17 juni 2017

Frankfurt

Vorige week was ik een paar daagjes op vakantie in Duitsland. Zoals de titel al aangaf, was het einddoel de stad Frankfurt, in Zuid-Europa vaak aangeduid met Francfort of Francoforte. Het was niet de stad in Oost-Duitsland die door de Oder wordt gescheiden van de Poolse stad Słubice (“Swoebietse”), maar het financiële centrum van Europa.

Donderdagochtend stapte ik vol goede moed met een koffertje en mijn fototoestel de deur uit, klaar om de toerist uit te hangen. Na in totaal vier uur in de trein te hebben gezeten, kwam ik ’s middags in het Amsterdam van Midden-Duitsland aan.

Op het hoofdstation.

Het station had wel wat weg van Amsterdam Centraal, maar dan een stuk lichter en veel vriendelijker ogend doordat de perrons een stuk lager waren. Wat ook meehielp was dat het een kopstation was, waardoor er ook geen laagvliegend treinverkeer was.

In Mainhattan zou ik gezelschap krijgen van Rolex, die uit Frankrijk zou overkomen. Via Frankfurt zou hij vervolgens naar Nederland gaan om een weekje met familie en vrienden af te spreken. Zijn trein zou echter anderhalf uur na de mijne aankomen.

De skyline van het noordelijke deel van Frankfurt.

Aangezien ik nog een tijd op Rolex moest wachten, probeerde ik me nuttig te maken door informatie in te winnen. Bij de toeristeninformatie nam ik een aantal flyers mee van musea die ik eventueel wilde bezoeken. Hoewel ik wist dat alle interessante musea rond een uur of zes ’s avonds sloten, bleken er nog twee musea langer open. Ook konden we in aanmerking komen voor een museumkaart, waardoor we voor een vast bedrag een hoop musea konden bezoeken.

Een kwartier later dan gepland kwam Rolex aan. We propten onze spullen in een kluisje en gingen daarna de stad onveilig maken. De museummarathon begon op de museumsoever aan de zuidkant van de stad in het Deutsches Architekturmuseum. Het was een klein museum met een tentoonstelling over immigratie. Duitsland is een van de weinige landen die migranten en vluchtelingen met open armen ontvangt. Veel van die mensen komen in de regio Frankfurt terecht, want daar heeft de meerderheid van de bevolking namelijk een migratieachtergrond. De tentoonstelling was een lofzang over de multiculturele samenleving, met een hoop cijfermateriaal en (soms lastig te begrijpen) grafiekjes.

Huurprijzen in Frankfurt.

Maar wat het uiteindelijk met architectuur te maken heeft? Er moest natuurlijk nieuwe woonruimte voor de migranten komen. Daarover ging de rondleiding op de eerste verdieping van het museum. Ik kon het niet echt volgen, dus moest Rolex maar een samenvatting geven.

Het was inmiddels alweer na zessen, dus gingen we kijken of we een goedkope maaltijd konden scoren. Na wat zoeken hadden we een pizzeria gevonden waar we voor niet al te veel geld een goede, doch enigszins taaie pizza mochten verorberen.

Het oude stadscentrum van Frankfurt ligt aan de noordoever (links), maar veel musea liggen aan de zuidoever van de Main (rechts).

Het was inmiddels al laat geworden, dus gingen we de Main over naar de Schirn Kunsthalle Frankfurt, dat nog open zou moeten zijn. Er was een expositie te zien van de Amerikaanse kunstenaar Peter Saul (1934). In zijn beginjaren als kunstenaar kwam hij niet verder dan wat wanstaltig geklieder dat het niveau van het buurjongetje van drie niet oversteeg, maar daarna ging het niveau flink omhoog. Vanaf de jaren 70 maakte hij mooie, doch vaak absurdistische schilderijen, die vaak een politieke lading hadden.

We naderden de sluitingstijd van het museum, dus gingen we maar naar het hotel. We haalden onze spullen uit het kluisje, waarna we nog een stuk met de trein moesten. Daarna moesten we nog een stukje lopen. Ik zat er behoorlijk doorheen, dus was ik maar al te blij dat ik eindelijk kon uitrusten. In het hotel was helaas geen airco en we kregen het raam aanvankelijk ook niet open, waardoor het in onze kamer echt flink benauwd bleef.

Frankfurt als centrum van Europa, of zoals ze in Duitsland zeggen: Oiroohpaah.

De dag erop gingen we er weer vroeg uit. Rolex wilde nog de bovenste verdiepingen van het Architectuurmuseum zien. Het hotel stelde twee fietsen beschikbaar. Het was goed toeven langs de oever van de rivier, maar de stad zelf was wat minder toegankelijk voor fietsers. Fietspaden ontbreken vaak in het land van de automerken en de wegen zijn slecht onderhouden.

We parkeerden de fietsen bij het station, waarna we de rivier weer overstaken. Na het Architectuurmuseum was het Städel Museum aan de beurt. In het architectonische hoogstandje werden enorm veel kunstwerken tentoongesteld, waaronder veel kunstwerken van de Hollandse meesters uit de Gouden Eeuw. Voor luie mensen als ik waren er in het museum ook boekwerken waarin alle schilderijen stonden. Helaas was het begeleidende commentaar wel in het Duits, terwijl er bij de schilderijen zelf ook informatie in het Engels bij stond.

Frankfurt heeft wel wat weg van Canary Wharf. De stad is de grote winnaar van de Brexit.

Het laatste museum was Caricatura, een soort strip- of cartoonmuseum. Het voordeel van het museum was dat het redelijk op de route naar het station lag. Er waren veel Hein de Kort-achtige tekeningen of cartoons te zien. De humor was niet altijd even sterk, maar de creatieve vertalingen naar het Engels verdienen veel lof.

Het was inmiddels tien over half drie, dus moesten we gauw weer weg. Helaas bleek het nog best lang te duren voordat we de fietsen hadden teruggevonden, waarna we in de stad zelf ook nog de verkeerde kant op fietsten. Met het mes tussen de tanden reden we naar het hotel toe, waar we onze borg terugkregen en de koffers mochten meenemen. Daarna liepen we stevig door naar station Frankfurt-Höchst, waar gelukkig nog een trein naar het hoofdstation reed. Het boemeltje slaagde er echter in om in de drie tussengelegen haltes meer dan vijf minuten vertraging op te lopen, zodat we iets van vier minuten voordat onze ICE zou vertrekken op het station aankwamen. We haalden de trein nog net, waarna we in de trein nog drie uur lang uit konden hijgen. Of niet, toen bleek dat we onze zitplaatsen hadden moeten reserveren. Dat wist ik niet. Het gevolg was dat we steeds van onze plaats werden verdreven door mensen die wel gereserveerd hadden.

In Utrecht moest ik er dan uit, waarna ik de stoptrein pakte en vanaf het station naar huis liep. Om een uur of negen kwam ik daar eindelijk aan, moe maar voldaan.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten