25 maart 2012

Favorieten geven niet thuis, dus wint Alonso

Vorig seizoen kon je er vrij zeker van zijn dat de race vooraan als volgt zou verlopen: Fattle verzilverde zijn poleposition, reed even hard weg bij zijn achtervolgers en bleef vervolgens buiten bereik van de concurrentie. Hoe anders gaat het in 2012, waarin niet Fattle, maar de McLarens de toon aangeven in de kwalificatie. Op het regenachtige Sepang-circuit zakten de zilveren bolides op zondag lelijk door het spreekwoordelijke ijs. Fattle heeft ook niet meer de rust van vorig jaar. Dus won Alonso maar, in dat hondenhok van een Ferrari.

Na de kwalificatie zag het er niet best uit voor Ferrari: Alonso reed een erg magere negende tijd, die door de versnellingsbakwissel van Räikkönen werd omgezet in een achtste startplaats. Ook bij Red Bull stonden de gezichten op onweer. Webber was nog vierde voor Fattle, die op de hardere banden had gekwalificeerd om in de race een andere strategie te kunnen hanteren. De winnaars van de kwalificatie waren de Lotus-Renaults en de Mercedes. Shoeface verraste met een derde plaats, waarmee hij amper trager was dan de McLarens. Zo zie je maar weer: waar Shoeface een heel team om zichzelf heeft gecreëerd bij Mercedes, ploetert Alonso al een paar jaar voort bij het steeds chaotischer wordende Ferrari. Ondertussen weet Shoeface' teammaat Rosberg maar niet te overtuigen, hij is slechts zevende. Bij Lotus-Renault hebben ze eveneens twee rijders in de top 10, terwijl Pérez met de negende plaats ook tot de laatste kwalificatiesessie is doorgedrongen. Bij McLaren is Luis weer nipt de snelste man, waardoor hij opnieuw de poleposition voor zich opeist.

Moesson

Voor de start van de race is het al duidelijk dat het niet droog zal blijven. Het begint ook zachtjes te regenen en iedereen kiest ervoor om op de intermediates te starten. Bij de start gaat alles nog goed. Luis komt matig weg, maar Button laat hem in leven. Achter hen is Grosjean als een dragster uit de startblokken geschoten. Hij neemt opnieuw te veel hooi op zijn vork door Shoeface en zichzelf achterstevoren te tikken. De Duitser kan daardoor al meteen een inhaalrace rijden, voor onelapwonder Grosjean zit het er al snel weer op. Net als in Australië ligt hij er vroeg uit, nu door een spin in de natte omstandigheden.

De steeds maar verslechterende condities nopen de coureurs over te stappen naar echte regenbanden. Pérez gaat als eerste naar binnen, gevolgd door de andere coureurs. Bij McLaren laat men Luis lang doorrijden op zijn halve regenbanden. Hij komt net voor zijn teammaat op de baan, die hem opnieuw voorrang verleent. Pérez is alweer opgeklommen naar de derde plaats. Het circuit is inmiddels in een meer veranderd, waardoor de wedstrijdleiding de race maar stillegt.

Herstart

Pas na een uur wordt het restant van de race verreden. Bij de herstart komen de eerste coureurs alweer binnen voor intermediates, wat deed vermoeden dat de race veel te lang was stilgelegd. De McLarens rijden weer te lang door op regenbanden. Luis heeft bovendien een trage stop, die hem terugwerpt tot achter zijn teamgenootje. Die rijdt zijn voorvleugel vervolgens stuk op een HRT, waardoor hij ver terugzakt. Was zijn eerste stop nog perfect getimed, zijn tweede stop is duidelijk te laat: Pérez wordt via de pitstops ingehaald door Alonso. Wel rijdt hij voor Luis, die de verliezer werd van de pitstops.

De vraag was echter of hij Alonso en Pérez niet gewoon kon inrekenen, maar dat viel tegen. De racepace van de McLaren is niet erg indrukwekkend, want de koplopers lopen alsmaar verder weg bij de voorste McLaren. De andere McLaren worstelt vooral in de achterhoede. Werd er eerst nog een beetje lacherig gerefereerd aan de Grand Prix van Canada van vorig jaar, waarin de Brit van bijna de laatste plaats naar de overwinning reed, nu zat dat er geen moment in. Af en toe rijdt Button briljante regenraces, maar af en toe lijken ze nergens naar.

Bij McLaren valt er weinig meer te lachen, maar toch wordt het vooraan nog erg spannend: Pérez begint Alonso binnen te hengelen. Op het moment dat hij het gat heeft gedicht, is de baan opgedroogd en gaat Alonso naar de pits voor droogweerbanden. Pérez blijft opnieuw te lang buiten en wordt opnieuw op achterstand gezet. Ook nu is hij veel sneller en al gauw zit hij weer aan de staart van de Ferrari.

De Alonso-factor

Terwijl Fattle zichzelf elimineert door een HRT af te knijpen, waardoor zijn achterband wordt opengereten, lijken we ons te kunnen opmaken voor een zinderend slot. Maar dan ondervindt Pérez hetzelfde als Pastoor in Australië: de Alonso-factor. Alonso kan niet alleen mensen voor hem in een foutje dwingen, óók de mensen achter hem. Pérez vliegt even van de baan, verliest een hoop tijd en besluit zijn tweede plek te koesteren. Een gemiste kans.

Zodoende wint toch wel verrassend Alonso, niet ver voor de eveneens verrassende Pérez. Eveneens apart is dat de McLarens en de Red Bulls niet in het stuk voorkomen. Luis finisht op aanzienlijke achterstand als derde, net voor Webber. Räikkönen scoort met een bekeken vijfde plek weer een heleboel punten, terwijl de neef van Senna geen gekke dingen doet in de slotronde en waardevolle punten pakt voor het team van Williams, iets wat zijn oom nooit is gelukt. Teamgenootje Pastoor viel opnieuw vlak voor het einde uit: de Renault-motor ging in rook op. Force India was zowaar het enige team met twee auto's in de punten: DRS'ta (zevende) en Hülkenberg (opnieuw negende) scoorden waardevolle punten voor het kleurloze team. Vergne scoorde met een achtste plaats punten voor Toro Rosso, terwijl Shoeface nog het laatste puntje pakte. Opnieuw werden de goede kwalificatieposities bij Mercedes niet omgezet in klinkende resultaten. Dat bewees Rosberg wel, die in de race vooral achteruitreed en als dertiende eindigde, voor de onzichtbare Button, maar nog achter de klunzige Fattle. Felipe Massa eindigde op een erbarmelijke vijftiende plaats, nog net in dezelfde ronde als zijn teamgenootje. Zijn dagen bij Ferrari lijken geteld.

Al met al lijkt 2012 een heel vreemd jaar te worden, waarin de favorieten met name in de race niet echt thuis lijken te geven. Meer dan ooit lijkt een goede coureur belangrijk, getuige de koppositie die Alonso nu in de WK-stand heeft. Hij staat zelfs boven Luis, die opnieuw een poleposition omzette in een derde plaats. Ditmaal was hij er redelijk content mee: teamgenoot Button reed nog vele malen slechter en daar draait het allemaal om. Ook Webber kon lachen ondanks de oorwassing die hij kreeg van de kleine teams: hij staat dit seizoen niet meer in de schaduw van Fattle. Alles is anders in 2012.

18 maart 2012

Alles weer bij het oude

Er stonden geen grote reglementsveranderingen op stapel voor het nieuwe Formule 1-seizoen. Nou ja, de geblazen diffusors waren aan banden gelegd, net als de engine mapping, maar dat was het in grote lijnen dan wel. Alles zou dus wel weer bij het oude blijven. Toch? Al bij de eerste testkilometers blijkt dat alles anders is: de wagens zien er vreemd uit en van de gebruikelijke slagorde is weinig meer over.

In Australië was het dus maar de vraag of de Red Bulls weer de snelste bolides op de grid zouden zijn. Het team had met Adrian Newey optimaal geprofiteerd van de geblazen diffusors en dat voordeel waren ze nu grotendeels kwijt. Doordat ze ook niet meer konden terugvallen op een agressieve engine mapping, zou de dominantie van Fattle in de kwalificaties helemaal kunnen verdwijnen. Ondertussen had de concurrentie de messen geslepen. Ferrari had een radicaal nieuwe auto ontworpen om de kloof met Red Bull te kunnen dichten, terwijl Mercedes deze winter ook veelbelovend voor de dag kwam. En kon McLaren, dat veruit de mooiste auto had gebouwd, aan de stoelpoten van Red Bull zagen?

Nieuwe namen

Ondertussen waren er bij de andere teams ook de nodige mutaties te bespeuren. De meeste middenmoters en achterhoedeteams hadden hun rijdersbezetting omgegooid, waardoor er weer een hoop nieuwe rijders waren te verwelkomen.

Zo dook bij Lotus-Renault ineens de naam Kimi Räikkönen op, de wereldkampioen van 2007. Die werd eind 2009 oneervol door Ferrari op een zijspoor gezet. Na twee jaar tegen bomen rijden had hij wel weer oren naar een Formule 1-avontuur en de teams stonden voor hem in de rij. Uiteindelijk werd Lotus de gelukkige. Tweede rijder werd de Zwitser Romain Grosjean, die in 2009 al voor het team (dat toen nog Renault heette) had gereden, als invaller voor Nelsinho Piquet. Het betekende dat Vitali Petjerov en de neef van Senna in navolging van Nick Hidefeld konden opkrassen. Zij vonden gelukkig nog wel onderdak, zij het bij kleinere teams: Senna ging aan de slag bij Williams-Renault (waar hebben we dat eerder gezien) en Petjerov ging naar Caterham, zoals de groene Lotus tegenwoordig heet. Het betekende dat Rubens Barrichello en Jarno Trulli met pensioen konden gaan.

Bij Toro Rosso werden de coureurs Jaime Alguersuari en Sébastien Buemi zonder pardon op straat gezet. Meer vertrouwen lijkt het tweede team van Red Bull te hebben in de talenten Daniel Ricciardo en Jean-Eric Vergne. Goed nieuws voor de Nederlandse racefans: reserve-Nederlander Nico Hülkenberg is weer terug, nu bij Force India. Het betekende dat vechtersbaas Adrian Sutil na vijf jaar trouwe dienst kon opkrassen. Slecht nieuws voor de Belgische racefans: Jérôme d'Ambrosio kon na een jaar achteraan rondjakkeren zijn biezen pakken bij Marussia, zoals het team van Virgin nu heet. Zijn vervanger is de Fransoos Charles Pic. Waar Frankrijk weer een beetje op de Formule 1-kaart is gezet, is Italië van de kaart geveegd: er rijdt geen enkele Italiaan meer mee, want ook Vitantonio Liuzzi werd aan de kant gezet door HRT, dat probeert een volledig Spaans team te worden. Daarom werd de 41-jarige Pedro de la Rosa maar weer uit de hoge hoed getoverd.

Kwalificatie

Al met al zag de startgrid er weer heel anders uit dan vorig jaar. Wat niet was veranderd, was de stand achterin. Nog steeds zijn HRT en Marussia op afstand de zwakste teams. Dit werd nog versterkt door problemen met crashtests, waardoor de teams nauwelijks aan testen toekwamen. Waar de Marussia's zich nog net wisten te kwalificeren, grepen de HRT's er toch wel overtuigend naast. Vooral Narain Karthikeyan was een hinderlijke sta-in-de-weg in de eerste kwalificatiesessie. Daardoor verschijnen er slechts 22 auto's aan de start. Teleurstellend was dat de Caterhams eveneens niet naar de tweede sessie wisten door te stoten. Datzelfde kon gezegd worden van Kimi Räikkönen, die een stuurfout maakte en daardoor een handvol seconden tekort kwam om nog een snelle ronde te rijden. Daarom moest hij als zeventiende starten.

In de tweede sessie vallen de Ferrari's enorm tegen. Alonso maakt een beginnersfout bij het aanremmen van de eerste bocht en komt in de grindbak vast te zitten. Uiteindelijk moet de getergde Spanjaard met een twaalfde startplaats genoegen nemen. Desondanks is hij nog een seconde sneller dan zijn teamgenootje, die geen moment lekker in zijn vel zit en slechts als zestiende moet starten. Het is duidelijk: de huidige Ferrari is geen stap vooruit, maar nog een sprong achteruit. Niet helemaal verrassend, want mooie auto's zijn doorgaans ook snel. En laat de huidige Ferrari nou op afstand het lelijkste gedrocht op de grid zijn... Eveneens teleurstellend is het optreden van de Saubers. Was Co Biaggi in Q1 nog de snelste man, in Q2 bakt hij er niks van. Hij start daarom slechts als dertiende. Teamgenootje Pérez komt niet eens vooruit en hij moet na een versnellingsbakwissel zelfs als laatste starten.

In de derde kwalificatiesessie pakt Luis de pole. Button komt in zijn tweede snelle rondje nog erg dichtbij. De verrassing van de sessie is de derde tijd van Grosjean, die Shoeface net voorblijft. Daarmee valt Mercedes in de beslissende sessie behoorlijk door de mand, want in de tweede sessie leek het er nog op dat ze voor de pole gingen strijden. Rosberg duikt pas als zevende op, achter de Red Bulls van Webber en Fattle, die ruim een halve seconde moesten toegeven op de McLarens. De toon was gezet: McLaren was oppermachtig en Red Bull was nergens. Een andere verrassing was Pastoor, die de achtste tijd reed. Bij Williams is het lek ook weer boven, zo leek het. Hülkenberg was negende, terwijl de Toro Rosso's tiende en elfde waren.

De winnaars van zaterdag...

Bij de start komen de coureurs op de ideale lijn slecht weg, iets wat de laatste jaren vrij normaal lijkt te zijn. Luis heeft een belabberde start en ziet zijn teammaatje direct passeren. Grosjean lijkt zich te verschakelen en is ook ineens drie plekken kwijt. Achter de McLarens duiken de Mercedes de eerste bocht in: Shoeface is derde, voor de als een raket gestarte Rosberg. Fattle is opgerukt naar de vijfde plek, terwijl teamgenoot Webber in het gedrang komt en terrein verliest. Hij is allang blij dat hij zonder schade door de eerste bocht komt. Achter hem vliegt de neef van Senna door de lucht, maar die kan zijn weg na een pitstop vervolgen, net als local hero Ricciardo. Minder voorspoedig vergaat het Nico Hülkenberg, wiens rentree slechts een halve ronde duurt. Hij is de eerste uitvaller van de race.

Een ronde later is de rentree van Grosjean ook voorbij. Een ongelukkig race-incident met Pastoor wordt hem noodlottig. Succesvoller is Fattle, die landgenoot Rosberg brutaal buitenom voorbij gaat. Een knappe actie van de man die toch maar mooi bewijst een echte racer te zijn. Hij vergooit zijn vierde positie even later bijna door in het kielzog van Shoeface van de baan te schieten. Rosberg denkt te profiteren, maar hij wordt weer uitgeremd door Fattle, die daarna weer hard op weg gaat naar Shoeface. De zevenvoudig wereldkampioen vliegt even later op hetzelfde als Fattle punt van de baan, maar hij kan er weinig aan doen: de wagen ging stuk. Zodoende ligt Fattle alweer derde, hoewel de McLarens inmiddels volledig uit het zicht zijn verdwenen.

Zorgen

De eerste reguliere pitstop van het seizoen komt op naam van Felipe Massa, die grote bandenproblemen heeft. Langzaam maar zeker komen de andere coureurs binnen voor nieuwe banden. Bij McLaren besluit men af te wachten. Ze hebben een dusdanig grote voorsprong dat ze iets langer dan de rest door kunnen rijden zonder de koppositie te verspelen. Toch hebben de strategen bij McLaren ook hun zorgen: Fattle loopt enorm in op Luis, wiens banden toe zijn aan vervanging. McLaren besluit echter om niet Luis, maar koploper Button het recht te geven op de eerste pitstop. De eerste coureur van McLaren hoeft de leiding maar één ronde af te staan aan zijn teamgenoot, daarna rijdt hij weer fluitend bij de rest vandaan. Luis heeft meer problemen. Hij zit na zijn stop klem achter Räikkönen en Pérez, die nog niet zijn gestopt. Luis verliest een heleboel tijd achter de trage Pérez, die net als vorig jaar probeert om maar één bandenstop te maken. Wanneer hij de Mexicaan eindelijk voorbij is, heeft Button een voorsprong gepakt van ruim tien seconden, terwijl Fattle vlak achter hem zit.

Vooraan lijkt de race nu wel gelopen. De gevechten vinden in de middenmoot plaats, waar Massa Co Biaggi en Räikkönen uit alle macht achter zich probeert te houden. Een gefrustreerde Massa, de kamikazepiloot Co Biaggi en de getergde ("waarom krijg ik steeds blauwe vlaggen?!") Räikkönen: het is een explosief mengsel. Maar alles gaat goed. Nog wel.

Neutralisatie

Massa trapt ook af voor de tweede serie pitstops. De McLarens komen even later in dezelfde ronde binnen, waardoor Fattle de leiding tijdelijk overneemt. Maar dan gebeurt het: Petjerov valt stil op het rechte stuk van start/finish. Volgens het team had het te maken met een kapotte stuurbekrachtiging, maar dat is toch wel een rare reden om stil te vallen. Jarno Trulli zal zich op zijn wijngaard wel hebben rotgelachen.

Hoewel het wrak totaal niet op een gevaarlijk punt staat, wordt de race wel geneutraliseerd. Een logge sleepauto moet namelijk het halve circuit over om het wrak weg te takelen. Trage sleepdiensten: een typisch Anglo-Amerikaans euvel. Terwijl de safetycar rustig voor het veld rijdt, gaan de coureurs die nog niet gestopt zijn ook naar de pits. Het helpt Fattle naar de tweede plaats, tussen de McLarens. Ondertussen mogen de slakken een ronde achterstand inhalen (wie bedenkt die regels toch steeds?), waardoor het oponthoud wel erg uit de klauwen loopt. En dat allemaal vanwege iets stoms als een kapotte stuurbekrachtiging. Voor Caterham wordt het even later nog leuker als Co Valainen om dezelfde reden moet uitstappen. Jarno Trulli zal het wel in zijn broek hebben gedaan van het lachen.

Slotfase

Na de herstart trekt Button keihard weg bij Fattle. Luis probeert de Duitser nog onder druk te zetten, maar gaandeweg komt hij steeds meer onder druk van Webber, die aan schadebeperking doet. Wie dat niet doet, is Felipe Massa. Hij probeert Senna van de baan te duwen, waarna de auto's in elkaar blijven kleven. De schade is voor beide wagens te groot om nog verder te kunnen.

Daarmee lijkt de koek op voor de saaie Australische Grand Prix. Vooraan zijn de kaarten wel geschud. De strijd om de vijfde plek is nog het bekijken waard. Fernando Alonso wordt namelijk flink opgejaagd door Pastoor, die op weg is naar zijn beste prestatie ooit. In een klap kan hij het puntentotaal van Williams van 2011 verbreken, maar met een harde klap komt er een einde aan de droom, als hij in de laatste ronde op een merkwaardige manier de macht over het stuur verliest en hard crasht. Weg zijn de acht dure punten.

De Williams is nog niet tot stilstand gekomen, of even verderop vliegen de coureurs elkaar weer in de haren. Rosberg probeert de trage Pérez de zevende plaats af te snoepen, maar rijdt daarbij een band lek. Strompelend komt hij als twaalfde over de finish, waarmee hij naast Pastoor de grote verliezer van de laatste ronde werd. Het betekent dat Co Biaggi uiteindelijk zesde wordt, voor de herboren Räikkönen. Pérez wordt nog achtste, voor Ricciardo en de onzichtbare DRS'ta. Vergne laat zich in de laatste ronde het kaas van het brood vreten en finisht buiten de punten.

De winnaars op zondag

De eerste posities werden ingenomen door de McLarens en de Red Bulls. Hoewel McLaren niet anders dan tevreden kan zijn over het eerste raceweekend, toonde Red Bull aan dat het nog niet verslagen is. Anders dan vorig jaar heeft het team geen geheime wapens in de kwalificatie, maar in de race blazen ze wel goed mee. De winnaars op zaterdag waren in grote lijnen de verliezers op zondag. De verliezer van de race was ongetwijfeld Luis, die op het podium een kop als een oorwurm had. Logisch natuurlijk, want hij kreeg een flinke mentale tik te verwerken. Ook kon hij maar niet begrijpen wat er verkeerd was gegaan. Met zijn tweede plek was Fattle de morele winnaar van de race, terwijl Webber zijn beste resultaat voor eigen publiek reed. Voor hem was het goed om te weten dat hij dit jaar qua snelheid niet voor zijn teamgenoot hoeft onder te doen.

Alonso wist zijn belabberde auto nog naar een vijfde plek te sturen, meer was absoluut niet mogelijk. Dat bewees Massa wel, die al na één race in de schopstoel zit. Het team van Mercedes stelde hevig teleur in de race, terwijl de middenmoters Lotus, Sauber en Williams het goed voor elkaar lijken te hebben. Force India en Toro Rosso vallen wat tegen, terwijl Caterham nog steeds geen aansluiting heeft gevonden met de middenmoot.

Al met al veranderde er ten opzichte van vorig jaar niet zo veel aan de slagorde. Met de Grand Prix van Maleisië al over een week zal daar waarschijnlijk niet veel verandering in komen. Het wordt weer een gevecht tussen McLaren en Red Bull, net als vorig jaar, maar dan spannender.

14 maart 2012

Geen post-titelsyndroom

BSG schopt Caïssa uit de beker

Na de externecompetitiewedstrijd van zaterdag had ik maandag weer een belangrijk evenement: de diploma-uitreiking. Ditmaal stond ik helemaal in het middelpunt van de belangstelling en echt gemakkelijk voelde ik me er niet bij. Ik had die nacht ook amper geslapen en het liefst was ik weer onder de wol gekropen, maar dat ging helaas niet. Gelukkig duurde de uitreiking niet heel lang en werd ik bemoedigend toegesproken door mijn scriptiebegeleider (Jos). Hij wenste mij het allerbeste toe in de bekerwedstrijd tegen zijn club.

De rest van de dag werd ik met cadeaus overladen. Het gebeurt in onze familie immers niet elke dag dat iemand afstudeert. De afterparty was in mijn huisje en het was druk. Uiteindelijk werd het me wat te veel en ging ik maar een stukje wandelen met m'n lieve huisgenootjes. Bij terugkomst was m'n familie weg en werden er pizza's besteld. Zo kon ik weer een beetje tot rust komen.

Beker

Gisteren kwam de afsluiting van die drukte. Als Amstelvener werd mij gevraagd om de bekerwedstrijd tegen Caïssa te spelen. Dat was immers om de hoek voor mij. Samen met Robert Ris en Lenaard, die toch in de buurt woonden, en Large, die wel eerst een eindje moest reizen, zouden we de strijd aanbinden met het sterrenteam (pun intended) uit de hoofdstad.

De wedstrijd zou om half acht beginnen en daarom maakte ik me na het eten snel uit de voeten. Hoewel de reis maar ongeveer een half uur zou duren, wilde ik liever nog wat speling hebben, ik was er namelijk niet eerder met het openbaar vervoer geweest. Wat ik ook nog nooit had gedaan, was van de metro naar de tram overstappen. Moet je dan uitchecken of niet? Ik wist het niet zeker. Ik weet amper wat het verschil is tussen een metro en een tram. Bovendien kwam de tram er net aan op het moment dat ik uit de metro stapte. Ik holde maar naar binnen, waarna de tram langzaam de grote stad binnenreed. In de tram mijn gebruikelijke angst: zou ik wel op de juiste plaats aankomen? Zou het ding de halte ongemerkt voorbijrijden? Gelukkig werd toen, later dan verwacht overigens, het Roelof Hart-plein omgeroepen. Bij het "uitchecken" kreeg ik het bericht "goede reis" te zien en dat had ik juist niet willen zien. Weer wat geleerd...

Toen ik op (of eigenlijk naast) het plein stond, had ik geen idee waar de speelzaal nou was. Ik was in de veronderstelling dat het dezelfde locatie was als waar ik met BSG een paar competitiewedstrijden had verloren, maar ik herkende het gebouw niet. Daarom belde ik maar de Oetoes op. Zij moesten immers ook die kant op. Even later hoorde ik m'n naam en zag ik twee schimmen aan de andere kant van de straat zwaaien. Ik had verwacht iemand met reflecterend haar te zien, maar in plaats daarvan was Lenaards haar donkerblauw. Snel schoot ik de straat over, waarna we het voor mij onbekende gebouw betraden.

Underdog

Het was clubavond en we kwamen aan op het moment dat de oudjes de kleine kinderen gingen aflossen. Het was niet de mooiste speellocatie waar ik ooit geweest ben. Het was een oud, sfeerloos gebouw met uitzicht op een drukke straat. Een onbehaaglijk gevoel maakte zich meester van me. In de meesterklasse heb ik mijn punten alleen in thuiswedstrijden gepakt en nu wist ik ook waarom. De bekerwedstrijd werd in een ander zaaltje gespeeld, waar de Caïssa-jeugd nog vrolijk zat te spelen.

Inmiddels was er om de kleur geloot. BSG zou aan de even borden wit krijgen, wat betekende dat ik opnieuw, net als tegen Zukertort, met wit mocht spelen. Aan het eerste bord zou Robert Ris het met zwart wel heel zwaar krijgen tegen grootmeester Paul van der Sterren, net als Lenaard op bord 3 tegen Arno Bezemer. Large had als enige een ratingplusje, maar hoelang nog? Tegenstander Hugo van Hengel scoort in de KNSB-competitie namelijk als een beest: hij heeft na zeven competitieronden nog steeds een honderdprocentscore. Zelf speelde ik tegen Alje Hovenga, iemand waar ik twee jaar terug in de competitie van verloor. Caïssa promoveerde dat seizoen naar de meesterklasse en hij presteerde het om dat seizoen ongeslagen te blijven. Alles wees er dus op dat meesterklasser BSG een lastig avondje tegemoet zou gaan tegen eersteklasser Caïssa.

Zoals het klokje thuis tikt...

De partijen waren net begonnen toen mijn tegenstander ontdekte dat mijn klok bleef doorlopen. Met geen mogelijkheid was het andere uurwerk aan de praat te krijgen. Dus werd er maar een nieuwe klok gepakt, maar die wilde helemaal niks doen. Gelukkig was de derde klok wel goed, waarna we eindelijk echt konden beginnen.

Voor m'n neus had ik weer een Caro-Kann. Dat riep herinneringen op aan zaterdag, maar nu kreeg ik weer een geheel andere variant tegen me. Ik besloot iets "creatiefs" te spelen en dat ging wel redelijk, hoewel mijn zetten niet altijd even gelukkig waren. Ik had echter het idee dat m'n tegenstander ook niet altijd de beste zetten deed. Waarschijnlijk was mijn plan om zwarts loperpaar uit te schakelen niet zo heel kansrijk. Ik hoopte hem daarmee op den duur te kunnen overspelen, maar dat viel tegen. Na een tegenstoot in het centrum kreeg zwart de betere kansen, maar toen hij me de tijd gaf om te consolideren, kon ik afwikkelen naar een wat beter eindspel, hoewel de remisemarge nergens werd overschreden, zoals ze dat dan deftig zeggen.

Bij Lenaard was dat ook niet gebeurd. Hij had in het Schots het ergste achter de rug gehad en hij had mij gevraagd of hij het remiseaanbod mocht aannemen. Een remise met zwart tegen een sterke speler, dat leek me wel wat, dus werd het aangenomen. De stand was 1-1 en op de hoogste borden hadden de spelers elkaar in de houdgreep genomen. Zo probeerde Large uit alle macht een remisestelling te winnen, terwijl Robert Ris een wat minder toreneindspel moest verdedigen. Toen Robert remiseerde, werd de vrede aan het bord ernaast ook meteen getekend. De vier partijen waren allemaal in remise geëindigd. We gingen dus snelschaken!

Indrinken

Tussen de partijen en het snelschaken was een pauze ingelast van tien minuten. Nadat ik met Jos de partij had besproken, moest ik me nu gaan opmaken voor het snelschaken. Lenaard bestelde een glaasje water voor me, waarna de andere drie jongens zich moed in gingen drinken. Het was misschien wel het beste idee van de avond, want met het snelschaken sloeg BSG toe: het werd 1-3 voor de bezoekers. De vele toeschouwers zagen hoe de BSG'ers op de meeste borden een tijdsvoorsprong pakten en daar gaat het uiteindelijk allemaal om. Met schaken had het weinig meer te maken, maar of je je tegenstander nou vlagt of van het bord combineert, het levert allebei gewoon een punt op. Zo kwam Robert Ris terug van een tijdsachterstand en vlagde hij Paul van der Sterren. Large won ook, terwijl Lenaard in wederzijdse tijdnood ineens werd matgezet. Doordat bij gelijk eindigen het laatste bord afvalt, deed mijn overwinning er uiteindelijk niet meer toe. Ook hier besliste de klok in het nadeel van mijn tegenstander. Het scenario was ongeveer gelijk aan dat van Robert, met het verschil dat ik geen grote slok bier nodig had om het tij te doen keren...

Toch was er nog even verwarring over de uitslag. Zo dacht Robert dat ik had verloren en vroeg hij zich af of hij wel op tijd had kunnen winnen. Hij had alleen nog een loper over, maar doordat zijn tegenstander nog wat stukken had, was er matpotentieel. Even vreesde hij dat BSG met 2½-1½ had "moeten" verliezen, maar dat was niet zo.

Zo liepen de BSG'ers als overwinnaars naar buiten en dat was niet van tevoren verwacht. De volgende ronde is tegen LSG en ook dan zal BSG in de rol als underdog kruipen. De (halve) finale lonkt.

Caïssa (2348) - BSG (2268) 2-2 1-3
1. P van der Sterren g (2496) - R Ris m (2385) ½-½ 0-1
2. H van Hengel (2281) - La Ootes (2350) ½-½ 0-1
3. A Bezemer f (2357) - Le Ootes (2196) ½-½ 1-0
4. A Hovenga (2259) - J de Groote (2140) ½-½ 0-1

Mijn eerste officiële partij als MSc ging me best redelijk af. Vooralsnog wijst niks op het beruchte post-titelsyndroom. Tijd om de volgende titel te halen: de CM-titel!

10 maart 2012

Het geluk van De Stukkenjagers

BSG (2218) - Stukkenjagers (2283) 5½-4½
1. Lennart Ootes (2196) - Maurice Peek (2394) 0-1
2. Jesper de Groote (2140) - Herman Grooten m (2335) 1-0
3. Ton van der Heijden (2278) - Frans Konings (2265) 1-0
4. Alexander Berelowitsch g (2575) - Bianca Muhren wg (2299) 1-0
5. Robert Ris m (2385) - Cor van Dongen (2350) ½-½
6. Lars Ootes (2350) - Mart Nabuurs (2271) ½-½
7. Leon Pliester m (2366) - Anne Haast wm (2301) 1-0
8. R Tijssens (1743) - Tijmen Kampman (2172) ½-½
9. Ewoud de Groote (2327) - Mark Haast (2326) 0-1
10. E van de Velden (1819) - Mark Clijsen (2119) 0-1

Say no more...

Wat de cijfertjes niet zeggen...

Met afgunst werden de prestaties van De Stukkenjagers bekeken in Bussum. Net als BSG was het Tilburgse team gepromoveerd, maar waar de Bussumers genoegen moest nemen met het schrapen van enkele bordpuntjes, versloegen de Tilburgers de ene na de andere opponent. Rond de jaarwisseling was het hele veld gemangeld tussen de twee promovendi: De Stukkenjagers stonden fier aan kop en BSG stond stevig laatste. Maar tijden veranderen. Het geluk van De Stukkenjagers raakte op. Ze verloren sterspeler Jan Sprenger en bleken daardoor toch niet zo onaantastbaar als gedacht. Tegelijkertijd kwam BSG steeds beter in vorm. Tegen Apeldoorn werd eindelijk het eerste matchpunt gepakt. Tegen De Stukkenjagers zou de eerste overwinning moeten worden geboekt.

Deze strijdlustige gevoelens kregen een dag voor de wedstrijd een gevoelige knauw, toen bleek dat FM Henk (wegens droevige familieomstandigheden) en Frans Borm (hij zal ook wel een goede reden hebben gehad) niet mee zouden spelen. Als vervangers werden spelers uit derde opgetrommeld, zodat BSG 2 op volle oorlogssterkte kon aantreden tegen mededegradatiekandidaat HWP. Zij wel.

Zo begon BSG alsnog met knikkende knietjes aan de wedstrijd waar zo lang naar uitgekeken was. Dit was immers de kans om te bewijzen dat het verschil op de ranglijst vooral op toeval was gebaseerd. Dit was de kans om te laten zien dat BSG de sterkere promovendus was, maar de voortekenen waren niet al te best. De bezoekers waren op vier borden duidelijk sterker, wat resulteerde in een ratingoverwicht van gemiddeld 65 punten per bord.

BSG op voorsprong

Het geluk van BSG is dat er altijd kan worden teruggevallen op de puntenmachine. Der Alexander had een gemakkelijke middag tegen damesgrootmeester Bianca Muhren. Die tuimelde in een openingsvalletje en zat al gauw tegen een pingoruïne aan te kijken. Al snel had Berelowitsch zijn derde competitiezege op rij binnengehaald.

Op de eerste twee borden waren de broers van weer eens opgeofferd. Ze waren kort na elkaar klaar. Lenaard kwam Maurice Peek, het geheime wapen van de uitploeg, tegen. In zijn geliefde Tsjechische Benoni kwam wit door het centrum heen walsen en was het pleit al gauw beslecht. Beter verging het ondergetekende, die het tegen Herman Grooten (u weet wel, die man van de Elementen van de schaakstrategie) opnam. In een origineel gespeelde Caro-Kann verzuimde de zwartspeler een paar keer ...c6-c5 te spelen. Toen hij het eindelijk toch deed, kostte het een pion en ging het van kwaad tot erger. Een mijlpaal voor de witspeler, die zijn eerste meesterklassezege boekte. BSG kwam zodoende op voorsprong, het stond 2-1.

Helden

Ondanks de voorsprong was BSG nog lang niet veilig. In het vervolg waren er de nodige heldendaden nodig om de kleine voorsprong over de streep te trekken. Robert Ris had een van die helden kunnen zijn, of althans, dat dacht hij.



In zijn partij tegen Cor van Dongen speelde hij in de bovenstaande stelling brutaal 13...g5!? Het is duidelijk dat de loper op e5 in moeilijkheden verkeert. Wit ging een uur in de denktank, om uiteindelijk 14.g4 te spelen. "De enige zet", volgens Robert, hoewel 14.f4 ook een optie blijkt te zijn. Na 14...Pxe5 15.Lxb7 speelde hij braaf 15...Tad8, waarna de partij uiteindelijk remise werd, al had zwart lange tijd de betere kansen. Bij de partijbespreking ontdekte hij ineens de mogelijkheid 15...Pxg4, met als pointe 16.Lxa8 Dd6 17.f4 Dh6 en na het gedwongen 18.Tf2 houdt zwart een beter eindspel over. Een echte verdediging werd tijdens de nabespreking niet gevonden, maar het blijkt dat wit na 16.Dd2 Tab8 17.Dxg5+ Kh8 18.Dxd5 nog kan overleven. Ofwel: er was eigenlijk geen reden tot zelfkritiek. Of wit de zettenreeks had gevonden, is een andere zaak...

Wie wel een held werd, was Leon Pliester. Ziek, zwak en misselijk was hij, maar tegen Anne Haast speelde hij eigenlijk een briljante partij. Bijna al zijn lichte stukken stonden aangevallen:

Stelling na 12...Pe5. Op 13.dxe5 volgt natuurlijk 13...Dc5+, maar 13.Lxe4 lijkt prima te gaan. In de partij deed wit 13.Le2?, waarna zwart met 13...Lh4 14.Tf1 Lh3! ineens een krachtige aanval opbouwde. De witte stukken op de damevleugel stonden zo met elkaar verstrengeld, dat ze niet veel anders konden doen dan toekijken hoe de witte monarch uiteindelijk het kind van de rekening werd.

Een andere held werd invaller Rob Tijssens. Hij zette de partij solide op en plaatste slim een remiseaanbod. Tegenstander Tijmen Kampman voelde kennelijk geen behoefte om hem nog een hele partij op de pijnbank te leggen en accepteerde het aanbod, hoewel hij daar achteraf waarschijnlijk spijt van had. Hoe dan ook, vanuit het perspectief van het team gezien was het een gewonnen halfje.

Ploeteren

Minder gesmeerd ging het bij de andere invaller, Eddy van de Velden. Tegenstander Mark Clijsen wikkelde kort na de opening af naar een eindspel waarin hij een kleine kwaliteit meer had. Wel had Eddy nog een pion ter compensatie en had hij het zijn tegenstander nog heel lastig kunnen maken. Een paar minder handige beslissingen zorgden ervoor dat hij het uiteindelijk toch niet meer kon houden. Daardoor was de stand 4-3 en zag het er ineens somber uit: er waren nog drie slechtere stellingen over.

Large had de opening verprutst en stond lange tijd met de rug tegen de muur. Met een pion minder en een enorm ruimtenadeel zag het er slecht voor hem uit. In tijdnood greep hij echter zijn kans en maakte hij tegenstander Mart Nabuurs plotseling twee pionnen afhandig, waarna de partij in remise verzandde. Een meevaller. De stand was 4½-3½ en voor het matchpunt was nog één halfje bezig.

Nog meer helden

Zo leefden we toe naar de climax van de wedstrijd. Alleen de partijen Frans Konings - Ton van der Heijden en Mark Haast - Ewood zijn nog bezig. Beide BSG'ers stonden slecht. Eén halfje zou al heel mooi zijn. Ton zat bovendien erg krap in zijn bedenktijd, in tegenstelling tot zijn tegenstander. Die had in het eindspel nog een dame en toren over, terwijl Ton twee torens en een erg passieve loper had. Ewood lijkt de zaken redelijk onder controle te hebben, maar waar wits vrijpionnen ongehinderd kunnen oprukken, komt zijn pionnenmassa in het centrum niet in beweging. Een vreselijke stelling om in opkomende tijdnood te spelen.

De tijd begint te dringen en bij De Stukkenjagers vertrouwt Frans Konings niet meer op een goede afloop aan het andere bord. Hij gaat daarom maar een zetherhaling uit de weg en komt met een waanzinnige zelfvernietiging op de proppen. De dame wordt zo passief mogelijk neergezet, waarna Konings' koning stoer de vijandelijke troepen tegemoet loopt. Ton rondt het koelbloedig af en verzekert BSG daarmee voor het eerst in heel veel jaren weer van een overwinning in de meesterklasse. Daarmee werd hij de derde held van BSG.

Dat Mark Haast uiteindelijk toch wint, maakt het er alleen maar erger op voor Konings. In het toreneindspel vecht Ewood tot de laatste snik, maar moet hij na zes uur ploeteren toch de koning omleggen. Daarmee kwam een eind aan een lange schaakmiddag. Lang daarvoor had BSG 2 met 5-3 gewonnen van HWP, waardoor het eerste achttal van BSG verder afstand nam tot de degradatiestreep. Al met al pakte het invallerbeleid voor zowel BSG 1 als BSG 2 perfect uit. De overwinning van het verzwakte BSG op De Stukkenjagers bewees wel dat het geluk van De Stukkenjagers nu echt op is. Het geluk van De Stukkenjagers is dat ze al lang en breed veilig zijn. Dat kan BSG niet zeggen. Om niet te degraderen, moeten de resterende wedstrijden gewonnen worden en mogen LSG en Apeldoorn niet te veel punten pakken. Kortom: een bijna onmogelijke opgave. Daarom is de overwinning op de nummer 3 van de ranglijst er een om te koesteren.

Ter ere van de overwinning was er een heus concert aan de gang in ons gebruikelijke restaurant. Dan wil ik nog wel eens zien wat er gebeurt als we het kampioenschap binnenhalen. Vooralsnog kunnen we daar alleen nog maar van dromen. Op zijn vroegst in het seizoen 2013-2014 zal er een aanval op de landstitel kunnen worden gedaan. Eerst maar genieten van deze zwaarbevochten zege.

04 maart 2012

Vierentwintigste ronde Eredivisie

"PSV overtuigend kampioen, tenzij... " Dat was de voorspelling van een stel cijferfreaks tijdens de winterstop. Alles zag er goed uit voor de ploeg uit Eindhoven: landskampioen Ajax was aan het stuntelen, bij FC Twente pruimde men trainer Adriaanse niet en AZ verloor voor de winterstop de ene na de andere wedstrijd. Ook bleven dit keer de bepalende spelers bij de selectie. Inmiddels zijn we anderhalve maand verder en staat het kampioenschap van PSV op losse schroeven. In Eindhoven boekte angstgegner FC Twente een angstaanjagende 2-6-overwinning. PSV zakte terug naar de derde plaats, achter het moedige AZ en het teruggekomen FC Twente, dat nog een wedstrijd tegen Het Graafschap tegoed heeft.

Het was een rare competitieronde in het weekendje na de interlandverplichtingen. Hoewel de voetbalwereld erg opportunistisch is, proberen trainers de euforiegolven altijd te temperen. Gaat het goed, dan zijn ze ineens overdreven kritisch op hun elftal, gaat het slecht, dan worden de goede punten aangestipt.

Titelstrijd

Erg tevreden kon Heerenveen-coach Jan Rons dan ook niet zijn na de doelpuntloze remise in Den Haag. De voorhoede van de Friese formatie verzaakte voor het eerst dit seizoen en dat betekende weer twee verliespunten in de strijd om de titel.

Ook bij AZ-trainer Gertjan Verbeek overheersten de negatieve gevoelens. Dat had weinig te maken met het tegendoelpunt dat Heracles maakte in de door AZ met 3-1 gewonnen wedstrijd. Vier Gever besloot een Suarezje te doen op de doellijn en werd weggestuurd. De penalty leverde Heracles nog een doelpunt op. Nee, die rode kaart deed AZ weinig pijn, want met tien man was de thuisploeg nog beter uitgebalanceerd ook. Het was juist het wegsturen van Gertjan Verbeek zelf dat voor veel commotie zorgde. Woedend was hij op de vierde official die hem vanwege een wegwerpgebaar naar de tribune stuurde. Toch had AZ wat te vieren, want ze namen de koppositie weer over.

Ajax-trainer Frank de Boer is een onnavolgbaar baasje. Vertrouwt de verslaggevers vaak een wat ongeïnteresseerd klinkend verhaal toe, zonder echt gekke dingen te zeggen. Was echter opvallend fel in zijn bewoordingen na de uitschakeling van Ajax in de Europa League door Manchester Unighted. En dat terwijl zijn team de terugwedstrijd tegen alle verwachtingen in had gewonnen... Tegen Roda was Imbecilio opmerkelijk kritisch over zijn eigen spel. Ajax had het inderdaad moeilijk tegen de mijnwerkers, die zich ingroeven en daarmee het aanvalsspel van de thuisploeg frustreerden. Door een beginnersfout van Imbecilio was Roda zelfs nog op voorsprong gekomen. Maar Imbecilio maakte zijn fout drievoudig en dwars goed door tegen het einde van de wedstrijd een ware hoedtruc te produceren, waardoor Ajax uiteindelijk alsnog met 4-1 won.

Feijenoord blijft het maar goed doen. Vaak speelt de ploeg behoorlijk goed, hoewel ze soms ook lelijke flaters slaan. Tegen FC Groningen was het spel niet best, maar aangezien Groningen uit geen deuk in een pakje boter schiet, wonnen ze de wedstrijd toch. Het werd 1-0 en daarmee bleef Feijenoord in de race om het kampioenschap. Voor Groningen is de zevende plaats het hoogst haalbare: het gat met Feijenoord groeide namelijk naar twaalf punten. De nacompetitie is slechts zeven punten van ze verwijderd.

Wat PSV allemaal aan het doen was tegen FC Twente, dat zal wel altijd een raadsel blijven. Na negentien minuten en dertien seconden zouden ze luid worden toegezongen door hun eigen aanhang, maar waarschijnlijk had de club beter in het jaar 313 (in plaats van 1913) kunnen worden opgericht, want al na zeven minuten lag de bal in het verkeerde netje. En net voordat het gezang zou moeten aanvangen, stond het 0-2. Het bleef doodstil in het Philips-stadion. Twente liep in de eerste helft nog uit naar 0-4. Het deed een beetje denken aan de wedstrijd PSV - Ajax in het seizoen 2006-2007, toen Ajax met 1-5 won. Die kant ging het nu ook op. Het lukt Fred Rutten maar niet om zijn ploeg klaar te stomen voor topwedstrijden. Dit keer faalde hij wel heel opzichtig. Wie had gedacht dat zijn collega aan de andere kant een gelukkig mens was, had het mis. Coach Steve McClaren was teleurgesteld over de tweede helft, waarin Duckless een rode kaart kreeg in een onschuldig duel met Toy Vonen. Tekenend voor de zwakte van PSV was dat ze ook de tweede helft niet wonnen, het werd immers 2-6.

Degradatiestrijd

Net als de strijd om het landskampioenschap is de strijd om de degradatieplaatsen ook erg spannend. Onderin zijn Het Graafschap en Excelsior ten dode opgeschreven. Dat heeft alles te maken met de plotselinge opleving van RKC en VVV. RKC versloeg staartploeg Excelsior en klom naar de laatste plaats van het linkerrijtje. Trainer Ruud Brood was desondanks niet erg tevreden. Van een ploeg met de status van RKC mocht meer verwacht worden dan de 1-0-zege.

Bij VVV heeft Ton Lokhoff het goed voor elkaar. Zo ga je van de ene statistiek (achttien verloren uitduels op rij) naar de andere statistiek (vier zeges op rij). Een gunstige ontwikkeling. In het nacompetitieduel tegen NAC viel VVV vrolijk aan, maar werden de kansen keer op keer verprutst. Uit het niets kwam NAC op voorsprong. Het duurde erg lang, maar uiteindelijk werd VVV nog wel beloond voor het goede spel. Uit twee dode spelmomenten vielen twee doelpunten, die beide hard en onberispelijk werden binnengeschoten. Voor NAC komt de NACompetitie (sorry!) nu wel erg dichtbij.

Ook voor FC Utrecht en NEC dreigt dat scenario. NEC was in de Galgenwaard iets beter, wat tot uitdrukking kwam in het balbezit (51 om 49 procent), maar na negentig oersaaie minuten gaf het scorebord nog steeds wat verwijtend 0-0 aan. Het steeds maar winnende VVV is de ploegen tot één (Utrecht) en twee (NEC) punten genaderd.

Vitesse mocht eindelijk weer het zoet van de overwinning smaken. Streekgenoot Het Graafschap werd verder het degradatiemoeras ingedrukt. Tja, beter een goede buur... Het Graafschap beet in de beginfase nog van zich af, maar zakte daarna weg en werd afgeslacht. Voor Vitesse was het de eerste competitiezege in een maand tijd. Er heerste dan ook vooral opluchting na de 2-0-zege, waarmee de ploeg de zevende plaats op de ranglijst verstevigde. Het Graafschap houdt een voorsprong van een punt op Excelsior. Bovendien hebben ze nog een wedstrijd tegen Twente tegoed. Toch gaat de ploeg uit Doetinchem een zware tijd tegemoet.

Verwachtingen temperen

Zodoende is FC Twente opeens weer torenhoog favoriet voor de titel. Dankzij het Steve McClaren-effect? In ieder geval zal hij de komende tijd de blaren op zijn tong moeten praten om de euforie te temperen, hoewel de voetbalwereld er na volgende week weer compleet anders uit kan zien...

Zaterdag
ADO (24) - Heerenveen (44) 0-0
RKC (28) - Excelsior (15) 1-0
VVV (22) - NAC (25) 2-1
AZ (46) - Heracles (30) 3-1

Zondag
Vitesse (32) - Graafschap (16) 2-0
Ajax (43) - Roda (31) 4-1
Feijenoord (41) - Groningen (32) 1-0
Utrecht (25) - NEC (26) 0-0
PSV (48) - Twente (45) 2-6

Wonen in een bouwput

De badkamer. Die zou verbouwd moeten worden, vonden m'n ouders. Het mocht wat moderner en het voegwerk had zijn beste tijd wel weer gehad. Een ambitieus plan werd opgesteld. Er zou een vloer van namaakgraniet komen met een hoekje om in te douchen. In de muur zou een uitsparing komen voor een wastafel en er was nog wat ruimte over voor een badkuip. Ook zou die lullige schuifdeur worden vervangen door een echte deur. Ondertussen zouden de gang en de trap ook nog even gerenoveerd worden. Weg met dat stoffige tapijt! In plaats daarvan zou hout komen.

Op de dag dat alle peuters en kleuters in Nederland reikhalzend uitkeken naar wat de goedheiligman zou schenken, werd bij ons de badkamer tot de laatste steen aan toe afgebroken. Binnen de kortste keren was de badkamer, die ik uit m'n kinderjaren kende en waar ik ontelbaar vaak m'n manen had gewassen, omgetoverd in een troosteloze bouwput:

De bouwput, eh, badkamer nadat alles eruit was gesloopt. Foto: Facebook.

Mijn moeder was toen nog optimistisch. In de kerstvakantie kon ik weer fijn douchen in de nieuwe badkamer. Het zou allemaal geweldig worden. Wel hadden we nog even een nooddouche op zolder, maar dat zou maar voor heel even zijn.

De nooddouche.

Wel betekende de nooddouche dat de wasmachine niet meer kon afwateren, waardoor m'n moeder steeds naar m'n tante moest voor de was. En ik baal al dat ik elke week met de was naar de buren moet... Ook moesten m'n ouders nu bij de wastafel op zolder hun tanden reinigen, zodat ik 's avonds en vooral 's ochtends (als ze ook nog gingen douchen) last van ze had. Gelukkig zou het maar heel even duren.

Dan zou alles in ieder geval goed moeten verlopen, maar u raadt het al: dat gebeurde niet. De namaakgranieten vloer was volkomen verkeerd aangelegd en kon er weer uit. Vervolgens werd de aannemer ziek. Ondertussen was het tapijt op de overloop zo smerig geworden van die granietblubber dat het ook moest worden vervangen.

Het nieuwe jaar brak aan en er was nog steeds geen badkamer. Wel moest het tapijt op de gang, trap en overloop worden weggehaald. Het roze (!) tapijt vond ik juist een verbindend element in ons huis: van de gang tot aan de zoldertrap versierde het het huis. Zelfs de slaapkamer van m'n ouders en "het kleine kamertje" waren ermee bekleed. Maar nu moest het weg.

Het tapijt werd van de trap gekrabd.

Het was een ongezellige en verdrietige periode in mijn leven. Het huis was sfeerloos geworden en door het vervelende regenachtige en stormachtige weer voelde het erg guur aan in huis, niet in de laatste plaats doordat het badkamerraam open moest blijven. Bovendien was eind van de verbouwing nog lang niet in zicht.

Gelukkig kwam het uiteindelijk nog wel goed. Een nieuwe vloer werd aangelegd, waarna de problemen met kromme panelen werden gladgestreken. Al snel was de nieuwe douche gebruiksklaar. Wel moest de trap nog geverfd worden. Mijn smaak is het niet: de pure en intense houtkleur van de woonkamer, de gang en de overloop werd juist bij de trap onderbroken. De trap werd wit. Wekenlang was er een schilder in huis, dan weer om een paneeltje te voorzien van dertig lagen verf, dan weer om de muur te "sauzen" (het blijft een dom woord) en dan weer om de trap te verven. Om toch boven te komen, was er een "noodtrap" aangelegd, waarmee je vanuit de tuin op het balkon kon komen. Mits je voldoende lef had.

Inmiddels is de verbouwing bijna klaar. Er moeten nog wat kleine dingen worden gedaan, zoals het doucheputje inpassen en het aanbrengen van de traploper, maar het is bijna zover. Dat mocht ook wel na drie maanden. De nooddouche is weg en de wasmachine draait weer. De nieuwe douche ziet er goed uit, al blijf ik het ergens wel jammer vinden dat de oude badkamer er zo respectloos en haastig uit is gebikt. De houten vloer in de gang en overloop vind ik eigenlijk nog steeds niks. Het voelt koud aan en het geluid van in de woonkamer wordt nauwelijks gedempt. Hoewel m'n ouders er vast heel blij mee zijn, vind ik het eindresultaat van deze slopende verbouwing eigenlijk best tegenvallen. Ik denk ook niet dat het de opofferingen waard was.