partij van de dag was die van Mark tegen Ben Boog. Hij speelde energiek tegen wits nogal timide openingsopzet en kreeg gauw goed spel. Het uitbuiten van het voordeel was een lust voor het oog, met penningen, een stukoffer en uiteindelijk totale dominantie. Nadat hij wit volledig had kaalgeplukt, kreeg hij eindelijk een hand. Niveautje schoonheidsprijs.

Aan het laatste bord had Ruben de taak de kleine voorsprong over de streep te trekken. Nadat hij tegen Rex van Dijken volledig verloren had gestaan, was hij allang blij dat hij een toreneindspel met een pion minder had weten te bereiken. Naarmate de klok de minuten wegtikte en de zwarte pion verder oprukte, slonken Rubens overlevingskansen. Tegen zevenen moest hij na bijna 120 zetten alsnog de wapens strekken en daarmee was het gelijkspel helaas een feit.

BSG (2147) – Rokado (2062) 4-4
1. Ewoud de Groote (2242) – Leo Rietveld (1895) ½-½
2. Ton van der Heijden (2270) – Hans van der Linden (2113) ½-½
3. Henk van der Poel (2233) – Han Westenberg (2175) ½-½
4. Frans Borm (2098) – Marco van der Linden (2115) ½-½
5. Jesper de Groote (2193) – Frank Verkooijen (2030) 0-1
6. Timon Brouwer (2047) – Wilbert Surewaard (1996) 1-0
7. Mark Grondsma (2100) – Ben Boog (2128) 1-0
8. Ruben Hilhorst (1990) – Rex van Dijken (2044) 0-1

Dankzij het enigszins bemazzelde puntje blijft BSG in de brede middenmoot van klasse 2C bivakkeren, op een punt van de bezoekers. Na afloop bleef de vraag hangen of wij nou zo slecht waren, of zij nou zo goed, want dat er van het niet onaanzienlijke ratingverschil helemaal niks te merken was, was wel even slikken. Van makkelijk puntjes pakken in de tweede klasse is absoluut nog geen sprake voor het roestige en een beetje futloze BSG, dat over drie weken op bezoek mag bij het goed draaiende Comma Separated Values.

Heel wat beter verging het overigens BSG 2, dat Amsterdam West 2 knap met 5-3 versloeg.