25 januari 2010

Voorsprong Shear-off smelt als sneeuw voor de zon

Corus

Het eind komt in zicht: de tweede rustdag is aangebroken op het Corustoernooi. Morgen en overmorgen zullen er nog twee partijen worden gespeeld, gevolgd door weer een rustdag en daarna de laatste drie partijen. Een 13-rondig toernooi is toch wel zwaar.

Ondertussen snakt Shear-off naar het einde. Na de rustdag won hij nog van King Look, maar daarna vergaarde hij slechts een punt uit drie partijen. In de zevende ronde verloor hij van Nakamura, die in de achtste ronde als een kind verloor van Kramnik. Kramnik lijkt daarmee de favoriet voor de eindzege te zijn, zoveel mazzel als hij heeft. Tegen Short stond hij verloren, maar de talentvolste schaker ter wereld wenste niet de genadeklap te geven, naar eigen zeggen omdat hij "nerveus" werd. Dat zal hem vast niet zijn overkomen tegen Topalov. Kramnik is niet iemand die veel weggeeft. Hij speelt een beetje als een computer. Beetje wachten en dan profiteren van ieder foutje. Zo speelde hij bijvoorbeeld tegen Smeets, die de ene dreun na de andere krijgt. Speelde hij jaren geleden in de meesterklasse een gemakkelijke remise tegen Kramnik, nu besloot Kramnik ineens af te zien van zijn gebruikelijke Russisch, waardoor hij makkelijk won.

Stellwagen

King Look lijkt op de weg terug. Hij begint weer remises binnen te halen. Het contrast met vorig jaar is echter nog enorm. Toen verloren de Nederlanders amper een partij. Wat is het verschil? Daniel Stellwagen! Hij was vorig jaar de onmisbare schakel. Hij en Smeets wisten bijna constant remise te maken, waardoor zelfs King Look boven zichzelf uitsteeg. Iedereen was vol lof over het trio. Ter vergelijking: vorig jaar verloren ze samen maar zes partijen (ieder twee stuks), dit jaar hebben Smeets en King Look er allebei al vijf.

Tiviakov is ondertussen ook diep weggezakt. Hij speelt erg slecht, maar wat wil je ook als je het Scandinavisch als lijfopening hebt? Op 2200-niveau gaat dat nog wel, tegen 2700-spelers krijgt -ie steeds een lelijke stelling die hij slecht verdedigt.

Waar de Nederlanders voor veel besliste partijen zorgen, spelen de overige deelnemers veelal remise tegen elkaar. Een handige toernooitactiek. Remise spelen tegen elkaar en winnen van de Nederlanders. Kom je toch op 8 punten. Anand heeft de twijfelachtige eer bovenaan te staan in het remiseklassement. Hij maakt een ongeïnspireerde indruk, dus waarom is hij hierheen gekomen? Karjakin verspeelde de gedeelde koppositie door te winnen van Nigel Short. En dat terwijl Short de remise had kunnen pakken. Uiteindelijk verloor de Brit, waardoor hij blijft steken op een magere 2½ uit 8. Goede stellingen niet winnen en slechtere stellingen geruisloos verliezen. Na het bereiken van de 2700 heeft Short weinig meer laten zien, zoals op het "London Chess Classic" in december van vorig jaar. Daar kampte hij met hetzelfde euvel: soms speelde hij goed, maar bleef hij steken op een halfje, soms speelde hij erg slecht en verloor hij. In de achterhoede lijkt dan ook een zekere gelatenheid te zijn bij de spelers, ze vechten er niet meer zo fel voor. Verder worden er veel onhandige keuzes gemaakt, een gebrek aan vorm. Als zelfs het Russisch al geen remise meer oplevert…

Vooraan is het spannender. Shear-off heeft maar een halfje voorsprong op Kramnik en Daydreamer en een vol punt op de wisselvallige Nakamura. Hoewel je niet kunt spreken over "makkies", is Sheer-offs resterende programma verre van licht:

9. Ivantsjoek (z)
10. Anand (z)
11. Kramnik (w)
12. Karjakin (z)
13. Dominguez (w)

Van de favorieten lijkt Nakamura nog het lichtste programma te hebben, hij moet nog tegen een Nederlander, maar hij staat juist het verst achter. Morgen is de kraker Carlsen – Kramnik, een belangrijk duel dat gaat bepalen wie de achtervolger blijft. Ik denk dat dat Daydreamer nog wel kan worden, hoewel zijn resultaten dit toernooi beter zijn dan zijn spel.

B-groep

In de B-groep is Anus hard op weg naar de eindzege. Ongelooflijk, wat is die jongen goed geworden. In 2008 zag ik hem tijdens ons Pinkstertoernooi en toen vond ik het maar een handige rommelaar. Maar rommelaars hebben de toekomst. Hun spel wordt stabieler en uiteindelijk zijn ze nauwelijks te kloppen. Slechts Erwin L’Ami leek dichtbij te komen, maar hij bleef steken op remise. Slechte partijen remise houden, daar herken je een kampioen aan. Overigens ontsnapte L’Ami de ronde daarna zelf aan een nederlaag in een verloren eindspel. Daar kan Nigel Short nog wat van leren. L’Ami behoort tot het groepje achtervolgers, maar de achterstand is al 1½ punt. In de achterhoede heeft Reinderman de rooie lantaarnpaal overgedaan aan de zwak spelende Akobian.

C-groep

In de C-groep doen veel Nederlanders mee. Bovenaan staan de ratingfavorieten. Van de Nederlanders doet Robins Winkels het nog het best. Hij speelt solide en heeft inmiddels vijf punten vergaard. Peng doet het ook niet slecht met 4½. Bobbin heeft 50 procent, maar hij heeft de kneuzen al gehad. Twee keer leed hij een pijnlijke nederlaag in een Siciliaan. BSG’ers opgelet!

Stefan Kuipers heeft 3½ punt en dat is redelijk, Bokmans heeft maar 2½ punt en dat komt vooral omdat hij tactisch zo slecht is. Dat is dan ook het verschil tussen hem en Bobbin. Een gebrek aan zelfvertrouwen, denk ik. Opmerkelijk: waar Bobbin met zwart vaak wordt geveegd in een Siciliaan, overkomt Bok dat met wit steeds.

Onderin heeft Sjoerd Knuppel weer wat halfjes gepakt. Tegen koploper Robson speelde hij met zwart een verdienstelijke remise, waardoor hij gedeeld laatste staat met die chick waar ik in Dieren van verloor.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten